Een last.
De HEERE eist dit gebied Hadrach in Syrië op. Dat gaat horen bij het toekomstige grondgebied van Israël.
Aan het begin van het vrederijk geeft God opdracht om Zijn land te verdelen voor de stammen van Israël. Dat staat al beschreven in
De HEERE heeft oog voor mensen.
Het woord "ogen" hoort bij het woord waar het vóór staat.
Het woord "ogen" hoort taalkundig bij "mens" en NIET bij "HEERE" in deze tekst.
Dus:
De mens richt zijn ogen op wat de HEERE gaat doen voor Israël. God vervult Zijn belofte. Het land zal de aan Abraham beloofde grootte krijgen.
Vers 1 anders vertaald.
VdW: herziene druk vers 1.
Hadrach, Hamath, Damaskus.
Dit zijn 3 namen van Syrische plaatsen die binnen de grenzen komen te liggen van het toekomstige Israël.
Hadrach.
Een stad of streek in Syrië.
Hamath.
Een Syrische stad aan de rivier Orontes, dichtbij de grens met Israël.
Sidon.
Sidon was een zoon van Kanaän en kleinzoon van Cham.
Het gebied van Sidon hoorde bij het gebied dat aan Israël was toegedacht.
In het vrederijk gaat dit gebied wel bij Israëls grondgebied horen.
VdW:
Ook Hamath, Tyrus en Sidon zullen vallen binnen de grenzen van het toekomstige rijk van de Messias.
Tyrus bestond uit 2 delen.
Vestingwal en rijkdom.
Noch de muur, noch de zee, noch de rijkdom zal de val van Tyrus kunnen voorkomen.
De val kwam in 331 v C toen Alexander de Grote Tyrus veroverde.
Gods straf over de volken.
In dit gedeelte gaat het over het lot van de volken ten noorden en ten westen van Israël.
Ze worden gestraft om wat ze Israël aandeden.
In het vrederijk gaat hun gebied horen bij het grondgebied van Israël.
Ondergang van Tyrus.
Dit is gebeurd onder Alexander de Grote in 331 v Christus.
Dit is een voorvervulling. De verzen 9 en 10 laten zien dat de uiteindelijke vervulling in de eindtijd zal zijn.
Hij zal zijn vesting in de zee verslaan.
Nieuw-Tyrus lag op een eiland in de Middellandse Zee, voor de kust.
Anders vertaald.
Ondergang van de Filistijnen.
Hier worden vier van de vijf Filistijnse steden genoemd. Ze zullen ten onder gaan.
Filistijnen zijn nakomelingen van Cham.
Gath.
Gath wordt niet genoemd. Deze stad was in 711 al door Assyrië verwoest. Of is Gath de eerdere verwoesting door koning Uzzia nooit te boven gekomen?
Ook Asdod werd door Assyrië verwoest.
Gaza.
Na de Gaza-oorlog (2023-2025) is Gaza voor een groot deel verwoest. Is dit al een vervulling?
Verwachting beschaamd.
De Filistijnen hoopten op steun van Tyrus, maar die hoop zal beschaamd worden.
De bastaard.
De trots uitgeroeid.
God roeit wel hun trots uit, maar niet het volk. De Filistijnen krijgen zelfs een plaats onder het herstelde Israël zoals vroeger de Jebusieten die in Jeruzalem woonden, toen David de stad veroverde.
David kocht later de dorsvloer van Arauna de Jebusiet.
De Filistijnen hadden het Israël heel moeilijk gemaakt.
Bloed uit de mond verwijderen.
De Filistijnen waren wreed. God doet hun roofzucht teniet. De Palestijnen, die nu in de Gazastrook wonen, hebben ook een grote haat tegen Israël. Veel terreur, veel aanslagen, en vooral de wrede aanval 7 oktober 2023.
Hij zal overblijven voor onze God.
VdW:
De Filistijnen (nu wonen daar Palestijnen) zullen worden opgenomen in Israël. Dat is in het verleden nooit gebeurd. De Gaza-oorlog 2023-2025 laat dat duidelijk zien. Duidelijk is dus, dat deze profetie in de eindtijd wordt vervuld. Nu wonen in de kuststrook de Palestijnen, inderdaad een bastaardvolk. (Vers 6)
Jebusiet.
David veroverde Jeruzalem op de Jebusieten. Ze werden niet totaal uitgeroeid, maar een overblijfsel woonde onder Israël.
David koopt de dorsvloer van de Jebusiet Arauna.
Jebusieten stammen af van Kanaän, zoon van Cham.
Ook de Filistijnen stammen af van Cham.
Mijn huis. (Eindtijd)
Wat kan Mijn huis zijn?
Vanwege het leger.
VdW:
God gaat Zijn tempel of Zijn volk of Zijn land beschermen tegen oorlogsgeweld. Dit gebeurt aan het eind van de grote verdrukking. Jesaja profeteert erover en plaatst dat ook in de eindtijd als "de Spruit", Jezus, regeert.
De antichrist zet zijn beeld, de gruwel, in deze tempel.
Met eigen ogen gezien.
Anders:
Geen onderdrukker meer.
Dit kan niet slaan op de tweede tempel uit de tijd van Zacharia.
Vanaf Nebukadnezar zijn er altijd onderdrukkers geweest in Israël.
In de tijd van Zacharia waren de Meden en Perzen de baas. Later de koningen van het rijk van de Seleuciden, o.a. Antiochus IV Epifanus, hét type van de antichrist.
Daarna de Romeinen.
De onderdrukking van Israël ging door tot 1948.
Ook daarna waren er veel vijandigheden en was er veel terreur. Ook diverse oorlogen met omringende landen.
Toekomstprofetie.
Zacharia ziet het koningschap van de Messias al bij de éérste komst van Jezus. Er was wel een intocht in Jeruzalem, maar helaas, door ongeloof van Israël, werd Jezus géén koning en kwam er geen vrederijk waar vers 10 over spreekt.
Het volk haalde Jezus als koning binnen, maar de priesters zegenden Hem niet vanuit het heiligdom, de tempel van de HEERE.
De priesters hadden Hem als Messias moeten erkennen en Hem moeten kronen met de tiara die de profeet Zacharia liet maken.
Die kroon was voor "de Spruit", voor Jezus, gemaakt en werd in de tempel bewaard.
Dochter van Sion.
Dat is het volk van Jeruzalem. Het gaat om Joden.
De kanttekening SV heeft géén zicht op het vrederijk op aarde en maakt ervan:
Uw Koning.
De Messias.
In Mattheus 21:5 wordt deze profetie van Zacharia 9:9 gedeeltelijk vervuld in Jezus' leven.
Het vervolg (vs 10) blijft, door ongeloof van het volk, helaas onvervuld.
Arm.
= nederig.
Het betekent niet dat Jezus géén geld heeft.
Mattheus 21:5 spreekt over "zachtmoedig".
Ezelveulen.
Het jong van een ezelin.
Deze uitdrukking wil zeggen dat het veulen nog gezoogd werd en dat er nog niemand op gezeten had.
Er is een verband met Genesis 49:10-11. Daar gaat het ook over Jezus, die daar Silo heet. Hij zal het jong van de ezelin aan de wijnstok binden.
Door op een ezelsveulen Jeruzalem binnen te gaan, claimde Jezus dat Hij de Messias was, de hier beloofde koning.
Ooit maakte de profeet Zacharia een tiara voor "de Spruit". Die kroon werd in de tempel bewaard.
Het priesters geloofden niet dat Jezus de Messias was. Door dit ongeloof werd het koninkrijk uitgesteld. Het kreeg een geestelijke vorm.
Het koningschap zal Jezus krijgen nu Hij in de hemel is.
Als dat gebeurt, komt Hij ook snel naar de aarde om hier Zijn koninkrijk te vestigen.
Efraïm en Jeruzalem.
De kanttekening SV verklaart "Efraïm":
Vreemd toch. De gemeente van Christus bestaat voor het grootste deel uit gelovige heidenen.
Hij zal vrede verkondigen
Hij = Jezus, de Messias.
De engelen zongen: "Vrede op aarde".
Dat zal vervuld worden.
In Micha 5:4 is Jezus "de Vrede zelf".
Ook dat hebben de engelen bedoeld. De Vrede was op aarde gekomen in de persoon van Jezus.
Jezus proclameert de vrede, Hij dwingt die af. Hij regeert in vrede en gerechtigheid. Het vrederijk is dan aangebroken.
Zwaarden worden omgesmeed tot ploegscharen.
Jesaja en Micha plaatsen hun profetie over de vrede ook duidelijk in de tijd van het Messiaanse rijk.
Dit alles had bij de eerste komst van Jezus vervuld kunnen worden, maar Israël verwierp de Messias. Daardoor is vers 9 wél vervuld, hoewel gedeeltelijk, maar vers 10 is nog niet vervuld.
De kanttekening SV heeft geen zicht op het aardse vrederijk en verklaart het zo:
Geestelijke vrede.
In Ef 2:14-22 gaat het over het verkondigen van vrede, die een zondaar ontvangt als hij zich bekeert.
Ook over vrede tussen bekeerde Joden en bekeerde heidenen. Samen vormen ze één gemeente.
Maar... een geestelijke vervulling staat een letterlijke vervulling niet in de weg.
Eufraat.
Deze naam staat NIET in de grondtekst.
Het bloed van uw verbond.
Uw gevangenen vrijlaten.
"Vrijlaten" is niet de vertaling van de grondtekst. Deze vertaling komt uit de Septuaginta.
Letterlijk staat er:
"Uw gevangenen" zijn de overleden Joodse gelovigen. Uit de heidenwereld waren slechts weinig godvrezende mensen.
Uit de put / dodenrijk.
Het grondwoord betekent in de bijbel vaak gevangenis.
Voor put en gevangenis staat hetzelfde Hebreeuwse woord. Zonder lidwoord kan het ook het dodenrijk zijn.
De weggezonden gevangenen zijn de gelovigen uit het OT.
In Ef 4:8 lezen we ook hoe Jezus aan gevangenen de vrijheid geeft. Hij deed dat heel kort na Zijn intocht in Jeruzalem. Hij deed dat bij Zijn opstanding.
Ook Psalm 68:19 verwijst ernaar. Na de opstanding van Jezus, dus na Zijn overwinning op de dood, kreeg Hij de sleutels van het dodenrijk volgens
Zo kon Hij de gevangen gelovigen bevrijden. Dat hoorde ook bij Zijn taak volgens
In Lukas 9:31 staat dat Mozes en Elia ook met Jezus spraken over Zijn "exodus", Zijn uittocht. Dat betekent niet "Zijn sterven", want daarvoor bestaat een ander Grieks woord. Een uittocht is een massaal gebeuren.
Kan er een vervulling zijn in de tijd van Zacharia?
Nee. Toen Zacharia dit profeteerde waren de Joden al gedeeltelijk teruggekeerd naar Jeruzalem. Zij waren verlost "uit de put", maar dit was al vóór deze profetie gebeurd.
Kan er een vervulling zijn in de toekomst?
Ja, want God zal de Joden terugbrengen in Zijn land. Daarover zijn de profeten duidelijk.
Een put waarin geen water is.
In het dodenrijk klaagt de rijke man dat hij dorst lijdt. Hij vraagt aan Abraham of Lazarus water wil brengen.
Burcht.
bitstsârôn.
Dit woord staat maar 1x in de bijbel en is betwist wat de vertaling betreft.
Het betekent zoiets als:
Deze OT-gevangenen stierven in geloof en in de hoop op een beter vaderland.
Jezus bevestigt dit zelf.
Daar heeft Hij het ook over "Mijn dag".
De kanttekening SV die geen zicht heeft op het vrederijk verklaart:
Dubbel vergoeden.
De OT-gelovigen waren als gevangenen in het dodenrijk.
Ze waren, net als Lazarus en Abraham, Lukas 16:23, aan de goede kant, die Jezus paradijs noemt in Lukas 23:43.
Voor deze gevangenschap krijgen ze, na hun verlossing, een dubbele vergoeding.
Terugkeer van de Joden.
Ná het jaar 70 zijn de Joden in gevangenschap gegaan. Ze zullen daaruit verlost worden.
De Joden zullen terugkeren in de eindtijd. Ze zullen een veilig toevluchtsoord (burcht) vinden in Gods land. Ze krijgen een dubbele troost.
We zien die terugkeer gebeuren. Dat zegt alles over de tijd waarin we leven. Wees waakzaam!
Weer één volk.
Juda en Efraïm, het 2- stammenrijk en het 10-stammenrijk, worden in het vrederijk weer één volk, met één Koning, nl. Jezus. De profeet Ezechiël beschrijft dat prachtig.
Ik uw zonen, Sion, ..
Dus "zonen" hoort niet bij Sion, maar bij Efraïm en Juda.
God straft d.m.v. Israël.
God straft de vijanden in Jeruzalem en daarvoor gebruikt Hij het bekeerde Israël. Juda is de boog, Efraïm de pijl.
Jeremia beschrijft Israël als Gods strijdhamer.
Dat is toch duidelijk toekomstprofetie.
Griekenland.
Uitleg van de tekst.
De zonen van Juda en Efraïm zullen Sion, Jeruzalem, zuiveren van de aanhangers van de antichrist en de valse profeet en satan. Dit speelt zich af kort ná de wederkomst van Jezus.
Zacharia zag Jezus' komst en Zijn rijk nog kort ná elkaar gebeuren, maar door het ongeloof van Israël werd de komst van het vrederijk uitgesteld.
Boven hen verschijnen.
"Hen" worden in vers 15 beschermd.
Jesaja spreekt ook over een bijzondere bescherming van Jeruzalem door Gods wolk, de Sjechina.
We lezen dat ook in
Optrekken en op de bazuin blazen.
Wat hier wordt beschreven staat uitgebreider ook in Psalm 47:6
Ook Jezus zelf spreekt over de bazuin als Hij wederkomt.
Jezus komt op de Olijfberg en al Zijn heiligen en engelen met Hem.
Jezus komt met een hemelse legermacht. Jezus rekent na Zijn wederkomst af met de vijandige volken, met de antichrist en de valse profeet en Gog.
Als een bliksem.
Jezus zelf vergelijkt Zijn wederkomst met een bliksem.
Zuiderstormen.
Dat zijn gevreesde woestijnstormen die de hemel verduisteren.
De Engelse KJV heeft: wervelwind.
Jezus redt de Joden.
Zij zullen eten.
Het grondwoord betekent ook verteren.
De vijanden worden verteerd. Over dat "verteren" lezen we ook in
Daar gaat het over een plaag die de vijand verteert.
Drinken en feestgedruis.
De Joden, die de vijanden hebben overwonnen, zullen feestvieren en zingen van vreugde.
Hoeken van het altaar.
Hij zal Zijn volk verlossen.
Zij schitteren in Zijn land.
Anders vertaald:
Dit is eindtijdprofetie.
Zijn volk, Zijn land.
Zijn geluk, Zijn schoonheid.
Wat wordt bedoeld met "zijn"?
Koren en wijn.
Grote vruchtbaarheid zal er zeker zijn in de tijd dat Jezus regeert.
Nu heel Israël gelooft en God dient en Jezus als hun Messias erkent, vervult God Zijn beloften.
Ook de profeten Joël en Jesaja plaatsen de vervulling van de beloften in de eindtijd.
Wij leven in die eindtijd.
Wees waakzaam.
Verwacht Jezus elke dag.