Ismaël was 13 jaar.
El-Schaddai= God de almachtige.
God verscheen.
God verscheen voor de 4e keer.
In gedaante als engel. In Genesis 17:22 lezen we dat God weer opvoer.
Ik zal.
Steeds staat er: "Ik zal". ( verzen 2,6,7,8)
Gods verbond gaat voorop.
Mijn verbond.
Vraag.
Zijn er verschillende verbonden ,of is er 1 (genade)verbond met verschillende bedelingen?
Genadeverbond is de theologische aanduiding om de eenheid tussen de verschillende verbonden aan te geven. De term "genadeverbond /werkverbond" komt in de Bijbel niet voor.
Op grond van Hosea 6:7 denkt men aan een verbond met Adam.
Syntheke of diatheke.
Verbond / testament.
De Septuaginta gebruikt diatheke. Dat woord is in NT overgenomen. De voorwaarden worden door 1 partij gedicteerd, door God.
Dat eenzijdige is er ook in het woord " testament". De testamentmaker is de enige die de inhoud van het testament bepaalt.
Er is bij ons wel verschil tussen verbond en testament.
Een verbond kan verbroken worden, een testament niet.
Syntheke is een verbond tussen 2 gelijke partijen. Dat is dus 2-zijdig.
Reformatoren met verschillende visies.
Verschuiving van 2- zijdig naar 1-zijdig.
De wissel van 2-zijdig naar 1-zijdig gaat om ná Arminius.
De belijdenisgeschriften gaan dan het 1-zijdige van het verbond benadrukken.
Bv. Boston zegt: geloof is het instrument , waardoor men de gerechtigheid van Christus ontvangt i.p.v. het geloof is de voorwaarde om aan Christus' gerechtigheid deel te krijgen. ( "voorwaarde" hoort bij het 2-zijdige verbond).
God.
=ĕlôhîym. Dat is meervoud, dus eigenlijk: Goden.
Mijn verbond.
Dat verbond was al vele jaren eerder gesloten.
Het verbond wordt vernieuwd en de beloften worden uitgebreid.
Naamsverandering.
Er wordt een H toegevoegd. De "he" is een letter uit de naam van God, JHWH. Zo wordt Gods verbond ook hoorbaar en zichtbaar in de namen van Abraham en Sara. De letter He heeft in Hebreeuws een opening. Er moet geest, adem, in en uit kunnen.
.
De letter He is de 5e letter. 50 heeft te maken met Heilige Geest, het goddelijke. Denk aan Pinksteren, Pentacoste = 50e.
Vader van een menigte volken.
Een eeuwig verbond.
Calvijn ziet deze tekst als grond voor kinderdoop.
Galaten 3:29.
Het is een onvoorwaardelijk verbond.
Kanttekening SV.
Voor de Joden is dit verbond niet eeuwig!!!, (het is tijdelijk tot op Christus.) maar voor gelovigen in Christus is het verbond wel eeuwig, maar alleen ten aanzien van het geestelijke.
Dan is ook de besnijdenis een tijdelijke instelling, tot aan Christus.
Dit laatste is echt strijdig met Genesis 17:13, waar besnijdenis een eeuwige instelling voor de Joden wordt genoemd.
Nageslacht.
Galaten 3:16.
Landbelofte en Israël.
Bij dit verbond met Abraham hoort de "landbelofte".
Israël krijgt " Gods land".
Dat bevestigt God van kind tot kind, dus van Israëliet tot Israëliet.
Als Israël, door afgoderij, het verbond breekt, moeten ze ook uit het land. Het 10-stammenrijk gaat naar Assyrië en het 2-stammenrijk gaat naar Babel.
Calvijn ziet vs 7 als grond voor kinderdoop. Hij benadrukt:" Ik zal hun tot een God zijn". Maar... dan negeert hij de landbelofte. Bij dit verbond horen nl. 2 beloften:
Bij de doopbediening zingen we vaak Psalm 105 : 5 en 6, maar nooit vers 7. Daar komt de landbelofte aan de orde.
Besnijdenis.
Doop.
Verbond met Abraham.
Eén verbondsteken.
Bij het verbond met Abraham geeft God de besnijdenis als verbondsteken.
De doop kan dus niet het teken zijn dat kinderen in dit verbond zijn opgenomen.
Tegenbeeld vd besnijdenis.
Het tegenbeeld van besnijdenis vd voorhuid is de besnijdenis vh hart.
Onder OT worden de besnedenen aangespoord om de besnijdenis vh hart te krijgen in
Besnijdenis
= berit mila.
Mila=woord.
We worden echt besneden door het Woord.
Het geloof is immers uit het gehoor vh woord van God.
Besnijdenis vh hart gebeurt door het woord.
De besnijdenis gebeurde altijd op de 8e dag.
8e Dag= dag vh nieuwe begin.
Kind-vreemdeling.
Beide woorden hebben in deze tekst hetzelfde grondwoord.
Handelingen 21:19-26
Eeuwig teken van een eeuwig verbond.
De kanttekening 18 van de SV zegt dat de besnijdenis is tot op Messias. Daarna komt het teken van de doop.
Dus:
In vs 13 staat: eeuwig verbond in uw vlees. Daarvoor geeft de kanttekening geen verdere verklaring dan te wijzen naar vs 7. Tijdelijk!!
Onbesneden Joden.
Mozes had zijn zonen niet besneden. God wilde ze doden.
Tegenover zegen staat vloek.
Als Jozua in Kanaän komt, moet het volk bij Gilgal nog besneden worden. Dat was in de woestijn niet gebeurd.
Naamsverandering.
Sara = vorstin.
Saraï = mijn vorstin.
De Hebreeuwse letter hé (heitje), uit de Godsnaam JHWH, wordt zowel in de naam van Saraï als van Abram ingevoegd. Zo maakt God het verbond ook hoorbaar en zichtbaar.
Sara aangewezen als moeder.
Nu pas noemt God Sara als moeder van het beloofde kind.
Moeder van volken.
Dat ligt in de toekomst. Vele gelovigen uit vele volken zijn uit Sara.
Ook de Israëlieten (Jakob) en de Edomieten en Amalekieten (Ezau) horen bij de nakomelingen van Sara.
Abraham lachte.
Is het hier een lach van verwondering? Het is ook een wonderlijke mededeling.
Nu noemt God Sara als moeder van het "beloofde zaad".
Beide waren onvruchtbaar, maar dat verhinderde Abrahams geloof niet.
Zo is Israël een doelbewuste schepping van God. Ook een wonderbaarlijke schepping.
Ismaël was al 13 jaar.
God noemt de naam.
God noemt nu uitdrukkelijk de naam van de moeder van het beloofde kind en de naam van het kind.
Izak = Hij lacht.
God geeft namen.
Andere namen die God noemde:
Ismaël.
God verwerpt Ismaël niet, maar zegent hem zelfs.
Echter God kiest ervoor om via Izak verder te werken. Met Izak wordt het verbond voortgezet. Izak is kind van de belofte.
12 vorsten.
Verbond met Izak.
Ismaël had wel het verbondsteken, maar het verbond ging niet in zijn lijn verder.
Dat was ook zo bij Ezau.