Christus.
Jezus is gezalfd met de Heilige Geest toen Hij gedoopt werd.
God zond Hem als het Lam van God.
Wie in geloof op dit Lam van God ziet, is zalig.
De geloofsbelijdenis van 2 personen.
Petrus beleed: "U bent de Christus..."
De kamerling beleed: "Ik geloof dat Jezus Christus de Zoon van God is".
Dit geloof maakt ons zalig.
Uit God geboren.
Uit God geboren, dus dan staan onze namen ook in de hemelen opgeschreven, in het boek van het leven van het Lam.
We hebben lief die uit God geboren zijn.
Wie zijn uit God geboren?
Jezus zegt Abba= papa.
Gelovigen mogen ook papa zeggen.
Ieder die Hem aanneemt (= in Hem gelooft) is een kind van God.
Hoe weten we of we Gods kinderen liefhebben?
Liefde voor de naaste en liefde voor God gaan samen. Het ene herken je aan het andere.
Een ongelovige die lief heeft.
Een ongelovige kan wel liefde tonen, maar die liefde komt niet voort uit liefde tot God.
Wat is liefde tot God?
Gods geboden doen is een kwestie van liefde. Dit is breder dan de tien geboden.
Zo laten we ook het beeld van Jezus zien.
De Bruidegom vraagt: "Blijf me trouw en denk steeds aan mij".
Dat is toch niet moeilijk voor een bruid, die Hem lief heeft.
Al wat uit God geboren is.
Wie zijn uit God geboren?
"Wat uit God geboren is", is onze vernieuwde geest. Die zondigt niet meer, die is uit God.
Maar ons vlees zondigt nog wel. Er is steeds een strijd tussen vlees en geest.
Hoe is de wereld?
Wereld heeft alles met zonde te maken.
De wereld kent God niet.
De wereld haat de gelovigen, omdat ze niet van de wereld zijn.
De wereld hoort bij satan. Hij is de vorst van deze wereld.
De wereld ligt in het boze.
De wereld leeft zónder de Heilige Geest.
Het koninkrijk van Jezus is zéker niet van deze wereld.
Gelovigen zijn overgegaan van het wereldse rijk van satan naar het koninkrijk van Jezus.
Door geloof de wereld overwinnen.
Wereld heeft alles te maken met zonde.
Als we tot geloof komen, bekeren we ons ook tot God. We keren ons af van de zondige wereld en we keren ons naar God. Die zondige wereld hebben we niet langer lief.
Door het geloof overwinnen we de wereld.
De wereld overwinnen.
Met betrekking tot de zonde zijn de gelovigen gestorven.
Deze geestelijk gestorven oude mens wordt begraven in het doopwater.
We begraven alléén dode mensen. Zo dopen we alléén mensen die met betrekking tot de zonde gestorven zijn.
Iemand begraven betekent definitief afscheid nemen van die persoon. Zo nemen we bij de doop definitief afscheid van de gekruisigde, dode, oude mens.
Als een gelovige ondergedompeld wordt in het doopwater, dan neemt hij definitief afscheid van zijn vroegere zondige leven. De bijbel noemt dat: de zonden afwassen.
Daarna staat de gedoopte op uit het doopwater en begint een nieuw leven met Christus. Hij bekleedt zich met Christus.
Door in Jezus te zijn, is die zondige wereld voor ons gekruisigd.
We hebben ermee afgerekend. Door ons geloof overwinnen we de wereld.
Overwinnen door geloof.
Ook de satan en de demonen overwinnen we door het geloof en door de kracht van de Geest.
Ook Jezus overwon satan door de Heilige Geest.
Jezus begon Zijn werk ook pas nadat Hij de Heilige Geest ontvangen had bij Zijn doop.
Wie overwint de wereld?
"Wereld" is hier de zonde. Wie overwint die zondige wereld?
1. Alleen een gelovige.
2. Het geloof overwint, want dat belijdt Jezus als de Zoon van God en volgt Jezus. Zo komt de gelovige niet in de duisternis, de zonde.
3. Dat overwinnende geloof had de kamerheer.
4. Ongeloof houdt Jezus niet voor de Zoon van God.
Hoe overwinnen wij de (zondige) wereld?
Door geloof.
Door in Christus te zijn.
Door uit God geboren te zijn.
Door als gelovige gedoopt te worden.
Jezus is de Zoon van God.
Dat was de geloofsbelijdenis van de kamerheer.
Hij deed belijdenis van zijn geloof, hij werd gedoopt en ging daarna met Christus leven.
Hij was, na zijn doop, met Christus bekleed.
Zijn oude mens was begraven.
Hij liet het zondige leven achter zich en zo overwon hij de wereld door zijn geloof.
Jezus kwam door water en bloed.
Johannes de Doper kwam alléén met water.
Hij doopte mensen die zich bekeerden.
Johannes doopte géén mensen op grond van het verbond met Abraham.
Bij Jezus lezen we van "water én bloed".
Met Zijn bloed deed Jezus verzoening in de hemel.
Jezus doopte ook in water.
Het doopwater laat de reiniging van de zonden zien. De oude mens, die aan de zonde is gestorven, wordt begraven in het doopwater. Dat is een definitief afscheid.
De Geest is het Die getuigt.
Jezus doopte de gelovigen niet alleen met wáter, maar Hij doopte ze óók met de Heilige Géést.
Deze drie zijn één.
Paulus en Apollos zijn ook één. Ze werken in Gods koninkrijk. De één plant, de ander begiet.
Bijbelverklaring van Dächsel schrijft...
We geven toe dat deze woorden (deze drie zijn één) niet in de Griekse handschriften worden gevonden, (behalve in Cod. 34, 162, 173,) noch in oude vertalingen, noch zelfs in handschriften van de Vulgata vóór de tiende eeuw.
In het midden van de vijftiende eeuw vond Laurens Valla toch nog 7 oude Griekse handschriften waarin deze tekst wél voorkwam.
Drie zijn er.
Een deel van de tekst is mogelijk niet origineel, maar is een kanttekening van de Vulgata, die later is toegevoegd in de bijbeltekst. Verschillende vertalingen laten deze teksten (7+8) weg. Of... lieten de Arianen deze teksten al weg, omdat zij de drie-eenheid ontkennen? Erasmus deed dat aanvankelijk ook, maar later voegde hij de teksten toch weer toe aan zijn derde bijbeluitgave, na diepgaand onderzoek in de Vaticaanse bibliotheek.
Eén God.
Met het "shema Israël"
belijden de Joden dat er één God is.
Paulus corrigeert dat niet. Er is één God, de Vader en één Heere, Jezus Christus.
Twee-eenheid.
200 na Christus ontwikkelde Tertullianus als eerste de leer van de twee-éénheid van Vader en Zoon.
Op het concilie van Nicea (325) werd de twee-eenheid als dogma vastgelegd. Op dit concilie mochten de Joods-christelijke bisschoppen niet aanwezig zijn. Dit i.v.m.
Zo kwam er weer een afscheiding tussen Joodse christenen en christenen uit de heidenen.
Drie-eenheid.
In 381 werd op het concilie van Constantinopel de Heilige Geest ook toegevoegd. Nu bestond de drie-eenheid als dogma.
In 451 werd dit officieel vastgesteld op het concilie van Chalcedon.
De concilies hebben dwingend bepaald dat de drie-eenheid een bijbels leerstuk is. Wie het niet aanvaardt, is een ketter.
Het dogma van de drie-eenheid werd opnieuw vastgelegd op het concilie van Lateranen in 1215. Dit leerstuk van de Roomse kerk is door de Reformatie overgenomen.
De geloofsbelijdenis van Athanasius.
Achterin jouw kerkboek staat waarschijnlijk deze geloofsbelijdenis. Daarin gaan veel artikelen over de drieeenheid.
Klopt dit met
Klopt "Eniggeboren Zoon" met de regel dat er niets eerder of later is?
Water, Geest en bloed.
Water en Geest hebben direct te maken met wedergeboorte.
Water, Geest en bloed horen bij het nieuwe verbond.
Het nieuwe verbond.
Het getuigenis van God.
Dat staat in vers 11 en 12.
Heeft het getuigenis in zichzelf.
Dit getuigenis staat in vers 11. God getuigt over eeuwig leven.
Wie in de Zoon gelooft, heeft eeuwig leven.
Elke gelovige heeft het eeuwige leven en heeft dus Gods getuigenis in zichzelf.
De Heilige Geest Die in ons woont, getuigt immers op de aarde.
Die Geest getuigt ook ín ons.
Geloof wat God zegt.
God geeft een gebod om te geloven.
Als men NIET gelooft, is men daar zélf voor verantwoordelijk. Men is dan ongehoorzaam aan Gods gebod. Zijn beloften houdt men voor leugens of men denkt dat die beloften alléén voor uitverkorenen gelden.
God vindt ongeloof een heel grote zonde. De Geest overtuigt ons van de zonde van ongeloof.
Tot leugenaar gemaakt.
God ís de Waarheid.
God geeft ons 2 onveranderlijke zekerheden, waarheden.
Kan God het nog duidelijker maken!
Wat God van Zijn Zoon gezegd heeft.
Het eeuwige leven.
Wat is het eeuwige leven?
God kennen en Jezus kennen, dat is het eeuwige leven.
Wanneer begint het eeuwige leven?
Zodra we wedergeboren worden. Zodra we geloven in Gods Zoon.
Dit leven is in Zijn Zoon.
Wie de Zoon heeft, heeft het leven.
We hebben Gods Zoon, zodra we in Hem geloven.
Jezus ís het Leven.
Wie Hem heeft, heeft het Leven, het eeuwige leven.
Johannes had een doel met deze brief.
Johannes heeft geschreven opdat...
Opdat u gelooft.
In deze tekst staat reeds dat men gelooft. Nú bedoelt Johannes dat men in dit geloof moeten volharden.
Gods beloften als wij bidden.
Bidden naar Zijn wil!
God stelt hier een voorwaarde.
Wie bidt om wedergeboren te worden, bidt zéker naar Gods wil.
We kunnen ook verkeerd bidden. Dan is ons doel ons eigen voordeel.
Het kan ook dat God niet hoort.
Het kan ook dat goddeloze mensen eindelijk gaan zoeken naar God, maar zich NIET bekeren. Zij vinden God niet.
We weten dat Hij ons verhoort.
We wachten vaak op iets bijzonders, maar we moeten geloven dat Hij verhoort en het gevraagde ons zal geven.
Hij zal hem het leven geven.
Hij of hij?
Statenvertalers twijfelen of "Hij" met een hoofdletter moet.
Bidden voor elkaar hoort bij de gemeenschap der heiligen.
Een zonde tot de dood.
Dit is een welbewuste, opzettelijke zonde tegen God. De rechter moet over zo'n zonde de doodstraf uitspreken.
Zonde tot de dood, daarvoor NIET bidden.
Waarschijnlijk slaat dat op verharde zondaren. Ze maken God openlijk te schande.
Maar... laten we voor hen zo lang mogelijk barmhartig zijn.
Ongerechtigheid is zonde.
Zonde die niet tot de dood leidt.
Hier wordt bedoeld, dat deze zonde door de rechter niet met de dood bestraft wordt.
Echter... voor God leidt elke onvergeven zonde tot de eeuwige dood.
Niet zondigen.
Een gelovige lééft niet meer in de zonde, maar kan wel in de zonde vállen.
Wie in Jezus blijft, zondigt niet.
Áls we dan toch gezondigd hebben, dan hebben we gelukkig Jezus als onze Voorspraak.
Wíj zijn uit God.
Johannes beschrijft hier een grote tegenstelling:
Wíj en de wereld.
Wíj zijn uit God geboren.
De wereldling kent God niet en ligt in het boze.
De zondige wereld moeten we dus op afstand houden.
We moeten niet kijken hoe ver we met de wereld mee kunnen gaan, maar hoe ver we weg kunnen blijven van de zondige wereld.
Jezus heeft ons het verstand gegeven.
Wij zijn in Jezus en Hij in ons.
Het is ook omgekeerd. Jezus is ook in ons.
En...wie in Hem is, zondigt niet.
Hoe heet Jezus hier?
Afgoden.
Afgoden horen bij satan. Ze horen bij ons zondige verleden. Ze horen bij de zondige wereld. Ons geloof heeft die zondige wereld overwonnen.
En.. alles wat de plaats van Jezus inneemt in ons leven, is een afgod.
Blijf als bruid zuiver en blijf gericht op Hem, de Bruidegom.
Jezus wil van ons een heilige levenswandel zien.
Onze afgoden.