Hoofdstuk 2


Vers 1

Ik schrijf u, opdat...

Hier staat weer een doel van deze brief.

Welk ambt bekleedt Jezus nú?

Hij is Hogepriester aan de rechterhand van de Vader.

Als iemand gezondigd heeft.

Echte zondaren hebben deze echte Verlosser nodig. Deze Verlosser betaalde voor de zonden. Op grond van Zijn verzoeningswerk pleit Jezus als onze Voorspraak.

Dat is het échte evangelie.

Maar... hier staat: "Als we gezondigd hebben".

Zondigen is dus niet normaal voor gelovigen. Ze léven niet in de zonden, maar ze kunnen wel in de zonde vállen.

Gelovigen zijn aan de zonden gestorven. Ze zijn met Christus gekruisigd.

Die dode oude mens is in het doopwater begraven.

Als we iemand begraven, nemen we er definitief afscheid van. Zo ook met het zondige leven.

We léven niet in de zonden, maar we kunnen vállen in de zonde. En als dat gebeurt, dan hebben we onze Voorspraak.

Voorspraak = Parakaleo.

Voorspraak. Ook te vertalen als

Bidden, smeken, pleiten.

Als Jezus bidt of pleit, dan pleit Hij op Zijn verlossingswerk.

Hij deed verzoening in de hemel met Zijn eigen bloed.

Het bloed van het Lam van God is zichtbaar op het verzoendeksel in de hemel. Daar is dé ark.

Hij wordt zeker verhoord, want Hij heeft Zelf voldaan voor onze zonden. Met Zijn offer was Zijn Vader tevreden.


Wíj hoeven onze zaak niet zélf te bepleiten. Wíj zouden geen grond hebben. We zouden dan de straf moeten aanvaarden. We hebben Jezus Die voor ons pleit. Dát betekent vergeving en vrijspraak voor ons.

Wij geloven in Hem, we vertrouwen op Jezus, op Zijn werk. Leg alles in Zijn handen.


Jezus de Rechtvaardige.

Onze Bruidegom heet: Jezus Christus de Rechtvaardige.

Dan heet Zijn bruid ook zo. Ze draagt de achternaam van haar Bruidegom.

Haar achternaam wordt: Rechtvaardige -Zondaar.

De bruid moet dan ook rechtvaardig leven en zo het beeld van Jezus laten zien. Je hoort bij Hem, je leeft met Hem.



Vers 2

Wanneer deed Jezus verzoening?

Een hogepriester bracht op de verzoendag bloed op het verzoendeksel en deed zo verzoening.

Jezus ging ook met Zijn eigen bloed in het binnenste heiligdom in de hemel om daar verzoening te doen.

Verzoening voor de hele wereld.

Over de reikwijdte van de verzoening verschilden de gereformeerde theologen van mening.

  1. Algemene verzoening.
  2. Particuliere verzoening.

In onze tekst staat : een verzoening voor de héle wereld. Er is dus verzoening mogelijk voor iedereen. Jezus droeg de zonden van het hele menselijke geslacht.

Men ís nog niet verzoend, maar zodra je gelooft in Jezus, dan ontvang je die verzoening.

God wil niet dat iemand verloren gaat.

Wordt iedereen zalig?

Algemene verzoening betekent NIET dat ook iedereen zalig wordt. Wie niet gelooft, is ongehoorzaam en gaat om eigen schuld verloren.

Beperking??

Calvijn beperkt het woord "wereld" tot uitverkorenen.

Ook ds.G.H.Kersten (Gereformeerde Gemeente) doet dat bij

Dan is Jezus niet voor iedereen gestorven.

Dat beweert Luther niet. Hij ziet de wereld als één grote menigte mensen die niets geloven.

Zowel in Johannes 4:42 als in 1 Johannes 4:14 heet Jezus de Zaligmaker van de wereld.

L.M.P. Scholten schrijft over de leer van de Ger. Gem. in Ned. : het is onmogelijk dat God aan de verworpenen iets belooft of aanbiedt. Hij haat hen met een vreselijke haat.



Vers 3

Zekerheid.

Hier lees je over de zekerheid van het geloof. Je kent God als je Zijn geboden doet! Gods wet is in het hart van elke gelovige. Gods wet is een stuk van onszelf.

Zijn geboden moeten we niet beperken tot 10 geboden. In NT zijn veel meer geboden.

De geboden van Jezus zijn niet zwaar, maar gemakkelijk uit te voeren.

Geboden wordt zelfs uitgebreid naar "Zijn woord".

Zekerheid van geloof heeft dus alles te maken met de praktijk van de godzaligheid, met onze levenswandel.


De zegen van Gods geboden doen.

Zekerheid ontstaat door:

  1. Jezus richt Zijn brief, de bijbel, aan jou. Lees die brief, herlees die en geloof dat Hij meent wat Hij aan jou schrijft.
  2. Geloof in Gods beloften. Het geloof in die beloften maakt je levend. Psalm 119:49-50.
  3. Getuigenis van de Heilige Geest. Romeinen 8:15-17.
  4. Een goed geweten.
  5. Een goede levenswandel met goede werken.



Vers 4

Wie zegt:"Ik ken Hem"

Dat een bruid haar bruidegom lief heeft, blijkt uit haar daden.

Jezus kennen en liefhebben blijkt uit onze werken. Wie een gelovige ziet, ziet Jezus in hem / haar.

We dóén Zijn geboden. We gáán in Zijn weg. De samenvatting van die geboden is liefde.

Wie in de zonden leeft, volgt Jezus niet en kent Jezus niet.



Vers 5

Samenvatting.

Vers 5 is een samenvatting van de verzen 3 en 4.


Hoe weten we dat we "in Hem zijn?"

Dan doen we Zijn woord met liefde.

Gods woord vertelt ons dat God elk mens wil redden.

Dat moeten we zeker bewaren en doorgeven. Gelovigen nemen Zijn woord in acht. Daaruit blijkt de liefde voor Hem. Ze willen graag dingen doen, waar God blij mee is. Daar hoeft niet speciaal een gebod voor te zijn. Ze hebben de wet in hun hart.


God wil ons behoud.

In Hem zijn.

"In Jezus zijn" heeft grote gevolgen voor ons dagelijks leven.

"In Jezus zijn" bewaart ons voor zonden.

Wie Jezus volgt, komt niet in de duisternis, niet in de zonde.



Vers 6

In Hem blijven.

We moeten leven, zoals Jezus leefde. Navolging van Christus.

Als men ons ziet, moet men Jezus in ons herkennen. Gelovigen hebben zich immers met Christus bekleed.

Wie in Jezus blijft, zondigt niet.

"In Jezus blijven" betekent dat je in het licht wandelt. Wie dat doet, komt niet in de duisternis, niet in de zonde.



Vers 7

Broeders.

Broeders en zusters hebben dezelfde Vader.

Broeders en zusters hebben elkaar lief.

Als deze verkondiging "nieuw" is, dan is dat des te erger voor de lezers. Het is nl. een oud gebod, liefhebben.



Vers 8

Waarom is dit oude gebod toch nieuw?

We moeten nu niet alleen liefhebben zoals we onszélf liefhebben, maar we moeten liefhebben zoals Jézus liefhad.

Dat gaat nog veel verder.


Licht.

Jezus is Het Licht van de wereld.

Bij dit Licht hoort liefde.

Bij dit Licht hoort géén duisternis, dus geen zonde.

De duisternis gaat voorbij.

D.w.z. er komt een einde aan de zonde. Wie iemand haat, leeft in duisternis.

Jezus is Het Licht. Dat licht schijnt in ons. Het is er nu al. Wij zijn nu het licht in de wereld.

Jezus...

Hoever gaat liefde?

Kijk naar Hem.

Liefde offert zichzelf.

Zijn liefde gaf alles.



Vers 9

Wat is duisternis?

Wie Jezus volgt, loopt niet in de duisternis.

Wat is de aanleiding om dit te schrijven?

Waarschijnlijk was er verdeeldheid in de gemeente. Dat is géén teken van liefde.

Dat veroorzaakt duisternis.



Vers 10

Broeders liefhebben.

Dit is een kenmerk van onze wedergeboorte.

Als je dit kenmerk in jouw leven ziet, mag je verzekerd zijn dat je een kind van God bent.


Niets dat anderen doet struikelen.

Struikelen.

Het Griekse woord betekent ook:

Bij iemand die niet in het licht wandelt, kan dus een struikelblok aanwezig zijn, waarover een broeder of zuster kan vallen. Anderen nemen dan aanstoot aan de levenswandel van bepaalde gemeenteleden.

Het is een zegen als er géén ergernis in ons is.

We moeten ook niet tot ergernis zijn.



Vers 11

Een broeder haten.

Wie in de zonde lééft, valt in het verderf. Die persoon leeft immers in duisternis en volgt Jezus niet.


Haat hoort bij duisternis.

Haat hoort bij de zondige wereld.



Vers 12

Kinderen.

De gemeente van Jezus is een vergadering van ware Christenen, 100% gelovigen.

Het gaat dus NIET om "kleintjes" in de genade.


Verkleinwoord.

In het Grieks staat hier een verkleinwoord:

In vers 13 staat géén verkleinwoord.


want of dat?

Vanuit het Grieks kan dit woord "want" ook vertaald worden met "dat". Dat lijkt logischer.

Dus:

Zijn Naam.

Dat is Jezus' naam.

Zijn lijden en sterven is voor ons de basis van vergeving.



Vers 13

Omdat of dat?

Het woordje "omdat" staat 3x in de tekst. Beter kunnen we "dat" lezen.


Vaders.

Ze hebben zich met Christus bekleed.

Jonge mannen.

Ze hebben de boze overwonnen, maar zijn daarmee niet klaar.

Kinderen.

Ze weten dat ze wedergeboren zijn, dus uit God geboren. Ze weten dus dat God hun Vader is geworden. Dat is géén eindpunt, maar een beginpunt. Nu moeten ze groeien naar de geestelijke volwassenheid.



Vers 14

2x hetzelfde aan vaders.

Johannes schrijft 2x hetzelfde. Het is een onderstreping van het vorige. Hij wil de vaders aansporen, om dit ook vol te houden.


De jonge mannen.

In vers 13 staat hun overwinning van de boze.

In vers 14 wordt dat uitgebreid met hun geestelijke staat.



Vers 15

Wat is de wereld?

Jezus heeft de wereld overwonnen.

Hij vraagt van gelovigen ook om de wereld niet lief te hebben.

  1. De zondige wereld, het wereldse. 1 Johannes 2:16.
  2. Het leven waarin de werken van het vlees de boventoon voeren. Galaten 5:19-21.
  3. Alles wat we belangrijker vinden dan Jezus. Lukas 14:26.

Heb de wereld niet lief.

De jongelingen en kinderen zijn geestelijk nog niet volwassen. Ze krijgen daarom een waarschuwing.

Een tegenstelling: liefde tot de wereld en de liefde tot God. Maak de goede keus.




Vers 16

Begeerten van het vlees.

Paulus geeft ook een opsomming.

Dit is van de wereld.

Deze 3 dingen zie je terug bij Eva.

Dit is de wereld ten voeten uit, begeerten opwekken. Het trekt af van God.



Vers 17

De wereld gaat voorbij.

Met haar begeerten.

De wil van God doen.

Vers 5 zei: Gods woord in acht nemen geeft ons zekerheid.

We mogen verzekerd zijn van eeuwig leven.

God let zeker op onze werken.

Zonder heiligmaking zal niemand de Heere zien.



Vers 18

Het laatste uur.

Johannes leefde al in de laatste dagen.

Nu heeft hij het al over het laatste uur.

Besef dan goed, dat wij nu 2000 jaar later, in de laatste seconden leven.

Wees waakzaam!


Veel antichristen.

Er zijn typen van de antichrist, voorlopers van de antichrist.

Hitler is er één.

Haman was er één.

De paus is er ook één.

In onze tijd keert veel zich tegen Christus. Wij kunnen ook veel antichristen ontdekken.


In de tijd van Johannes was de gnostiek anti-christelijk.

Het is een mystiek-religieuze stroming. Die bloeide in de tweede en derde eeuw.

Denkbeelden van de gnostiek:

2 Thessalonicenzen 2:3.


Antichrist.

Zijn geest is tegen Christus. Hij wil zijn in de plaats van Christus.

Hij is een "valse christus". Jezus kondigt hem al aan.

De antichrist wordt zichtbaar als Jezus het eerste zegel van de boekrol opent.

Hij is het beest uit de zee.

Zijn einde is in de hel. Jezus werpt hem daarin als Hij wederkomt.

Wat weten we van de antichrist?

Hij is een persóón. Jezus werpt hem in de hel.

Hij loochent Vader en Zoon.

Hij ontkent de menswording van Jezus.

Hij is de achtste koning.

Hij lastert God en zal Israël aanvallen.

Hij heeft grote macht.

Hij zal een gruwel, een afgodsbeeld, in de tempel plaatsen.

Hij is het beest uit de zee.

Hij ontwikkelt een eigen godsdienst.

Hij komt aan zijn eind vlakbij Jeruzalem.

Zijn einde is in de hel.

Hij heet mens van de zonde, zoon van het verderf.

Hij zal in de tempel zitten en laat zich als god vereren.

Jezus hem zal doden.

Hij doet grote tekenen in kracht van satan.

Hij is de ruiter met de boog, die met 3 volgende ruiters ¼ van de wereldbevolking ombrengt.

Namen voor de antichrist.

De namen wijzen er duidelijk op dat hij een persoon is en niet een systeem.

  1. De vorst die komt. Daniel 9:26.
  2. Een koning, hard van aangezicht. Daniel 8:23.
  3. Een koning bedreven in listen. Daniel 8:23.
  4. Een veracht man. Daniel 11:21.
  5. Een nietswaardige herder. Zacharia 11:16-17.
  6. Zoon van het verderf. 2 Thessalonicenzen 2:3.
  7. De wetteloze. 2 Thessalonicenzen 2:8.
  8. Het beest uit de zee. Openbaring 13:1.
  9. Hét zaad van de slang. Genesis 3:15.



Vers 19

Zij zijn uit ons weggegaan.

Johannes heeft dan de dwaalleraars op het oog.


Het moest openbaar worden.

Afwijkingen in de leer maken duidelijk wie wel en niet bij de gemeente horen.



Vers 20

Zalving met de Heilige Geest.

Die zalving met de Geest ontvangen we zodra we geloven. Het heet ook wel "doop" met de Geest.

Ook Jezus was gezalfd met de Heilige Geest.

De zalving betekent bevoegdheid, bekwaamheid en kracht voor de bediening die de gelovige ontvangen heeft. Het is Gods kracht om Gods werk te doen.

Sinds Pinksteren krijgt elke gelovige de zalving met de Geest. Alle gelovigen hebben een koninklijke, priesterlijke en profetische bediening.

Die kracht van God kan op een bepaald moment ontbreken.

Ook discipelen moesten opnieuw vervuld worden met de Geest.

Druk en vervolging kunnen de zalving doen toenemen.

U weet alles.

U weet alle dingen die tot de zaligheid nodig zijn. Dat komt door de zalving met de Heilige Geest.

Over dit "weten" gaat het ook in

De Heilige Geest leert ons alles over de waarheid en over de toekomst.



Vers 21

Ze kennen de waarheid.

De Heilige Geest leert hen / ons de waarheid. Ook de waarheid over de toekomst.



Vers 22

Antichrist.

Alleen Johannes gebruikt de naam antichrist.

Zie vers 18.


De paus.

De paus kan de antichrist niet zijn, want hij loochent noch de Vader, noch de Zoon.

Hij is wel een type van de antichrist.

De Islam kent wel Jezus, Isa, maar gelooft niet dat Jezus de Zoon van God is. Op de "Dome of the rock" in Jeruzalem staat: Allah heeft geen zoon. Dat is de "geest van de antichrist".



Vers 23

De Zoon loochenen.

De Zoon is de enige Weg tot de Vader.



Vers 24

Laat dit blijven.

Nu gaat het verder dan "houden van de geboden".

Bewaar de zuivere leer.

Houd het woord van God vast.

Wie fundamenteel dwaalt in de leer, heeft geen gemeenschap met God.


In de Zoon blijven.

Als we dit doen, dan bewaart dat voor veel zonden.



Vers 25

God belooft eeuwig leven.

Dat eeuwige leven heeft de gelovige hier op aarde reeds. Als het lichaam sterft, stopt het leven van de gelovige niet.



Vers 26

Ik heb u geschreven.

Hier staat opnieuw een doel van deze brief.



Vers 27

De zalving met de Geest.

Hier gaat het over de Heilige Geest als Kracht.

De zalving met de Geest geeft ons inzicht in de hele waarheid van God en leert ons ook veel over toekomstige dingen.

Ze leren alles wat ze moeten weten voor de geestelijke strijd waarin ze geplaatst zijn.

Zalving en bediening.

Zalving met de Heilige Geest is altijd met het oog op een bepaalde bediening.

Ontwikkel, in afhankelijkheid van de Heere, een bediening, waarin de zalving met de Geest werkzaam kan worden.

De HEERE schenkt een bediening, maar geeft er ook de kracht bij.

Er zijn verschillende bedieningen.



Vers 28

Blijf in Hem.

Dat bewaart ons voor zonde. Dat richt ons voortdurend op Jezus.

Vrijmoedigheid.

Vrijmoedigheid hoort bij een zuiver geweten. Er staat niets tussen ons en God.

Heb vrijmoedigheid als Jezus komt! Blijf in Hem, blijf op Hem gericht, blijf Hem dagelijks verwachten.



Vers 29

Rechtvaardig.

Als we rechtvaardigheid doen, dan vertonen we het beeld van Jezus , de Rechtvaardige.

Dan weten we ook zeker, dat we uit Hem geboren zijn. Geloofszekerheid krijgen we dus ook als we in ons leven de goede werken, de vrucht van de Geest, zien.

Rechtvaardigheid staat trouwens niet in Galaten 5:22, maar is een mooie aanvulling.



<