Legermachten.
Wat zijn die legermachten?
Het kunnen ook sterrenlegers zijn. Maar... sterren kunnen ook engelen zijn.
Legermacht kan ook de hofhouding van God zijn.
Kleine voorvervullingen.
Hier staan kleine voorvervullingen van de
Messiaanse tijd.
Naijver.
Naijver heeft te maken met een liefdesrelatie. God heet zelfs de Na-IJverige.
God duldt geen derde in Zijn huwelijksrelatie met Israël.
Die relatie heeft een doel nl. de vestiging van het Messiaanse rijk.
Het gaat hier over de grote inzet van God vóór Israël en tégen de vijanden die Israël zoveel leed aandeden.
Eindtijdvisioen.
Dat God afrekent met de vijanden van Israël is nu nog toekomst.
Dat Sion weer een berg van heiligheid zal zijn is ook toekomst. Nu staan op Sion 2 moskeeën.
Ik ben naar Sion teruggekeerd.
Aannemelijker is:
Dat klopt beter met vers 4.
Tijd van de vervulling.
De tijd van de vervulling is nog toekomst, de eindtijd, onze tijd.
God zal in Jeruzalem terugkeren. We lezen wel dat God vertrok.
Nergens lezen we dat God terugkwam in de tweede tempel. Dat zal zeker in de toekomst gebeuren als de derde tempel er staat. Ezechiël profeteert dat.
Vers 3. Ook de naam "stad van de waarheid" wijst naar de eindtijd. Toen Jezus stierf werd dé Waarheid gedood.
Vers 7. spreekt over de verlossing van Israël. Ook dat gebeurt in de eindtijd. Jeremia profeteert dat.
In vers 8 wordt geprofeteerd dat de Joden in Jeruzalem zullen wonen. Toen Zacharia profeteerde was dat al een feit, maar er woonde nog maar een klein deel van Israël. De vervulling zal in de toekomst zijn.
Sinds 1948 wonen de Joden weer in Jeruzalem.
Vers 12. Het land zal rijke oogsten geven. Ook Amos profeteert dat.
Israël zal niet langer een vloek zijn, maar zal een zegen zijn.
Dit wijst zeker naar het Messiaanse rijk.
Gods voornemen om aan Israël goed te doen (vers 15) zal gerealiseerd worden in de toekomst.
Vers 22+23. Heidenvolken gaan naar Jeruzalem om de HEERE te dienen. Dat is toekomst. Dat gebeurt ná de wederkomst.
Stad van de waarheid.
De naam voor Jeruzalem is duidelijk Messiaans. De God van de waarheid komt er weer wonen.
Dé Waarheid zelf, Jezus, zal er wonen en regeren.
Eerst moet er waarheid zijn. Daarna kan er gerechtigheid zijn. Daarna kan er vrede komen.
Namen van Jeruzalem.
God was vertrokken uit de eerste tempel.
Teruggekeerde heerlijkheid van God.
Nergens lezen we dat de "heerlijkheid van God" terugkeerde in de tweede tempel of eruit vertrok. Dat God terugkeert lezen we pas bij de derde tempel in
In Ezra 1 lezen we wel 3x dat God in Jeruzalem woont. (cursief)
Het woordje "woont" is door de vertalers toegevoegd. Er zou ook "woonde" kunnen staan.
Sion, berg van heiligheid.
Ook dat is nog niet vervuld. Er staan op Sion nu 2 moskeeën, afgodische heiligdommen. Ook dit is toekomstprofetie.
Oude mannen, oude vrouwen.
Voor Zacharia was dit toekomst. Wij zien de vervulling.
Zo is het weer sinds 1967, na de zes-daagse oorlog. Toen werd Jeruzalem heroverd op Jordanië.
Er wordt hier een toestand van vrede beschreven.
Hoge leeftijd.
Deze profetie gaat over de eindtijd. Wij leven daarin.
Het vrederijk zal spoedig aanbreken. Dan zijn er weer hoge leeftijden. Ook Jesaja profeteert dit in de context van het vrederijk.
Leeftijden als leeftijden van bomen.
Olijfbomen worden wel 800 - 1000 jaar oud.
Dan zijn de leeftijden van de mensen in het vrederijk weer zoals de leeftijden van de mensen die vóór de zondvloed leefden.
Iemand die dan als 100-jarige sterft, sterft als een jong mens.
Veel kinderen.
Ook Jesaja profeteert dit. Ook hij zegt dit in de context van het vrederijk.
Al eerder had Zacharia dit gezien in een nachtgezicht.
Overblijfsel.
Een overblijfsel van de Joden, dat God in de grote verdrukking gespaard heeft.
Wonderlijk.
Juist na de holocaust, na de dood van 6 miljoen Joden, ontstond opeens de Joodse staat in 1948. En..
dan nog wel in Gods land! Die staat Israël bleef bestaan, want God liet Israël alle oorlogen winnen. Wat een wonder!
In die dagen.
De uitdrukking "te dien dage" ziet eigenlijk altijd op de eindtijd.
Israël keert terug.
De terugkeer is Gods werk.
Het is een wonder dat het Joodse volk nog steeds bestaat. Er bestaan geen Babyloniërs , of Romeinen of Filistijnen meer, maar Gods volk Israël bestaat!!!
Omdat de God van dit volk bestaat.!!!!
Ook Jeremia profeteert de terugkeer. Die verlossing wordt belangrijker dan de verlossing uit Egypte!
Mijn volk.
Vóór het woord "volk" staat het woordje "eth". Als we dat woordje wél vertalen staat er:
In Jeruzalem wonen.
Zacharia profeteerde nadat de Joden teruggekeerd waren vanuit Babel en ook weer in Jeruzalem woonden.
Deze profetie zal dus in de toekomst vervuld worden. Wij zien die vervulling sinds 1948.
Hier is eindtijdprofetie.
Zacharia zag dit ook in een nachtgezicht.
Hen hierheen brengen.
Letterlijk:
Het gaat hier om iets wat lang blijft duren. Permanent vestigen, zoals ook Amos profeteert. Israël gaat niet meer weg uit Gods land!
Ik zal hun tot een God zijn.
Letterlijk: Ik, Ik zal hun...
Lêlohîm, hier vertaald door "tot een God" kan beter vertaald worden door:
Dus: Ik, Ik zal hen nabij zijn door middel van de Elohim /goden (de aartsengelen o.l.v. Jezus) in waarheid en gerechtigheid.
Mij tot een volk.
In Hosea 1:9 werd het volk "Lo-Ammi" = niet Mijn volk.
Aan het eind van de grote verdrukking bekeert Israël zich. Dan wordt het "Ammi" = Mijn volk.
Ook Jeremia plaatst dit gebeuren in de eindtijd.
Grijp moed.
Letterlijk:
Laat uw handen sterk zijn.
De Joden die nú in Israël wonen, moeten moed grijpen. Ze weten de profetieën van Zacharia en Haggaï. Ze weten Gods rijke beloften voor de eindtijd.
Profeten.
Ezra 5:1-2.
Gehoord.
= Ze begrijpen het en gaan gehoorzamen.
Het huis werd gegrondvest.
Er staat in de grondtekst géén verleden tijd.
Het grondwoord kan ook vertaald worden met:
Dat gebeurt in
Dus: ...woorden uit de mond van de profeten die de dag bepalen om de tempel te bouwen;...
God zegende niet.
Zie ook
Eindtijdprofetie.
De context van deze profetie is de eindtijd.
Vóór die dagen.
Vóór die dagen wijst terug naar de dagen in vers 9 en 8. Vers 8 gaat over het wonen in Jeruzalem en Israël is weer Gods volk. Lo-Ammi is weer Ammi geworden. Dat is dus de tijd ná de wederkomst.
Vóór die dagen is de grote verdrukking.
De zin begint met
VdW vertaalt: want gedurende die dagen.
Was er geen loon voor de mensen...
Hier staat "was", verleden tijd, maar het kan ook in de toekomende tijd vertaald worden.
Dan staat er:
en was er geen loon voor het vee.
"was" kan ook vertaald worden met "zal zijn".
bəhēmâ =
Dit woord wordt ook door Asaf gebruikt in
Vaak vertaalt men:
Er staat in de grondtekst het woord behêmâh en dat is een vrouwelijk woord.
Hier betekent het wellicht:
Het woord "beest" is ook vrouwelijk. Er wordt dus op een daad of eigenschap van het beest geduid.
In de grote verdrukking zal het economische systeem gecontroleerd worden.
Er zal geen loon zijn voor de gelovige mensen. Door het Beest zal het betalingsverkeer voor gelovigen onmogelijk gemaakt worden.
De koppeling met "het beest", de antichrist, is homiletisch creatief, maar exegetisch niet houdbaar, volgens Chatgpt.
Voor wie uittrok...
Wie komt en wie gaat, wordt bedreigd door rovers.
In de tweede helft van de grote verdrukking is de wereld een hels oord. Het slechtste komt in de mens naar boven.
De staf liefelijkheid wordt gebroken.
Micha profeteert ook over deze vreselijke tijd, de grote verdrukking, de tijd nádat de gelovigen zijn opgenomen in de hemel.
Ik zette alle mensen tegen elkaar op.
Hier staat verleden tijd.
Het kan ook vertaald worden met:
Micha profeteert daar ook over.
Ezechiël profeteert dat het ook zo zal gaan met de legers van Gog, de ene partij doodt de andere. Ook de ondergang van Gog speelt in de grote verdrukking.
Toekomstprofetie.
De teksten die nu volgen vinden géén vervulling in de jaren tot aan 70 n C.
Hier gaat het over het Messiaanse rijk.
Dat is ook belangrijk voor andere teksten in dit hoofdstuk. De context van dit hoofdstuk is vrederijk.
Maar nú...
Het grondwoord kan vertaald worden door:
Haggai 2:19-20.
Hoe was God voor Israël in de vorige dagen?
Gods vloek heeft Israël getroffen.
Israël was Lo-Ammi, dus "niet Mijn volk".
God gaat in de eindtijd deze vloek in een zegen veranderen.
Israël wordt weer Ammi, Mijn volk.
Overblijfsel.
Dit woord is een belangrijke aanwijzing voor de tijd van vervulling van deze profetie. Dit woord "overblijfsel" is verbonden met de ware gelovigen in de eindtijd.
Verschillende profeten profeteren over het "overblijfsel".
Onvertaalbaar.
Algemeen vindt men dat dit vers moeilijk vertaalbaar is. Dat komt vooral omdat men het in de tijd van Zacharia vervuld wil zien. Daarin past zeker geen blijvende vrede. Daarin passen ook niet al die beschreven zegeningen.
Het past echter perfect in het Messiaanse rijk.
het zaad zal voorspoedig zijn.
Het zaad = het zaad van Abraham, de Joden.
Letterlijk:
Dus:
Eigenlijk hoort dit stukje beter bij vers 11.
Die vrede voor Israël geldt nog niet voor de Joden vanaf Zacharia tot 70 n C. Zij leefden onder gezag van heidense koningen.
Het gelovige Joodse overblijfsel wordt de shalom toegezegd, want de HEERE ontfermt Zich over Zijn volk. Dat overblijfsel mag het vrederijk binnengaan.
Heel Israël zal zalig worden.
VdW:
Terugkomende vruchtbaarheid.
Reeds in onze tijd zien we de vruchtbaarheid in Israël terugkeren. Die zal heel groot zijn in het vrederijk.
Zijn opbrengst.
Vóór het woord "opbrengst" staat "eth".
Als we dat woordje wél vertalen staat er:
Het overblijfsel.
Vóór het woord "overblijfsel" staat "eth".
Als we dat woordje wél vertalen staat er:
Tijd van de vervulling.
De tijd die Zacharia hier beschrijft is nog niet aangebroken. De vervulling is toekomstig, in de eindtijd.
Een vloek onder de heidenen.
Het gaat hier over het totale Joodse volk.
Vloek wordt zegen.
De Joden zullen een zegen worden. Dat is toch echt iets voor de toekomst. Dat is de context waarin dit hoofdstuk staat. Veel verklaarders verklaren alles in de tijd van Zacharia. Ze hebben in hun dogmatiek géén zicht op het vrederijk en passen hun vertaling en verklaring aan om het vrederijk te omzeilen.
Vloek wordt door God veranderd in zegen.
De vloek was hun verwerping.
De zegen is hun aanneming.
Israël ontvangt dan zegen en daardoor krijgen ook de heidenen zegen.
Zal Ik u verlossen.
Vóór "u" staat het woordje "eth". Dat wordt meestal niet vertaald. Als we het wél vertalen staat er:
God zal Israël verlossen nadat ze zich bekeren. In de tijd van Zacharia en ook in de eeuwen daarna, is Israël nooit verlost. Hier toont Zacharia dus toekomstperspectief.
Grijp moed.
Het is een bemoediging voor de gelovigen, die tijdens de grote verdrukking vervolgd worden. Die vreselijke dagen worden verkort.
Het vrederijk nadert.
In deze dagen.
Letterlijk:
Dat zijn dus de dagen van het vrederijk.
Ik heb voorgenomen.
Letterlijk:
Zo ook in Zacharia 1:16.
Het gaat anders worden. God vergeet Zijn beloften niet.
Goed doen.
God wil Israël goed doen. Hij wil dat bereiken door de komst van Jezus.
Jeruzalem en huis.
Vóór "Jeruzalem" en "huis" staat het woordje "eth". Als we dit woord wel vertalen staat er: "geliefde Jeruzalem" en "geliefde huis".
Wees niet bevreesd.
Ook Jeremia profeteert over deze omkeer bij God.
Dit moet u doen...
Zij, en ook wij, moeten dat oude zondige leven uit Zacharia 7:10-11 afleggen en een nieuw leven aandoen.
God wil dat we leven met God, een leven in geloof dat Gods geboden doet uit liefde.
Dit geldt dus voor de periode vanaf Zacharia tot de stichting van het vrederijk.
Streven naar gerechtigheid is de maatstaf.
Tegen elkaar.
Tegen de naaste.
Vóór "naaste " staat het woordje "eth". Als we dit woord wel vertalen staat er: "in liefde".
Dus:
In uw poorten.
In de poort vond de rechtspraak plaats.
Een oordeel dat de vrede dient .
Of:
Vasten.
Over het vasten was een vraag gesteld.
Zie aantekeningen bij
Rouwdag wordt feestdag.
Dat zal gebeuren in "die dagen" waarover vers 23 spreekt.
Dat zal in het vrederijk zijn.
Ook Jesaja spreekt over die toekomstige vreugde.
In de tijd van Zacharia was er géén aanleiding tot feesten. Het was toen hard werken onder barre en gevaarlijke omstandigheden. Veel tegenstand was er van de Samaritanen.
Toekomstprofetie.
Hier volgt opnieuw duidelijke toekomstprofetie.
Volken.
Hier staat NIET goyim, maar ammim.
Het gaat over bedevaarten naar Jeruzalem door volken die de regering van de Messias aanvaarden.
Heidenen gaan God dienen.
Dit is ook geprofeteerd door Jesaja en Micha.
Aangezicht van de HEERE.
Vóór "aangezicht" staat het woordje "eth". Als we dit woord wel vertalen staat er: "geliefde aangezicht".
HEERE van de legermachten.
Vóór "HEERE" staat het woordje "eth". Als we dit woord wel vertalen staat er: in genegenheid / in liefde de HEERE van de legermachten te zoeken.
Volken.
Ammim. Dat zijn volken die een relatie met God hebben.
Naar Jeruzalem.
Daar is Jezus dan koning.
De afgevaardigden van de volken gaan naar Jeruzalem om Jezus te aanbidden en het Loofhuttenfeest te vieren.
HEERE van de legermachten.
Vóór "HEERE" staat het woordje "eth". Als we dit woord wel vertalen staat er: in genegenheid de HEERE van de legermachten te zoeken.
Aangezicht van de HEERE.
Vóór "aangezicht" staat het woordje "eth". Als we dit woord wel vertalen staat er: "geliefde aangezicht".
In die dagen.
Dat is eindtijd. Dit gaat gebeuren aan het begin van het vrederijk.
Veel pelgrims naar Sion.
In het vrederijk zullen de volken jaar na jaar optrekken naar Jeruzalem om Koning Jezus te aanbidden en om het Loofhuttenfeest te vieren.
Jood is géén verschoppeling meer.
Mensen uit de volken erkennen dat God met de Joden is.
Kanttekeningen SV.
In de kanttekeningen bij de SV is deze Jóódse man een gids, die heidenen de weg wijst naar de Christelijke kerk. (N.B. Er staat Jeruzalem in vers 22)
Er is veel geloof nodig om dit in deze tekst te lezen.
Wie geen oog heeft voor het vrederijk, komt tot een vreemde uitleg.