Hoofdstuk 4


Vers 1

Laatste der dagen.

De dagen van de week staan symbool voor de millennia van de wereldgeschiedenis.

Na vier dagen, 4 millennia, werd Jezus geboren. Wij leven nu aan het eind van dag 6. Dag 7 zal de "sabbat" zijn, het vrederijk.

De laatste dagen beslaan dus de periode van jaar 1 tot heden.

Het laatste stuk van de laatste dag is eindtijd of het laatste van de dagen.


Als de hoogste van de bergen.

Met "hoogste" wordt hier bedoeld

  1. Belangrijkste.
  2. Heiligste.

De belangrijkste, de heiligste van de bergen, want de heerlijkheid van de HEERE is daar weer. Ezechiël profeteerde over de terugkeer van deze heerlijkheid van God.

Profetie over vrederijk.

Deze teksten staan ook in Jesaja 2.

Vs 1-6 bevat profetie over Messiaanse rijk, de wereldsabbat, 1000 jaren.

De heerlijkheid van God (sjechina) was weggegaan in Ezechiel 10:18-22 is weer terug "na de tijden van de volken".

Nu wordt de tempel weer een bedehuis voor alle volken.

Volken zullen "toestromen" (=naharóe). Dat is verwant met "nahar"=stroom, rivier.

Ze komen toegestroomd.


Israël blijft nu in het beloofde land.

Ze zullen niet meer uit Gods land weggaan.



Vers 2

Heidenvolken zullen op weg gaan.

Jeruzalem is hier hoofdstad van Messiaanse rijk.

Gods torah zal vanuit Jeruzalem uitgaan over de aarde. Ieder moet nu gehoorzamen. Daar hebben we om gebeden: Uw wil geschiede op aarde, zoals in de hemel. Nu komt er iets nieuws. Gods wil zal overal op aarde gedaan worden. De aarde wordt vol van de kennis van de HEERE.

We zien overeenkomst met:

God van Jakob.

Er is dus geen tweedeling meer in 2- stammen en 10 - stammen. Nu is er 1 volk Israël. Ezechiël profeteerde dat ook.

Wij zullen Zijn paden bewandelen.

"Wij" zijn de heidenvolken.

Het optrekken naar Jeruzalem heeft ook tot doel om meer van de Heere te kennen. De aarde wordt vol van de kennis van de HEERE.



Vers 3

Hij zal oordelen.

"Hij" is Jezus, de Messias.


Tot ver weg.

Tot het uiterste van de aarde.


Geen oorlog meer.

Glorie van de verre toekomst.

Nu komt de vrede van het vrederijk. Jezus zal Vrede zijn.

Er komt ook vrede tussen mens en dieren.

Ook vrede tussen de dieren onderling.



Vers 4

Vredig in het vrederijk.

Salomo was ook type van Jezus als vredevorst.

In Salomo's tijd was het zitten onder de wijnstok en de vijgenboom ook teken van rust en vrede.

We weten meer details over deze toekomstige maatschappij. Het gaat hier over de "wereldsabbat".

De HEERE heeft het gesproken.

Wat God heeft verkondigd zál gebeuren.



Vers 5

Wandelen in de naam van zijn god.

De SV heeft "wandelen".

De grondtekst zegt:

Dus:

Hier staat een tegenstelling tussen het heden van Micha's tijd en de ideale toestand van het vrederijk. Israël heeft zich bekeerd en dient God.

Er is dan nog wel zonde.

Israël is weer echt Gods volk.

Israël wordt een volk van rechtvaardigen.

Israël komt ook op een hoge en bevoorrechte positie in de wereld.



Vers 6

Herstel van Israël.

Vs 6-8: herstel en terugkeer van Israël en Juda.

De profetie gaat nu over de periode vóór het vrederijk, de grote verdrukking, de tijd van de "weeën", waardoor het vrederijk geboren wordt.


3 doelgroepen:

  1. De kreupelen. Zij weigerden het beeld van het Beest te aanbidden. Mattheus 24:13.
  2. Mensen die verbannen zijn. Gevlucht voor de antichrist.
  3. 10 stammen. Ze moeten terugkeren. Dit zijn de mensen "die God tot leed bracht". Ze waren Lo-Ammi = niet Mijn volk. Hosea 1:9.

Wie Ik kwaad heb aangedaan.

Dit is geen incident.

Het gaat over mensen die "tot leed vervielen", dus langdurig. Lang waren ze verachten en vervolgden in deze wereld. Als volk was Israël weg tot 1948. Toen ontstond de staat Israël.



Vers 7

Op Sion is straks de troon van Jezus.

Overblijfsel.

Een betere vertaling is hier:

Dit is een gelovig overblijfsel, nadat God de goddelozen "gemaaid" heeft.

Wie verdreven was...

Dat zijn de verstrooide stammen.

God brengt ze terug in Zijn land en maakt Israël tot een machtige natie.

Het begin zien we nu reeds gebeuren. De Joden keren terug naar Gods land.

Wees waakzaam!



Vers 8

Migdal-Eder, schaapstoren.

Die schaapstoren stond in Efratha, bij Bethlehem dus. Daar werden de lammetjes geboren.

Daar verkondigde de engel de geboorte van Jezus.

Jakob kwam daar vroeger ook.

Ofel.

= vesting.


Een schaapstoren en een vesting zijn twee veilige plaatsen. Zo zal Jeruzalem een veilige plaats zijn voor "Gods kudde".

Jeruzalem is hier de hoofdstad van het Messiaanse rijk.


Naar u zal de heerschappij komen.

De heerschappij van vroeger, uit de tijd van David en Salomo, wordt hersteld, maar veel heerlijker.

Dat is de heerschappij van Jezus de Messias op de troon van David in Jeruzalem.

Dat Messiaanse vrederijk duurt 1000 jaren volgens



Vers 9

Is er geen Koning onder u?

VdW:

Ondergang van de vijanden.

Vs 9+10: ondergang van Gods vijanden, de bevolking van Jeruzalem die zich aansluit bij de antichrist.

De profetie verandert nu. Het oordeel wordt aangekondigd. Micha belicht een korte periode aan het eind van de grote verdrukking.

U.

Dat zijn de ongelovige Joden die de antichrist volgen.

Ze zijn bang, maar er is nu geen barmhartigheid meer.


Veel exegeten zien deze tekst vervuld in de wegvoering en in de ballingschap. Dat is echter voorvervulling. De context heeft toekomstperspectief.


De raadsman is omgekomen.

De antichrist en de valse profeet zijn door Jezus uitgeschakeld.

We lezen daarover in:

Barende vrouw.

Dit is een beeld dat duidelijk maakt dat aan het oordeel niet te ontkomen is.

Jezus heeft het ook over "weeën" die aan Zijn wederkomst voorafgaan.



Vers 10

Omstreden.

Vers 10c " u zult tot Babel komen" is door veel exegeten omstreden en als latere bijschrijving gezien. Assyrië was in de tijd van Micha de heersende macht. Babel was nog van geen betekenis.

"U zult tot in Babel komen" is voor veel exegeten een probleem. Zelfs Gert A. v.d.Weerd (VdW) weet er geen raad mee en laat, met grote weerzin, dit stukje tekst weg.

De verzen 1-4, 7-8, 13 zijn echt Messiaans.


Oordeelsaankondiging.

Jeruzalem wordt tot lijden veroordeeld aan het eind van de grote verdrukking.

Dit sluit precies aan op vers 9.


Zo ook in vs 11. De profeet doet dus een stap terug in de tijd.


U moet de stad uit.

Hier beschrijft Micha degenen die de antichrist afwijzen. Dus de gelovigen, de getrouwen. Ze moeten Jeruzalem verlaten.

"Babel" kan wel slaan op de afgoderij in de eindtijd.

Die houdt in de eindtijd de wereld in de greep. De gelovigen ontkomen er ternauwernood aan.



Vers 11

Aanval op Jeruzalem.

Vs 11-14 Jeruzalem, stad van victorie.

Eind van de grote verdrukking. De heidenvolken verzamelen zich tegen Jeruzalem. Dan is de wederkomst.

Het lot van anti-Zionisten.



Vers 12

Gods raadsbesluit.

Zij = heidenvolken.

God brengt ze bij Jeruzalem. Ze kennen Gods plan niet.

Ze worden onverwacht getroffen door een verschrikkelijk godsgericht. Het woord "dorsvloer" wijst op "dorsen" en dat wijst op oordeel en straf.



Vers 13

Tijdstip.

Jeruzalem is de stad die in triomf ten strijde trekt tegen de vijanden. Dit is dus net vóórdat Jeruzalem hoofdstad van Messiaanse rijk is.


Sta op!

Een klassieke oproep tot een heilige oorlog.

Dorsen.

= aanvallen.

De vijand wordt vernietigend geslagen.


Hoorn.

= teken van kracht.

We lezen dat het Lam zeven hoorns heeft.

Die zeven hoorns zijn waarschijnlijk zeven aartsengelen, de "generaals" van Jezus.

De hoorn kan dus ook een symbool zijn van de wagen met de rode paarden, de legermacht die bij Jeruzalem bleef volgens

De aartsengel Michaël is de beschermengel van Israël. Hij kan die "uw hoorn" zijn.

Hun winstbejag.

Dat raken de vijanden kwijt en het wordt gewijd aan de Messias.



Vers 14

Veel verwarring.

Deze tekst is voor veel vertalers en exegeten een struikelblok. Bezien door een Messiaanse bril valt het mee.


Dochter van de strijdbende.

Letterlijk:

VdW:

In Zacharia 6 lezen we over 4 (strijd)wagens. De wagen met de rode paarden blijft bij Jeruzalem. Vandaar:

Oproep tot de eindstrijd.

Dit moment is kort ná de wederkomst.

Ook kort ná de aankomst van de vier strijdwagens van de aartsengelen. Die aartsengelen zijn de zeven hoorns en de

zeven ogen van het Lam.

Ze zijn Zijn "legeraanvoerders".

De Rechter van Israël.

Deze Persoon is dezelfde als de "Heerser in Israël" in het volgende vers.

Het is Jezus.


Met de stok op de wang slaan.

"Zij" slaan. Dat zijn die verzamelde heidenvolken. Waarschijnlijk dagen ze wedergekomen Jezus uit, beledigend.

Vergelijk.

Het is te vergelijken met de vroegere Europese gewoonte om iemand uit te dagen tot een duel of confrontatie door hem de handschoen toe te werpen of zelfs met de handschoen op de wang te slaan.



<