Hoofdstuk 10


Vers 1

Zeventig.

Dit getal kan, volgens de rabbijnen, 2 kanten op wijzen.

  1. Het evangelie voor de Joden. 70 wijst dan naar de 70 oudsten in Numeri 11:16.
  2. Het evangelie voor de volken. In Genesis 10 worden, als afstammelingen van Noach, 70 volken genoemd.



Vers 5

Begroet het.

De groet: vrede zij u.



Vers 6

Je vrede zal naar je terugkeren.

Dit is een hoopvol woord wanneer een zegen of woord niet succesvol blijkt of zelfs wordt verworpen. Zonder dit woord zou ik geneigd kunnen zijn om ontmoedigd rond te lopen.



Vers 11

Schud het stof af.

  • Handelingen 13:51.
  • Handelingen 18:6.
  • Nehemia 5:13.




Vers 12

Erger dan Sodom.

Gods woord horen zonder het aan te nemen, is erger dan de zonden van Sodom en Gomorra.



Vers 15

Hel.

Letterlijk:Hades

Hades = dodenrijk.

Het Griekse woord voor hel, het helse vuur, is gehenna.



Vers 17

70 volgelingen werpen demonen uit.

Het uitwerpen van demonen was dus niet alleen voorbehouden aan de apostelen.

Ook Markus 16:17 spreekt over het uitwerpen van demonen in de toekomst. Daar is het een opdracht voor gelovigen en echt niet alleen voor apostelen.

De kerkgeschiedenis maakt duidelijk dat het uitwerpen van demonen gewoon is doorgegaan.



Vers 18

Bliksem.

Bliksem is een prachtig licht-spektakel.

Lucifer was morgenster, lichtdrager. Volgens Ezechiel 28:16-17 wierp God hem, na zijn val, op de aarde.

Zijn licht doofde. Hij werd vorst der duisternis.

Ook Daniel 8:10 spreekt over dit voorval.


Satan uit de hemel vallen.

Satan ging vanuit de hemel der hemelen naar de hemelse gewesten.

Door deze uitspraak zegt Jezus eigenlijk ook dat Hij de Messias is. Volgens de Joodse traditie is de uiteindelijke val van satan in de Messiaanse tijd.

Dat klopt:



Vers 20

De geesten zijn onderworpen.

Opgeschreven in de hemel.

Dit is een zinspeling op het boek des levens.



Vers 21

Ik dank U.

Het grondwoord is veel sterker dan deze vertaling. Het is een vreugdekreet.


Wijzen.

Dat zijn de schriftgeleerden.


Kinderen.

Dat zijn de gelovigen, de volgelingen van Jezus. Zij mogen de "verborgenheden van het koninkrijk " verstaan.


Er komt nu ook ruimte voor de heidenen.

Voor wijzen verborgen.

De verborgenheid is de gemeente. De Joden verwerpen de Koning. Het koninkrijk in aardse vorm verschuift naar de eindtijd.

Het koninkrijk gaat in geestelijke vorm naar de heidenen . Het christendom ontstaat op de pinksterdag.




Vers 22

Alle dingen zijn Mij overgegeven.



Vers 23

Zalig zijn de ogen die zien.

De gelovigen zien in Jezus de Messias. Ze horen over de geheimenissen van het koninkrijk en ze begrijpen dat.



Vers 25

Het eeuwige leven beërven.

Eigenlijk vraagt hij:"Wat moet ik doen om deel te krijgen aan de "toekomstige eeuw" = Messiaanse rijk.

Hij vraagt dus niet : Wat moet ik doen om in de hemel te komen.

De ogen van de Joden waren gericht op de komst van de Messias en Zijn rijk.

Simeon en Anna en anderen verwachtten de vertroosting van Israël.

En ze verwachtten de verlossing van Jeruzalem, dus het Messiaanse rijk.



Vers 28

Doe dat en gij zult leven.

Jezus citeert Leviticus 18:5.



Vers 31

De priester.



Vers 37

Barmhartigheid.

Grieks: eleos.

In die tijd beperkten de rabbijnen de naastenliefde tot volksgenoten en proselieten. Jezus maakt de kring groter.



<