Hoofdstuk 6


Vers 1

Waarschuwingssignalen

Uit het noorden komt Nebukadnezar.



Vers 3

Herders.

Dat zijn Chaldeeuwse vorsten met hun manschappen.

Ze zullen alles stelen.


Ook aartsengelen, die als strijders optreden, worden herders genoemd door de profeet Micha. Ook die herders laten hun "kudden" weiden.



Vers 4

Verklaar haar

Aan Jeruzalem wordt de oorlog verklaard.


De bestorming

De Chaldeeën willen 's middags beginnen. Maar dat lukt niet. Het wordt avond. Dan maar 's nachts bestormen.



Vers 7

Voor Mijn aangezicht

Hét gejammer vd mishandelden is steeds voor Gods ogen.


Dit is het middelste vers van de Tenach (=OT).



Vers 8

Laat u straffen

= laat u bestraffen, laat u waarschuwen.


De Chaldeeuwse legers komen pas over 20-30 jaar.

Er is nog tijd om te bekeren.



Vers 9

Nauwkeurig nalopen

Zoals men de laatste druiven van de wijnstok haalt, zo zullen de vijanden omgaan met de Joden.



Vers 10

Woord vd Heere is tot smaad

Ze verachten Gods woorden. Ze versmaden het en smaden ook Gods profeten.



Vers 13

Geldzucht en bedrog vieren hoogtij.



Vers 17

Wachters.

Profeten.



Vers 27

Keurmeester.

Jeremia is de keurmeester.

In de volgende verzen komt hij tot zijn keuringsrapport.



<