Jacobus.
Hij zegt niet dat hij apostel is, maar wel "dienstknecht".
Geadresseerden.
Aan de bekeerde Joden, uit 12 stammen. Jacobus heeft het ook over "Abraham, onze vader".
Waar deze gelovigen woonden is niet bekend. Daarom is dit een algemene zendbrief.
Inhoud.
In zijn brief spreekt hij ieder aan die belijdt tot Gods volk te behoren. Hij houdt de belijder voor wat deze in de praktijk moet laten zien. Wat iemand zegt, moet zichtbaar worden.
Vreugde in verzoeking.
Verzoekingen.
Kan ook vertaald worden met "beproeving". Met beproeving mag je blij zijn. Er kunnen grote moeilijkheden in ons leven zijn. Bij deze Joden was het waarschijnlijk armoede. In die tijd waren er slaven met wrede heren.
God beproeft onze standvastigheid in het geloof.
Bij gelovigen leidt het tot geduld in het lijden, volharding, lijdzaamheid(SV).
Het moet leiden tot Christelijke volmaaktheid, tot geestelijke rijpheid.
Broeders.
Jacobus spreekt niet als "leider", maar als mede-broeder.
Beproeving.
Jacobus denkt aan de druk die gelovige rijken opleggen aan gelovige armen. Dat is de beproeving. Maar....de arme is toch een broeder!
Het moeilijkste van beproevingen is de duur ervan. Soms kun je in een plotselinge beproeving goed staande blijven en blijf je vertrouwen op God. Maar o wee, als de beproeving langer aanhoudt. Dan komt het er juist op aan God te blijven vertrouwen. Beproeving vraagt volharding. God beproeft niet boven ons vermogen.
Volledige volharding.
De volharding duurt tot je in een bepaald geval je volledig aan de wil van God hebt onderworpen.
Volmaakt zijn.
“Een volmaakt werk” is namelijk dat jij je volkomen onderwerpt aan God en dat Zijn wil de jouwe wordt.
Wijsheid ontbreekt.
Wijsheid om verdrukking te begrijpen. Hoe moeten we ons gedragen? Hoe gaan we om met de "waaroms"?
Een voorwaarde.
We mogen God steeds vragen. Dat vindt God fijn, maar we moeten wel vragen "in geloof", zegt vers 6 en niet vragen met wrok en opstandigheid.
Niet twijfelen.
Gelovig vragen en ook zeker verwachten.
Als je aan God om wijsheid vraagt, terwijl je toch twijfelt aan Zijn goedheid om die wijsheid te geven, lijk je op een golf van de zee.
Zo ben je een gespleten persoon, dubbelbezield.
Die moet niet denken.
Wel bidden, maar twijfelen aan de verhoring. We moeten meer denken aan "amen" = het is waar en zeker.
Mijn gebed is veel zekerder verhoord, dan dat ik voel.
Dubbelhartigheid.
Wel bidden en niet vertrouwen, dat strijdt met elkaar. Zo iemand twijfelt aan God.
Zo iemand is onberekenbaar.
Nederig.
Iemand die in een lage maatschappelijke positie leeft.
Hoogheid.
Hij is een kind van God. Daar mag hij zich in beroemen.
God hoort Zijn kind altijd.
De geringe of maatschappelijk arme broeder loopt gevaar te gaan twijfelen aan de liefde van God voor hem. Als Israëliet is hij opgegroeid met de gedachte dat rijkdom het bewijs is van Gods zegen en dat armoede het bewijs is dat Gods zegen wordt tegengehouden door ontrouw. Maar zo is het niet meer, zegt Jacobus. Armoede is niet per se een bewijs van ontrouw en Gods misnoegen daarover. Armoede is een beproeving die met vreugde verdragen kan worden, omdat die kan worden gezien als een beproeving van het geloof.
De rijke.
De rijke heeft een hoge maatschappelijke status.
De rijke gelovige moet nederig zijn en beseffen dat rijkdom zo verdwenen kan zijn. Denk aan Job.
Jacobus roept de rijke op te roemen “in zijn geringheid”, dat wil zeggen in wat hij in zichzelf is voor God. In zichzelf is de rijke een zondaar die voor God niet kan bestaan. Daarnaast zal het goed zijn als hij zich bewust wordt dat al zijn rijkdom zal verwelken.
Rijke verwelkt.
Een rijke, die op zijn rijkdom vertrouwt, kan het vergaan als gras dat hooi wordt, of als een bloem die afvalt.
Hier pakt Jacobus de draad weer op. Dit is vervolg van verzen 2 en 3.
Kroon van het leven.
Wie standvastig is gebleven, dus de beproeving heeft verdragen, zal de kroon des levens ontvangen. Er is dus beloning. Hier gaat het om een lauwerkrans. (Stephanos)
Andere kronen.
God beproeft!
God verzoekt niemand met het kwaad.
God kan wel op een positieve manier beproeven. Zo deed God bij Abraham.
Verzoeken.
Dat is hier verleiden tot kwaad doen.
Dat doet God niet. Hij haat zonde.
Verzoeken hoort bij satan.
Door eigen begeerte.
We kunnen onszelf in verzoeking brengen.
Onze eigen boze begeerten zijn de eerste oorzaak van de zonde.
Satan speelt daarop in.
In Romeinen 7:8 beschouwt Paulus zonde als een slecht beginsel. Jacobus vat het op als een zondige daad.
Begeerte, zonde, dood
Oma : begeerte.
Dochter: zonde.
(Klein)kind: dood.
David:
Eva:
Judas:
Ananas en Saffira:
Elke góéde gave.
Van God komen alleen goede dingen, volmaakte giften.
Verzoeking komt NIET van God.
Ook rijkdom is op zich niet zondig. Zondig is het als we op rijkdom ons vertrouwen stellen.
Géén verandering.
God is niet de ene keer goed en de andere keer anders.
Gods Naam is: Ik ben Die Ik ben.
Gebaard door het woord.
We worden wedergeboren zodra we geloven.
Het geloof is door het horen van het woord.
God geeft beloften die Hij zeker waarmaakt.
Eersteling.
De gelovige Joden (Jacobus 1:1) zijn de eerstelingen onder de volken.
De eerstgeborene werd aan God geofferd. Die was Gods eigendom.
Zo dan.
NBG: Weet dit goed!
Traag om te spreken.
Woord dat u zalig maakt.
Geloof is uit het gehoor van Gods woord.
Hoorders en daders.
Geloof moet zichtbaar worden.
Een dader die luistert naar het woord van God.
Luisteren moet een vervolg zijn op horen.
Een kind dat wél hoort, maar niet luistert, komt er niet toe om te doen wat gevraagd wordt.
Spiegel.
Iemand ziet zijn zondigheid in de spiegel van de wet. Hij is een hoorder.
Maar... als hij de aangeboden genade niet aanneemt, dan heeft het "zien" van zijn zondigheid geen nut. Hij is dan geen dader.
Volmaakte wet.
Dat is de hele bijbel.
Dat Woord van God houdt jou de wet, dat wil zeggen de wetmatigheid van de vrijheid voor. Wie het Woord met zachtmoedigheid heeft ontvangen, zal de vruchten van dat Woord vertonen. Dat is een wetmatigheid, een proces dat niet anders kan verlopen.
Wet van vrijheid.
Deze wet vraagt precies wat we graag willen doen.
In onze grondwet staat niets over "liefde", maar in de wet van Gods koninkrijk staat er veel over.
De tong in toom houden.
Jacobus komt terug op de tong. De tong is de belangrijkste graadmeter van wat er in het hart van de mens is. De Heere Jezus zegt zelfs dat we worden gerechtvaardigd of veroordeeld naar onze woorden.
Zuivere godsdienst.
Als je weduwen en wezen in hun verdrukking bezoekt, toon je hun Gods Vaderliefde. Hij is immers de Vader van de wezen en de Rechter Die het opneemt voor de weduwen