Hoofdstuk 23


Vers 1

Kehila.

Kehila ligt ten westen van Hebron en ten zuiden van Adullam.

Gath is de dichtst bijzijnde Filistijnse plaats.



Vers 3

Bevreesde manschappen.

De mannen van David zijn bang voor 2 fronten.



Vers 4

Opnieuw.

David vraagt God opnieuw om de vrees van zijn mannen weg te nemen.



Vers 9

Breng de efod.

Abjathar had de efod meegebracht volgens vers 6.



Vers 14

Zif.

Zif ligt ten westen van de Dode Zee, ten westen van Massada.

Zif ligt ten zuiden van Hebron.



Vers 19

De Zifieten verraden David.

Psalm 54 gaat daarover.


Zif.

Zif lag op een alleenstaande heuvel. Men kon David tot ver in de omtrek volgen.



Vers 24

Maon.

Maon ligt iets ten zuiden van Zif.

Van noord naar zuid liggen daar:



Vers 28

Sela-Machlekoth.

= rots van ontkoming.



<