Hoofdstuk 1


Vers 1

Wij.

De apostelen.


Het begin.

Doelen.

In deze brief heeft Johannes meerdere doelen.

  1. Heb gemeenschap met elkaar. (vs 3 + 7) (gemeenschap der heiligen) Handelingen 2:42 2 Corinthiërs 8:4.
  2. Heb gemeenschap met de Vader. Vs 3.
  3. Heb gemeenschap met de Zoon. Vs 3
  4. Zo wordt uw blijdschap volkomen. (vs 4)
  5. Opdat u niet zult zondigen. 1 Johannes 2:1.
  6. Opdat we zullen weten dat we het eeuwige leven bezitten.1 Johannes 5:13.

Dus:



Vers 2

Het leven is geopenbaard.

Jezus zegt: "Ik ben het Leven".

Toen Jezus kwam, is het eeuwige leven ons geopenbaard. Johannes zag Hem, hoorde Hem, voelde Hem. Hij is ooggetuige. Wie in Jezus gelooft, heeft eeuwig leven.

Jezus was bij de Vader.



Vers 3

Wat we gezien en gehoord hebben.



Vers 4

Blijdschap.

Een doel van deze brief is dat de gemeenschap wordt beoefend. Dat is een leven met blijdschap.

Ook Paulus vindt de blijdschap in de Heere belangrijk. Blijdschap hoort bij de geestelijk volwassen gelovige.

De Zoon is de bron van blijdschap voor de Vader.

God schiep de mens voor de vreugde. De áfwezigheid van de vreugde kwam ná de zondeval. God brengt Zijn schepping terug naar de eeuwige blijdschap.

Ook de Psalmen roepen vaak op tot blijdschap in de HEERE.

Andere doelen van deze brief.

  1. Niet zondigen.

2. Zekerheid in het geloof.



Vers 5

God is licht.

Boodschap 1: God is licht.

Dus, wie met God leeft, kan niet de werken van de duisternis doen. Gods licht past niet bij de duisternis = zonde.


Jezus is het Licht van de wereld. Wie Hem volgt, komt niet in de duisternis.

Jezus' weg is immers nooit een zondige weg!


Geen duisternis is in Hem.

Er is geen zonde in Jezus, maar Hij kan ook niet met de zonde leven.



Vers 6

Wandelen of vallen.

Gelovigen kunnen wel in de zonde vallen, maar ze kunnen er niet in wandelen, niet in leven.


Woorden en daden moeten kloppen.

Wie niet in de waarheid wandelt, heeft geen godsvrucht.

Het Woord is niet in ons als we in duisternis (= zonde) wandelen.

Er is dan geen godsvrees.

Wie Mij (=Jezus) volgt, zal in de duisternis beslist NIET komen.

Wie in Hem is, zondigt niet.



Vers 7

In het licht wandelen.

Wie in het licht van God wandelt, heeft

  1. Gemeenschap met God.
  2. Gemeenschap met de ander.
  3. Vergeving van zonden.

Jezus' bloed reinigt.

Het Grieks geeft een voortdurende handeling aan. Dagelijkse reiniging.

Zonde.

Zonde (enkelvoud) is meestal de zondemácht.


"Alle zonde" kan ook zijn:

Degene die de zonde tegen de Heilige Geest deed, die weigert altijd om daarover vergeving te vragen. Die heeft ook geen enkel berouw daarover. De Heilige Geest overtuigt ons van zonden, maar dat gebeurt bij deze persoon niet. Dan wordt zijn zonde ook niet vergeven.



Vers 8

We hebben zonden.

Dagelijks zondigen wij.

Onze "meisjesnaam" is zondaar.

Als we door geloof bij de bruid van Jezus horen, dan mogen we Zijn achternaam dragen en ons daarmee ook voorstellen.

Jezus heet: Jezus, Christus de Rechtvaardige.

De naam van een gelovige is dus:



Vers 9

God is getrouw.

  1. God is trouw aan Zijn eigen woord. Jesaja 45:22. Hij is de Betrouwbare. Psalm 86:15. Hij belooft vergeving. Psalm 130:4.
  2. God is trouw aan het werk van Zijn Zoon, Die aan Gods recht voldeed. Johannes 3:16. Jezus deed Gods wil. Psalm 40:9.

God is rechtvaardig.

  1. God heeft de zonde gestraft aan Jezus. Eén keer straffen is genoeg en rechtvaardig. Daarmee is God tevreden. Mozes mocht slechts 1X op de rots slaan! 1 Corinthiërs 10:4.
  2. God straft de zonde niet twee keer, want dat is ónrechtvaardig. Wie in Christus is, is daardoor verlost van de straf.

We kunnen beter onze zonden belijden dan ontkennen.

Achter elke ware zondenbelijdenis steekt altijd de kracht van de Heilige Geest.



Vers 10

We doen zonden.

Maar het is grote genade dat gelovige zondaren zich toch rechtvaardigen mogen noemen.

De bruid van Jezus stelt zich voor met de naam van de Bruidegom.

Hij heet: Jezus de Rechtvaardige. Zij heet dus Rechtvaardige -Zondaar!

Hoe stel jij je voor, als zondaar of als rechtvaardige?



<