Hoofdstuk 12


Vers 2



Vers 3

Onwankelbaar.



Vers 4

Deugdelijk.

Het wordt elders vertaald met: sterk, bekwaam, kundig.



Vers 7

De goddelozen verdwijnen



Vers 10

De goddelozen.

De goddelozen zeggen barmhartig te zijn, maar de barmhartigheid is echt wreed.

Denk aan abortus.



Vers 13



Vers 18

Met dolksteken praten.

Deze dwazen kwetsen anderen met hun woorden. Er is geen liefde en geen oog voor de ander.



Vers 19

Waarheid of leugen.

De waarheid houdt stand, de leugen wordt ontmaskerd.



Vers 21



Vers 22

Valse lippen. Een gruwel.

Gij zult geen valse getuigenis spreken.



Vers 23

Bedekt de wetenschap.

Een wijs mens vertelt niet alles wat hij weet.

Een dwaas bazuint alles wat hij weet rond.



<