Hoofdstuk 10


Vers 1

Vraag de HÉÉRE.

De klemtoon op HEERE. Hij geeft alles en de afgoden geven niets. Maar... afgoden werden niet meer gediend ná de ballingschap. Dus... dit moet toekomstprofetie zijn.

Afgoden worden wél gediend in de eindtijd, want dan wordt het beeld van de antichrist aangebeden. Als er dan droogte is, gaat men tot de afgoden roepen. God geeft dan verwoestende regens. We zien er al iets van in "klimaatsverandering". Dat zet door.


Regen.

Er staan in de grondtekst 3 verschillende woorden voor regen:

  1. Late regen, dus lenteregen, in maart/april.
  2. Gewone regen.
  3. Slagregens, voortdurende regen.

De combinatie hier duidt op verwoestende regens.


Gewas op het veld.

Het gaat over spontaan opkomende begroeiing. Dat gaat over "onkruid", nutteloze begroeiing. Het geheel van onweer, verwoestende regen en onkruid wijst op oordeel.

Dus:

Terug in de tijd van Zacharia?

Ook in Haggai 1 lezen we dat het niet goed ging met de oogsten. De oorzaak was dat de tempelbouw stilgezet was.

Zacharia spoort aan om het heil bij God te zoeken en niet bij afgoden. Maar... na de ballingschap dienden de Joden geen afgoden meer. Dus moet de tekst toekomstprofetie bevatten.



Vers 2

Afgodsbeelden.

Die afgodsbeelden waren er ná de ballingschap niet meer. In de eindtijd zijn ze er wel, terafim, huisgoden, of kopieën van het beeld van de antichrist die men in huis heeft.


Waarzeggers spreken bedrog.

Ze spreken kwaadaardig.

Het vertolkt kwaad tot in de diepste geledingen.


Ze troosten met vluchtige woorden.

Waandenkbeelden. Dat is de schrale troost door de waarzeggers.


Daarom zijn zij weggetrokken.

Dus:

Dit gebeurt in de grote verdrukking. De mensheid wordt door ramp op ramp getroffen en is totaal de weg kwijt. Ze dolen rond, zonder herder.


In SV staat ook de rest van de tekst in de verleden tijd. De tijd van de vervulling is dan eerder dan de profetie van Zacharia. Die vertaling wordt beïnvloed door de dogmatiek en de uitleg.

Het gaat over toekomst.



Vers 3

Herders en bokken.

Kunnen 2 verschillende woorden over dezelfde personen gaan, "blinde leiders van het volk"?

Dat lijkt niet logisch.

Die leiders / herders verheffen zich boven de gewone man en onderdrukken. De herders zijn hier slechte herders, slechte leiders. Denk aan de antichrist en de valse profeet en Gog.

In de grondtekst staat: bokken. Het gaat om bekende bokken of om bijzondere bokken. Bok is vaak zinnebeeld van vijandige machthebbers.

bokken, dat moeten waarschijnlijk de bokken van Azazel zijn.

Azazel is een demon.

Op de verzoendag werd de bok voor Azazel met zonden beladen en daarna de woestijn ingestuurd.

Deze slechte leiders zijn de leiders in de eindtijd, handlangers van satan, van de antichrist, van de valse profeet en van Gog. Zoals de bok voor Azazel, die op de verzoendag de woestijn werd ingestuurd, zullen zij omkomen. Gods toorn treft hen.

Bokken en schapen gaat Jezus scheiden. Bokken mogen Zijn rijk niet binnengaan.

Zijn kudde, Zijn huis.

Vóór "kudde" en "huis" staat het woordje "eth". Dat is niet vertaald. Als we "eth" wél vertalen staat er:

Als Zijn prachtige paard.

God zal zich ontfermen over Israël. Israël krijgt nieuwe levenskracht.

God zorgt voor de overwinning, maar Hij gebruikt er Israël voor.

Juda is Gods boog en Efraïm is Gods pijl, profeteert Zacharia.

Juda = 2-stammenrijk.

Efraïm = 10-stammenrijk.


Zacharia profeteert opnieuw over de macht van Israël. Israël is als een vuur bij hout of graan. Zo zal Israël vijandige volken verteren.

Over de macht van Israël profeteert ook Micha. Israël is als een leeuw tussen schapen.



Vers 4

Daaruit.

Letterlijk:

Hem wijst terug naar "Hij" in vers 3, en dat is God.


Uit God komt de Hoeksteen voort.

Dat wijst hier op Jezus. Jezus komt voort uit God.

Jezus komt Zijn volk te hulp, als Hij op de Olijfberg wederkomt.

Hij is hét fundament van het vrederijk.


Tentpin.

Dat is opnieuw Jezus.

Het wijst naar

Eljakim is daar een type van Christus.


Strijdboog.

De vestiging van het Messiaanse rijk gaat niet zonder strijd. Juda is dan Gods boog en Efraïm is Gods pijl.

Jezus zelf heeft een zwaard.

Onderdrukkers.

Beter:

De heersers, voorheen onderdrukkers, zullen zich aan de regerende Messias onderwerpen.

Ze heten "voormannen" in

Voortkomen.

De basisbetekenis van het grondwoord is:

VdW :

Dus: de heersers, de vazallen van de Messias, zullen opgaan naar Jeruzalem om de Koning te aanbidden en Hem eer te bewijzen.



Vers 5

Zij zullen als helden..

Israël zal Gods prachtige paard zijn in de strijd.

Die helden zijn de Joden. Met hulp van de HEERE verslaan ze de vijanden.

Dat gebeurt zelfs als de vijand machtiger lijkt, meer cavalerie heeft.



Vers 6

Huis van Jozef.

Vóór "huis" staat het woordje "eth". Als we dat wél vertalen staat er:

Dit is dus toekomstprofetie , want Juda, het 2-stammenrijk en Jozef, het 10- stammenrijk worden weer 1 volk Israël. Jezus zal over deze 12 stammen koning zijn.

We zien dat reeds in onze tijd gebeuren dat Israël terugkeert.

Als we dit zien, moeten we ons hoofd omhoog heffen, want dan is onze verlossing dichtbij.

Ik zal hen terugbrengen.

Alle 12 stammen komen weer terug in Kanaän. God ontfermt zich over hen.

We zien het vervuld. In 1948 kreeg Israël weer een eigen staat. Steeds meer stammen komen terug naar Israël.


God ontfermt Zich over Israël.

Hosea moest zijn dochter Lo-Ruchama (= niet ontfermd) noemen.

Nu lezen we dat God Zich weer zal ontfermen over Zijn volk. Het wordt nu Ruchama. (= ontfermde)

Ook Hosea schreef daarover.

Israël was verstoten, maar God zal zich weer ontfermen.

God had Israël verstoten. Jeremia spreekt daar al over.

Jeremia spreekt ook over grote troost, want God blijft trouw aan Zijn verbond! God verwerpt Israël niet.



Vers 8

Naar Mij toe fluiten.

Zoals we een hond fluiten die we bij ons willen hebben, zo fluit God Zijn volk naar Zijn heilige land.


Zo talrijk als ze waren.

Talrijk zoals ze vroeger waren. Ook Jesaja profeteert dat.



Vers 9

Ik zal hen uitzaaien.

In de grondtekst staat nadrukkelijk tegenwoordige tijd.

Dus :

Dit "gezaaid zijn" is dus een op dat moment bestaand feit. Het gaat over de tien stammen die in de tijd van Zacharia al in de verstrooiing waren. Maar in die bestaande verstrooiing zullen ze zich hun God herinneren, zich bekeren en met hun kinderen naar het land Israël terugkeren.

Na het jaar 70 zijn vrijwel alle Joden over de aarde verspreid, "gezaaid".


Aan Mij denken.

Letterlijk:

Zij zullen leven.

Het betekent:

En terugkeren.

Dit laat zien dat het hier gaat om toekomstprofetie.



Vers 10

Terugbrengen.

Dit vers 10a wordt letterlijk vervuld. We zien dat in onze tijd gebeuren. Zo zal ook 10b letterlijk vervuld worden.

In de toekomst is er ook heil voor Egypte en Assyrië.


Maar dat zal voor hen niet toereikend zijn.

Letterlijk:

Het land Israël, ten westen van de Jordaan, zal te klein zijn voor alle stammen.

Vandaar de uitbreiding naar het Over-Jordaanse Gilead en naar het noorden.



Vers 11

Hij zal...

Er staat in deze tekst 2x Hij.

De eerste keer: = Israël.

De tweede keer: = God.

Het kan ook zo zijn dat "Hij" twee keer Jezus is.

Als Hij wederkomt, komt Jezus als er grote benauwdheid is. De volken benauwen Israël. Jezus zal de golven van de volkenzee neerslaan.


Kanttekening SV:

Hij = Zijn volk.

God zal die ziedende zee slaan en Zijn volk verlossen.

Zee van benauwdheid.

Zee van verdrukking.

De volken benauwen Israël.

Als Jezus wederkomt, komt Hij in die "zee van benauwdheid".

Assyrië is immers ook een beeld van de antichristelijke macht in de eindtijd.

Ook Egypte wilde Israël uitroeien.

Jezus slaat die "volkerenzee" en ze wordt stil.


Uitdrogende rivieren.

Tijdens de grote verdrukking zijn er zeer zware aardbevingen.

We lezen dat ook in

Als Jezus wederkomt is er een grote aardbeving. Zelfs de Olijfberg zal splijten.

Deze aardbevingen kunnen ook de loop van de Nijl verleggen, zodat de huidige Nijl uitdroogt.


De trots van Assyrië.

Ook de Eufraat, de trots van Assyrië, zal uitdrogen. We lezen dat ook in

In maart 2026 staat het waterpeil van de Eufraat nog steeds relatief laag, maar er zijn regionaal enkele tekenen van verbetering door recente regenval. Het algemene beeld is echter dat de rivier zich nog in een langdurige watercrisis bevindt.


Oorzaken van het huidige lage waterpeil.
De belangrijkste oorzaken zijn:

De scepter van Egypte.

Egypte zal mogelijk verdwijnen als zelfstandige natie.

Als de Nijl uitdroogt, dan is er geen werk meer in Egypte. Palmbomen gaan dood. Het riet sterft.

Zie de voorzegging in



Vers 12

Ik zal hen versterken.

Israël wordt een machtige natie, omdat God hun God is en Jezus hun Messias regeert.

In Zijn Naam zullen ze wandelen.

Israël dient God weer. Dat is toekomstprofetie.

Ook dat wordt door Micha geprofeteerd en duidelijk in de context van de toekomst, het vrederijk.

Ook Paulus onderstreept dat. Heel Israël wordt zalig.



<