Hoofdstuk 12


Vers 1

2e godspraak.

Hoofdstukken 12-14.

Deze drie laatste hoofdstukken bevatten de tweede godsspraak. Dit gaat vooral over de wederkomst van Jezus en de verlossing van het gelovige overblijfsel van Israël.


Een last .

Dat wil zeggen:

Hoe openbaart God zich?

God maakt zich bekend als de almachtige Schepper.



Vers 2

Jeruzalem.

Vóór "Jeruzalem" staat het woordje "eth". Als we dat wél vertalen staat er:

Jeruzalem is Gods stad.

Daar is Gods heilige berg, Sion.

Voor alle volken.

Het Hebreeuwse woord voor volk :

Dat wijst op volken die een verbinding hebben.

Dat is hier een coalitie van heidenvolken.


Bedwelmende beker.

Het grondwoord wijst op trillen, schudden, stuiptrekken.

Denk aan dronkenschap of een gifbeker.

De omringende volken worden niet goed van de aanwezigheid van Israël in het beloofde land.

Een 2-statenoplossing wordt door de Palestijnen steeds afgewezen. Ze willen alléén een Palestijnse staat en alle Joden moeten weg.

Een heet hangijzer is ook voortdurend de status van Jeruzalem. De Palestijnen eisen de helft van Jeruzalem als hun hoofdstad.


Ook tegen Juda.

Anders:

Belegering van Jeruzalem.

We lezen dat de belegering van Jeruzalem vlak vóór de wederkomst zal gebeuren.



Vers 3

Op die dag.

7 x staat er "op die dag". In vers 8 staat het 2x.

Dat is de dag dat de volken Jeruzalem zullen belegeren. De dag van Jezus' wederkomst.


Jeruzalem.

Vóór "Jeruzalem" staat het woordje "eth". Als we dat wél vertalen staat er:

Moeilijke steen voor VN.

Jeruzalem en Israël zijn voor de VN een onoplosbaar probleem. De steen moet weg. De volken vertillen zich eraan. Het wordt de ondergang van de volken.


Volken.

In het Hebreeuws staan in deze tekst 2 verschillende woorden.

  1. Am.
  2. Goy.

Het eerste woord (Am) gaat over volken die een coalitie vormen, verbonden volken.

Het tweede woord is goy = heidenen.

Het gaat dus om een coalitie van heidenvolken.


Volken tegen haar verzamelen.

Hier gaat het over een coalitie van heidenvolken.

In de VN worden onnoemelijk veel resoluties tégen Israël aangenomen.

In de toekomst zullen ook echte legers optrekken naar Jeruzalem.



Vers 4

Op die dag.

Dat ziet op die dag dat de coalitie van volken zich tégen Jeruzalem zal vergaderen.

God houdt de ogen open over het overblijfsel van Israël, hier Juda genoemd.

God neemt het voor Israël op.


De uitdrukking "op die dag" komt in de laatste hoofdstukken van Zacharia vijftien keer voor. Dat laat zien, dat het steeds over dezelfde tijd gaat en wel de eindtijd.

Wat we hier lezen stemt overeen met Psalm 2. Het gaat ten diepste om de vijandschap van de volken tegen de Koning, Die God gezalfd heeft over Sion.

Paarden.

Paarden werden ingezet in de oorlog, ruiterij of strijdwagens.

Dat woord staat voor: auto's, tanks, vliegtuigen, oorlogsschepen.


Mijn ogen openhouden.

Vóór "ogen" staat het woordje "eth". Als we dat wél vertalen staat er:

Met blindheid slaan.

Zo deed God ook eens t.t.v. Elisa. Hij sloeg de Syriërs met blindheid.

Het gaat hier over paarden van de volken die in een coalitie verbonden zijn tegen Jeruzalem.



Vers 5

Leiders van Juda.

Het grondwoord kan ook betekenen:

Anders vertaald.

VdW:


Dus:

Jeruzalem is standvastig en biedt weerstand.

De Judeeërs zien dat de krijgskansen keren.

Er is sprake van Goddelijk ingrijpen.



Vers 6

Op die dag.

Dat is de dag dat de volken zich tégen Jeruzalem zullen verzamelen.

De leiders van Juda.

Vóór "leiders" staat het woordje "eth". Als we dat wél vertalen staat er:

Het gaat over gelovige Joden.


Op zijn plaats blijven.

Veel oude steden werden opgebouwd naast de oude verwoeste stad. Jeruzalem blijft op haar plaats, ondanks de geweldige aanval van de vijandige coalitie.


Juda als vuur en fakkel.

Jezus gaat strijden voor Israël. De vijanden komen om.

Juda zal o.l.v. de Messias de vijanden vernietigen, zoals vuur onder hout of zoals een fakkel tussen graanschoven.


Al de volken.

Vóór "volken" staat het woordje "eth". Als we dat wél vertalen staat er:

Fakkel in een graanschoof.

7 Oktober 2023 voerde Hamas vanuit de Gazastrook een verrassende tereuraanval uit op Israël. De operatie Al-Aqsa Storm.
Dit leidde tot de Gazaoorlog.
Na die aanval voerde Israël aanvallen uit op Gaza, op Syrië, op Hezbollah in Libanon, op Houthi's in Jemen, op nucleaire en militaire installaties in Iran.
Israël was als een fakkel onder een graanschoof.
De vervulling van deze profetie komt dichtbij.



Vers 7

De tenten van Juda.

Vóór "tenten" staat het woordje "eth". Als we dat wél vertalen staat er:

Tenten = woongebieden.


Verlossing, eerst voor de plattelandsbevolking.

Jeruzalem wordt niet als eerste door God verlost, opdat ze zich niet méér zal voelen dan de plattelandsbevolking. God verlost Judea eerst.

Juda wordt als vuur en zal de vijanden verteren. God verlost, maar schakelt wel mensen in.

God heet ook: God van de slagorde van Israël.



Vers 8

Beschermen.

Is dit een beschermen nadat er in Jeruzalem erge dingen gebeurd zijn?

Wie wankelt...

De zwakste inwoner zal een held zijn, zoals David, David tegenover Goliath. De afloop van de strijd is hetzelfde.

Als goden.

Het huis van David zal als de Ĕlôhîym (=goden) en als de Engel des HEEREN zijn, die voor hen uitgaan.

De Engel des HEEREN is de Messias uit het huis van David. Die komt op de Olijfberg met al Zijn heiligen en Zijn engelen, Ĕlôhîym = aartsengelen en hun legers.

Het huis van David strijdt met hen mee.


De Engel van de HEERE.

Over de Engel des HEEREN lezen we in:



Vers 9

Heidenvolken wegvagen.

Ook Jeremia spreekt over een vernietigend einde over de heidenen.



Vers 10

Geest of geest?

Verklaarders zijn het er niet echt over eens of het geest of Geest moet zijn.

In de Bijbel wordt de Heilige Geest altijd uitgestort op mensen die zich bekéérd hebben. Over die bekering schrijft Zacharia nog niets.

Dan kan het hier gaan over een "geest van verandering". Dat gaat aan de bekering vooraf.

Maar Ezechiël en Joël profeteren over hetzelfde en hebben het over de Geest, de Heilige Geest.

Als Jezus wederkomt, zal Israël zich bekeren.

Na deze bekering stort God Zijn Geest op hen uit.

Ze zullen Mij aanschouwen.

Wie is "Mij"?

Maar... de HEERE is een Geest en Die kan niet doorstoken worden.


Oplossing: het woordje "eth".

Vóór het zinsdeel "die zij doorstoken hebben" staat het woordje "eth". Dat wordt maar zelden vertaald. Als we dat wél vertalen staat er:

Dan is "Mij" Jezus.

Hij is Gods Geliefde Zoon.


Doorstoken.

Dat grondwoord wijst op fysiek steken.


VdW :

God brengt Israël tot inkeer.

God zal Zijn Geest uitstorten.

Het cruciale moment is de verschijning van de Messias.

Enig kind, een eerstgeborene.

Letterlijk:

Letterlijk.


Enig = jachid = uniek.

Dit komt slechts 12x voor in OT.

"De HEERE, onze God, is één."

Verwond (Jesaja 53:5).

Het grondwoord voor "verwond" heeft als betekenissen:

Jezus is goddelijk, dus heilig. Hij werd "ontheiligd" toen men Hem geselde, sloeg, bespuugde, bespotte en met een speer stak.

Zo zijn het de Joden die Hem doorstoken hebben , ontheiligd hebben.

De Romein stak Jezus fysiek.


Rouw bedrijven.

Ze hebben berouw over de verwerping van Jezus. De uitgestorte Geest laat hun dat zien.

Ze erkennen Jezus als Messias.



Vers 11

Rouwklacht.

De rouw gaat over de verwerping van Jezus. Dat berouw is heel groot.

Niet een enkeling rouwt, maar algemeen rouwt men.



Vers 12

Nathan.

Vrouwen apart.

De vrouwen in Israël zagen ernaar uit, dat één van hen de Messias ter wereld zou brengen. Nu blijkt die Messias al reeds gekomen en bovendien ook nog gedood.

Dat maakt de rouwklacht nog groter.



Vers 13

Vrouwen apart.

Zo is dat bij orthodoxe Joden, vrouwen apart.


David, Nathan, Levi.

Verklaarders wijzen wel op:

Maar... Simeï ???

De uitleg is speculatief.



<