Baälim-Juda =
kanaänitische naam van Kirjath-Jearim.
Baälath=bronnimf.
Vervoer vd ark.
1 Samuel 6:7-8 deelt mee dat de Filistijnen de ark ook op een nieuwe wagen zetten, maar die wisten niet beter.
De ark moest gedragen worden. Alleen priesters mochten dat doen.
De Kahathieten, Levieten, hadden wel wagens voor het vervoer vd onderdelen vd tabernakel, maar niet voor het vervoer vd ark.
Abinadab.
Die leefde ttv Samuël.
Het was al 70-75 jaar geleden dat de ark daar kwam.
Uza en Ahio zijn dus nakomelingen van Abinadab.
Misschien is Psalm 15 gemaakt bij deze gelegenheid.
De muzikanten.
De trompettisten.
Algehele leiding.
Chenanja.
Dorsvloer van Nachon.
In 1 Kronieken 13:9 heet het dorsvloer van Chidon = plaats van verderf.
Zo werd de dorsvloer genoemd ná de dood van Uzza.
Zware slag.
Letterlijk: een bres in Uzza had geslagen;
Perez-Uzza betekent: bres van Uzza.
Obed-Edom.
Volgens 1 Kronieken 15:18 was hij een Leviet uit de stad Gath-Rimmon in het stamgebied van Dan en hoorde hij bij de poortwachters.
Gethiet.
Afkomstig uit
Gath-Rimmon in het stamgebied van Dan in het zuiden.
3 maanden.
In deze korte tijd was de zegen van God duidelijk zichtbaar.
Offer.
Mogelijk was dit een inwijdingsoffer voor de optocht.
Dat lezen we niet bij de eerste poging om de ark naar Jeruzalem te brengen.
Linnen priesterhemd.
David was niet in zijn koningsmantel, want nu werd de troon van God naar Jeruzalem gebracht.
David wil zich een onderdaan van God betonen.
Michal verachtte David.
Ze vergeleek David met haar vader Saul.
Ze had liever dat hij zijn koninklijke waardigheid had laten zien.
Midden in de tent.
In Psalm 28:2 roept David tot God die woont in het binnenste heiligdom. Dat is dus in het Heilige der Heiligen volgens
Die afdeling was er alléén in de tabernakel, en pas ná David, ook in de tempel.
De nieuwe tabernakel stond in de "stad van David".
Het grondwoord ôhel voor "tent" is hetzelfde als in " tent van de ontmoeting" in
We moeten hier waarschijnlijk NIET denken aan een gewone tent, maar aan een nieuwe tabernakel, de tent van de ontmoeting. De oude tabernakel was in Davids tijd ongeveer 440 jaar oud, dus zal wel aan vervanging zijn toegeweest.
In de oorspronkelijke tabernakel ( in Silo en later in Nob) stond de ark niet meer sinds Hofni en Pinehas de ark eruit hadden gehaald.
De oude tabernakel stond in de tijd van Salomo in Gibeon.
Daar stond ook nog het originele brandofferaltaar uit de tijd van Mozes.
Geschenken.
Ook Christus deelt geschenken uit.
Voor de HEERE.
David weet dat God diegene zegent die zich vernedert.
Geen kinderen.
Volgens Flavius Josephus had Michal 5 kinderen bij Paltiël.
Ook erg om die te moeten achterlaten.