Hoofdstuk 1


Vers 1

Aan Timotheüs.

Wanneer geschreven?

Gevonden in Qumran als "7Q4", dus de brief is geschreven voor 68, want toen werd de bibliotheek in de grotten van Qumran verzegeld.

Waarschijnlijk is deze brief geschreven vanuit Korinthe.


Paulus reist naar Macedonië.

Hij laat Timotheüs achter in Efeze.

In deze brief klinkt een uitgebreide gemeentestructuur door.


Apostel.

Paulus schrijft geen privé-brief , maar hij schrijft aan de leider van de gemeente van Efeze en dat was Timotheüs. Timotheüs had een bijzondere bediening. Hij had een apostolische taak. Paulus geeft instructies over de leer en het leven in godsvrucht.


Onze Hoop.

Waar mogen wij op hopen?

  1. God maakt Zijn beloften waar. Psalm 119:49-50.
  2. God bewaart een erfenis voor ons. Kolossenzen 1:5. 1 Petrus 1:4
  3. God belooft een volledige verlossing. Romeinen 8:23-25.
  4. God belooft dat ook de schepping bevrijd zal worden van de gevolgen van de zonde. Romeinen 8:20-21.
  5. Wie Jezus heeft, heeft de volle inhoud van de hoop.
  6. We zullen een verheerlijkt en onvergankelijk lichaam krijgen. 1 Petrus 1:21. 1 Corinthiërs 15:51.

Hoe word jij een hoopvol mens?

  1. Richt je leven op Jezus Die onze Hoop is. Kolossenzen 3:1.
  2. Overdenk wat de toekomst van de gelovige is. Er is een erfenis voor ons weggelegd.
  3. Houd steeds Gods beloften voor ogen. Psalm 119:49-50.
  4. Ontwikkel een nederig hart. Probeer niet hoogmoedig in te dringen in de verborgen dingen van God. Psalm 131:1.



Vers 2

Wie is Timotheüs?

Zegenwens.

Aan de gebruikelijke zegenwens is hier : "barmhartigheid" toegevoegd.

Dat gebeurt meer als de brief aan een persóón gericht is. Barmhartigheid heb je nodig in tijden van nood.



Vers 3

Naar Macedonië.

Gezonde leer.

De leer moet duidelijk worden in het leven. Geloof moet zichtbaar worden in goede werken, geloofsvruchten.

Daartoe zijn we geroepen.

Timotheüs is in Efeze en moet daar optreden tegen mensen die een andere leer brengen.


Te bevelen.

Tegenover een "andere leer" moet geen verdraagzaamheid getoond worden.

De leer kun je beoordelen naar de vruchten. Als er twistvragen uit voortkomen is het niet de goede leer.

Gezonde leer geeft geestelijke groei.



Vers 4

Verzinsels.

= mythen.

Zodra Christus niet meer in het middelpunt staat, leidt het af.


Opbouw in geloof.

Het gaat vooral om de geloofshouding.

Het moet overeenkomstig zijn met de godsvrucht. Dan verdient het de naam van christelijke leer.



Vers 5

De liefde is einddoel.

Doel van het gebod.

Het bevel staat in vers 3.

Timotheüs moet de "valse broeders" de mond snoeren en bevelen dat ze ophouden met het verkeerde.

Als alles gezond is in de gemeente, dan kan er zegen komen. Dan komt er weer liefde. Die liefde komt uit 3 bronnen.


Drie bronnen van de liefde.

  1. Rein hart. In een rein hart heeft de zonde geen plaats. Het richt zich helemaal op God. 1 Johannes 3:6.
  2. Een goed geweten. Dat is een geweten dat goed functioneert. Het weet wat goed en verkeerd is, zoals God dat beoordeelt. Dat geweten wordt gevormd door Gods woord.
  3. Ongeveinsd geloof.



Vers 6

Tussenzin.

De verzen 6 -17 vormen een tussenzin, waarin Paulus verschil tussen wet en genade duidelijk maakt.


Afgeweken.

Ze zijn afgeweken van de godsvrucht, zoals dat in vers 5 staat.

Dan komt er "zinloos gepraat".

Een leer zonder godvruchtig leven is niet goed.

Geloof moet zichtbaar worden in goede werken.



Vers 7

De wet.

De wet is geen juk, alleen wel voor natuurlijke mensen.

Gelovigen hebben de wet in het hart. Zij willen graag Gods wil doen.



Vers 8

Wettig gebruiken.

De wet is goed.

Zoals God het bedoeld heeft dat we de wet zullen naleven, zo moeten we de wet houden.

Rechtvaardigen houden de wet van God vrijwillig en met vreugde.

De wet is geen aanvulling op het geloof in Jezus, maar we willen Zijn geboden uit liefde voor Hem doen.



Vers 9

Wet als aanvulling?

De wetsleraars dachten dat het houden van de wet een goede aanvulling was op het evangelie. Zo zou men nog meer volkomen worden. Maar... de wet is NIET voor rechtvaardigen, dus NIET voor gelovigen.

De wet is voor zondaren.


Onze leefregel.

Onze leefregel is NIET de wet, maar een Persoon, Jezus. We volgen Jezus!

Jezus verloste ons van de veroordelende wet. Nu reis ik getroost samen met Hem.


Gods geboden doen uit liefde.

"De wet" kan zijn:

  1. De Thora.
  2. De 10 geboden die ook in de Thora staan.

Maar als we de geboden van Jezus houden, tonen we daarmee onze liefde voor Hem.




Vers 10

Tégen de gezonde leer.

Elke zonde is tégen de gezonde leer.

Als we met Christus opgewekt zijn, moeten we Hem zoeken.

Als we in Hem zijn, zondigen we niet.

Dat is de gezonde leer waardoor geloofsvruchten zichtbaar worden.



Vers 11

Evangelie van de heerlijkheid.

In het evangelie staat God centraal in al Zijn heerlijkheid. Die heerlijkheid wordt zichtbaar in Christus.

Het is het evangelie van Hem en over Hem.

Het evangelie van de genade is iets anders dan het "evangelie van het koninkrijk".

De discipelen predikten het evangelie van de genade pas, nadat ze het lijden en de opstanding van Jezus begrepen.



Vers 12

Ik dank Hem.

Paulus is dankbaar voor zijn redding en zijn apostelschap.

Jezus zelf gaf Paulus de opdracht.



Vers 13

Hoe was Paulus vóór zijn bekering.

Nu barmhartigheid.

In zijn vroegere leven was Paulus een farizeeër, een getrouw dienaar van de wet. De wet kent geen barmhartigheid en Paulus kende dat ook niet.

Maar...God bewees hem barmhartigheid en dat gunt Paulus nu iedereen.


Onwetendheid.

Paulus was goed onderwezen in de wet door Gamaliël.

Maar.. hij had nooit iets over Jezus geleerd. Hij leerde uit de wet ook zijn ellende niet kennen. Niets heeft hij van de wet geleerd over rechtvaardiging door geloof.

Juist de volgers van deze waarheid vervolgde hij fel.



Vers 14

Geloof en liefde.

Zo wordt een mens vernieuwd door Gods genade.



Vers 15

Redding voor elke zondaar mogelijk.

De grootste zondaar (Paulus) is gered. Dan kan het zeker ook voor "minder grote" zondaren.

Dan kan het ook voor jou!

Maar... er is alléén redding als je in Jezus gelooft. Persoonlijk geloof is de enige juiste reactie op dit genadeaanbod.

Geloof zónder goede werken, geloofsvruchten, is géén geloof.

3 fasen in Paulus' leven.

  1. In 1 Corinthiërs 15:9 noemt hij zich: geringste van de apostelen.
  2. In Ef 3:8 noemt hij zich de allergeringste van de heiligen.
  3. In 1 Timotheus 1:15 noemt hij zich de voornaamste van de zondaren. Dit laatste was pas aan het eind van zijn leven.



Vers 16

Voornaamste van zondaren.

Paulus ziet zijn zonden scherp, maar weet dat ze vergeven zijn. Eerst is Paulus

Voor Paulus, de grootste zondaar, was er goddelijke redding. Dus is er voor ieder redding mogelijk.

God wil Paulus zo tot een voorbeeld stellen. Er is voor iedereen, die gelooft in Jezus, redding.

Geloof dit woord van God!!!



Vers 17

Lofprijzing.

Er zijn verschillende aanleidingen om tot lofprijzing te komen.



Vers 18

Dit gebod.

Hier neemt Paulus, na vers 5, de draad weer op.

In vers 5 had hij het voor het laatst over dit gebod aan Timotheüs.

Dat gebod staat in vers 3.

Profetieën.

Profetieën zijn over Timotheus uitgesproken. Timotheüs stond in de wijde omtrek goed bekend.

Verschillende gelovigen, die de gave van de profetie hadden, hadden over hem geprofeteerd.

Paulus herinnert hem aan het begin.

Je bent door de HEERE geroepen.


Voorbereiding voor Timotheüs.

  1. Uitgesproken profetieën. 1 Timotheus 1:18.
  2. Genadegave van God. 1 Timotheus 4:14.
  3. Handoplegging door Paulus. 2 Timotheus 1:6.
  4. Handoplegging door oudsten. 1 Timotheus 4:14.

Goede strijd.

Die strijd is tegen de machten van het kwaad.



Vers 19

Geloofswaarheid en geloof.



Vers 20

Aan satan overgeven.

Dit betekent dat satan vrij spel krijgt om deze personen ziek te maken.

Mogelijk komen ze dan tot inkeer.


Hymeneüs.

Alexander.

Hij was kopersmid. Hij deed Paulus veel kwaad.

Lasteren.

Kwaad spreken van het evangelie.



<