Hoofdstuk 20


Vers 1

Indeling vd geboden.

De indeling is van Philo, een Alexandrijnse Jood, 40 n C. en van Josefus.

Augustinus week van hun indeling af. Vers 17 deelde hij in tweeën. De RKK doet dat nog.


Huwelijksakte.

De wet is als een ketoeba, een huwelijksakte. Bij de Joden was één ketoeba voor de bruid en er was er één voor de bruidegom. Daarom waren er ook 2 wetstafels. De ene tafel was dan een kopie van de andere.

Ze heten ook tafels van het verbond, het huwelijksverbond.

In de tafels gegraveerd.

Gegraveerd = charuth. חרת

Dit is goddelijke creativiteit in deze tekst.

Er staat nu eigenlijk:



Vers 2

Uw God.

"Uw" staat in enkelvoud.



Vers 3

Geen andere goden.

In Egypte diende Israël ook afgoden. In de tijd van Ezechiël had Israël ze nog.



Vers 4

Géén beeld maken.

Tegen dit gebod zondigde Israël al heel snel.

Bv gouden kalf bij Sinaï.


Een afbeelding máken mag wel, maar het dienen en vereren van zo'n afbeelding is verboden.



Vers 5

Na-ijverig.

= jaloers.

Een man is jaloers als zijn vrouw meer aandacht geeft aan vreemde mannen dan aan haar echtgenoot. Zo ziet God afgoderij als overspel. Dan krijgen afgoden de aandacht die God verdient.

God heet: De Na-ijverige.

3e en 4e geslacht.

Afgodische Joodse koningshuizen kwamen nooit verder dan vier geslachten.

God straft de kinderen als ze in de zonden van de ouders voortgaan.

Volgens Ezechiel 18 worden kinderen niet gestraft om de zonden van de ouders als ze rechtvaardig gaan leven.


Na de ballingschap.

Na de ballingschap was Israël genezen van het dienen van afgoden. Maar ... ze gingen wel het 2e gebod overtreden. Ze dienden God op hun eigen manier. Juist dit 2e gebod bevat een ernstige

waarschuwing voor de nakomelingen.



Vers 6

Gods barmhartigheid.



Vers 7

IJdel gebruiken.

Vloeken.

Voor "ijdel gebruik" gebruikt de bijbel nooit het woord "vloek".

In Leviticus 5:1 gaat het niet om een vloek die je hebt gehoord, maar over een vervloeking die een rechter uitspreekt over iemand die iets wél weet, maar niets zegt.


Het gaat in dit 3e gebod om het uitspreken van Gods Naam:

Wet op Godslastering.

In Nederland is het verbod op Godslastering geschrapt uit de grondwet. Zo wordt de geest van de antichrist al voorbereid.



Vers 8

Sabbatsgebod.

De wet van Christus kent géén sabbatsgebod.

De mozaïsche torah gaat op in de wet van Christus, zoals het oude verbond opgaat in het nieuwe verbond.

Ook op het apostelconvent is de heidenen niet opgedragen om de sabbat te houden.

Wel lezen we in de bijbel dat de rustdag er is vanaf de schepping tot aan de herschepping.

Vanaf Israël wordt de rustdag sabbat genoemd.

In Genesis 2:2-3 staat voor het woord "rusten" een woord waarvan sabbat is afgeleid.


Heiligen.

Heilig betekent:

Al vóór de zondeval heiligde God de rustdag.

Dan kon de mens op die dag zich volledig op God richten.

Heiliging is dus iets positiefs.

Petrus zegt, dat wij heilig moeten leven, omdat God heilig is. Zo laten we Zijn gelijkenis zien in deze wereld.

Heiligen = apart zetten.

Sabbat ontheiligen.

Volgens Exodus 31:14 kunnen we de sabbat ook ontheiligen. Dat woord "ontheiligen" gebruikt God van geen enkele feestdag, alleen van de sabbat.

Reeds tijdens de woestijnreis van Israël ontheiligden de Joden de sabbat.

Sabbat houden en zegen ontvangen.

Wie de sabbat houdt, zelfs de heiden, mag Gods zegen verwachten.

Was de sabbat al bekend vóór de wetgeving?

Ja. Het manna viel zes dagen. Op de zesde dag verzamelde men een dubbele hoeveelheid.

Op de sabbat mocht men niet verzamelen. Het manna viel ook niet op de sabbat.

Mozes legt ook niet uit wat de sabbat is. Het lijkt bekend te zijn.

Sommigen trekken er op de sabbat toch op uit om manna te zoeken. Dan spreekt God over Zijn geboden en wetten. Die waren al vóór de wetgeving op Sinaï bekend.

En Abraham?

Sommigen zeggen: “Als Abraham Gods inzettingen en wetten hield, dan kan de rustdag daarbij hebben gehoord.”

Dat kan, maar het wordt niet genoemd.

De naam "sabbat" komt pas als Israël bij Sinaï is.


Er was wel een weekritme.

De bruiloft van Jakob was 7 dagen.

Maar... weekritme betekent nog niet dat de sabbat gevierd werd.


Op sabbat denken aan..

Belangrijke sabbat.

Sabbat of zondag?

  1. God stelde de rustdag al in bij de schepping.
  2. Voor Israël is de sabbat een eeuwige inzetting. Exodus 31:16. Leviticus 16:31.
  3. Nergens in de bijbel staat een gebod om de sabbat af te schaffen.
  4. De meeste christenen schaffen geen van de overige negen geboden af. Waarom dan wel het sabbatsgebod?
  5. Jezus zelf en de apostelen hielden de sabbat. Handelingen 13:42. Handelingen 16:13.
  6. Heidenen kwamen ook op de sabbat samen om het woord van God te horen. Handelingen 13:42-44
  7. Er blijft een sábbatsrust over voor de gelovigen. Geen zóndagsrust. Hebreeen 4:9.
  8. Sabbat / rustdag wijst heen naar de eeuwige rust. De rustdag wordt in Genesis 2:3 ook niet afgesloten zoals de andere dagen. Dat wijst heen naar de eeuwigheid.
  9. Ook profetieën over de toekomst noemen de sabbat. Jesaja 66:23. Ook in het vrederijk heeft de sabbat nog betekenis. Ezechiel 44:24. Ezechiel 46:1-4.
  10. Flavius Josephus vermeldt dat de viering van de sabbat door heidenen werd overgenomen. Dat wil niet zeggen dat ze ook alle voorschriften overnamen.
  11. 321 n.Chr. – Wet van Constantijn
    Een belangrijk keerpunt:
    Constantijn de Grote vaardigt een wet uit: Zondag (de dag waarop de heidenen Sol Invictus, de zonnegod, vereerden) wordt een officiële rustdag in het Romeinse Rijk.
    Dit is de eerste keer dat zondag wettelijk wordt vastgelegd, maar dit komt van de stáát, niet van een kerkelijk concilie en zeker niet van God.
    In de 4e eeuw wordt dit kerkelijk bevestigd door het Concilie van Laodicea (± 363–364 n.Chr.). Dat concilie bepaalt:
    Christenen moeten niet “judaïseren” door de sabbat te houden
    Ze moeten juist de zondag eren. Wie de sabbat houdt, is vervloekt!
    Dit is de duidelijkste kerkelijke uitspraak die de sabbat ontmoedigt en zondag bevordert.
  12. Volgens Leviticus 23 is de sabbat het eerste feest van Gód. De kerk breekt daarmee. De kerk breekt ook met de data van Góds vier voorjaarsfeesten. De kerk schaft ook Góds drie najaarsfeesten af, alsof het Jóódse feesten zijn.

Argumenten voor de zondag i.p.v. sabbat.

  1. Zondag is de opstandingsdag. Dit argument klopt alléén als men de tijd die Jezus noemt, de drie dagen en drie nachten, sterk reduceert tot 1½ dag waarin 2 nachten. Wie Jezus' woorden letterlijk neemt, weet dat Jezus aan het eind van de sabbat, vóór de vierde nacht, is opgestaan, dus niet op zondag.
  2. Jezus verscheen aan de discipelen, zonder Thomas, op de zondag. Dat was echter alleen bij de eerste verschijning, want de tweede keer, mét Thomas, verscheen Jezus acht dagen later, dus op maandagavond. Johannes 20:26. Dit is dus een onhoudbaar argument om dit als een instelling van de zondag te zien.
  3. De gemeente kwam samen op zondag. Handelingen 20:7. Ook dit argument klopt niet, want er staat letterlijk: de eerste van de sabbatten. Dat is de eerste van de zeven sabbatten tussen pesach en pinksteren. Zie aantekeningen daar.
  4. Zondag heet "dag des HEEREN". Openbaring 1:10. Ook dit argument klopt niet. Nergens in de bijbel waar het over de "dag des HEEREN" gaat, wordt de eerste dag van de week bedoeld. Het gaat steeds over een dag van oordeel. Zie hieronder een aantal teksten.
  5. Christus vervulde de schaduwachtige bepalingen van de wet. Dat deed Jezus inderdaad, maar Jezus vervulde ook de voorjaarsfeesten, maar de discipelen bleven deze feesten wel vieren. Handelingen 18:21. Ze bleven ook de sabbat vieren.
  6. Niemand moet geoordeeld worden inzake sabbatten. Kolossenzen 2:16. Paulus bedoelt hier echter dat we in deze zaken elkaar niet de wil moeten opleggen.
  7. Paulus geeft vrijheid omtrent de dagen van de week. Romeinen 14:5.
  8. De apostelen hebben de heidenen niet opgedragen om de sabbat te houden. Handelingen 15:19-20. Maar... de eerste christengemeenten hadden Joodse gelovigen. Zij hielden, als Joden, de sabbat. Later voegden de gelovigen uit de heidenen zich bij hen en kwamen dus ook op de sabbat samen. Vandaar dat de apostelen géén opdracht gaven om op sabbat samen te komen.

Wat is "de dag van de HEERE?"

Christendom en Jodendom groeien uit elkaar.

Historisch gezien speelde anti-judaïsme zeker een rol. Dat betekent niet dat alle kerkleiders Joden haatten, maar wel dat er vaak negatief over het Jodendom werd gesproken en dat men bewust afstand wilde nemen van Joodse gebruiken. Het Concilie van Nicea (325) veranderde de paasdatum. Zondag werd de officiële rustdag in het Romeinse Rijk. Het Concilie van Laodicea (363-364) verklaarde opnieuw dat christenen niet moesten rusten op de sabbat, maar op de zondag.

Veel historici zien drie factoren voor het uit elkaar groeien van Jood en christen:

  1. Theologische overtuigingen. (Christus heeft het Oude Verbond vervuld).
  2. De groei van een overwegend niet-Joodse kerk.
  3. Anti-joodse gevoelens en de wens zich van het Jodendom te onderscheiden.
Drie hoofdvisies.
  1. De sabbat blijft letterlijk de zevende dag→ zaterdag is dus rustdag.
  2. De sabbat is vervuld in Christus→ de sabbat is geen verplichte rustdag meer.
  3. De christelijke zondag is de nieuwtestamentische voortzetting van de sabbat→ klassieke visie en reformatorische visie.

Alle dagen gelijk.

Luther en Zwingli vinden dat elke dag een rustdag kan zijn.

Calvijn kiest voor de zondag, maar heeft er geen probleem mee als men een andere dag kiest.

  • Romeinen 14:6.aantekeningen.
  • Kolossenzen 2:16 aantekeningen.



Vers 9



Vers 10

Rusten, ook in de oogst.

Ook in zaaitijd en oogsttijd moet men op de sabbat rusten.

Noch de vreemdeling.

Van de vreemdeling, de "asielzoeker" werd ook aanpassing aan de Joodse cultuur gevraagd. De sabbatsrust moest worden gehouden.



Vers 11

In zes dagen.

God zelf schreef dit op de stenen wetstafels, zes dagen!

God heeft het niet over een heel lange periode van miljarden jaren.



Vers 12

Eren.

Verlengd worden.

In Deuteronomium 5:16 staat: opdat het u goed zal gaan.


Ons leven kan dus verlengd worden.

Het leven van goddelozen kan verkort worden volgens



Vers 13

Doodslaan.

Letterlijk: moorden.


Onze Nederlandse wet maakt verschil tussen doodslag en moord.



Vers 14

Niet echtbreken.

Ons huwelijk moet een afschaduwing zijn van het huwelijk van Christus en de gemeente.

Als het huwelijk door echtbreuk een karikatuur wordt van het huwelijk van Christus en de gemeente, dan kan, als herstel niet meer mogelijk is, een echtscheiding erger voorkomen. Jezus erkent ook het bestaan van een echtscheidingsbrief.



Vers 15

Niet stelen.

Oneerlijk de belastingaangifte invullen is een vorm van stelen.



Vers 16

Valse getuigenis.

Hier is géén vals getuigenis bedoeld dat gesproken wordt om de naasten te redden, zoals Rachab deed.



Vers 17

Begeerte.

Als iemand de vorige geboden volledig had gehouden, dan stond hij nog wel schuldig aan dit tiende gebod.

Wanneer de begeerte bevrucht is, baart ze zonde, en wanneer de zonde volgroeid is, baart ze de dood.



Vers 18

Extra grote belofte.

God geeft ook de belofte van de Messias.

Wat is Gods doel?

Dat staat in vers 20.



Vers 19

Laat God met ons niet spreken.

God vindt het verzoek van het volk goed, maar Hij belooft de Profeet, naar Hem moeten ze wel luisteren. Die Profeet is Jezus.



Vers 20

De vrees voor Hem.

Het gaat niet over de angst, maar over godsvrucht.

Godsvrucht = vrees van de HEERE.


"Vrees van de Heeren"

=ontzag voor God.

Dat is iets wat blijvend is.

Het heeft alles te maken met onze levenswandel.

Jesaja 11:2-3 een Christen moet als Christus zijn.

Wat is de vrees des Heeren?



Vers 21

Het volk sidderde en bleef op grote afstand, maar Mozes naderde tot God.

Hij had een heel bijzondere relatie met God.



Vers 23

Geen andere goden.

God vindt dit zo belangrijk dat Hij het gebod uit de wet herhaalt.

Andere goden dienen is als "vreemd gaan" en de bijbel spreekt dan ook van overspel of hoererij.



Vers 24

Altaar.

Dankoffer.

Dat wordt opgegeten.



Vers 25

Altaar.

Dat mag geen kunstwerk zijn. Dan zou men dat weer kunnen vereren.



Vers 26

Geen trappen.

In Ezechiel 43:17 zijn er wel trappen. Dat gaat over de derde tempel.



<