Hoofdstuk 4


Vers 1

Beheerder / rentmeester.

Die dienaar is aangesteld, om goederen van zijn baas voor hem te beheren.

Wat de dienaar heeft is NIET van hem. Hij moet alles aanwenden tot nut van zijn baas.

Belangrijk is hoe de baas ( hier God) denkt over het werk vd dienaar. Het oordeel van mensen vindt Paulus niet belangrijk. Paulus vindt zelfs zijn eigen beoordeling onbelangrijk.


Geheimenis.

Dat is iets dat in OT onbekend was. Ze waren verborgen in God, dus God alleen wist ze.


Geheimenis is geen geheim.



Vers 2

Betrouwbaar zijn.

Trouw en betrouwbaar zijn voor de dienaren belangrijke eigenschappen.



Vers 3

Een menselijk oordeel?

De gemeenteleden hoeven Paulus niet te beoordelen.

Paulus bedoelt dit niet arrogant.

God is mijn opdrachtgever. Dat zijn de Corinthiërs niet. Ze kunnen er wel iets van vinden, maar Paulus moet de opdracht van God uitvoeren. Het oordeel van mijzelf over mijzelf doet er eigenlijk ook niet toe. Het gaat erom hoe God het werk van Paulus beoordeelt. Dat doet er echt toe. Paulus voelt zich een vrij man.

God spreekt ons vrij, omdat Christus voor ons geoordeeld is. Dat preekte Paulus ook.



Vers 4

Van niets bewust.

Ook als ben ik me van geen kwaad bewust, dat betekent nog niet dat ik het goed doe.

God beoordeelt dat. Hij kent ons hart en onze gedachten.



Vers 5

Oordeel niets vóór de tijd, opdat

De NBG vertaalt het begrijpelijker.

God maakt openbaar.

God gaat oordelen. Dat is schrikken als God alles openbaar zal maken. We waren zo zondig. Maar die zonden hebben we beleden en gelaten.

Maar.. God spreekt vrij en geeft óns lof.



Vers 6

Op mezelf toegepast.

Paulus legt de gemeente niet iets van bovenaf op, maar hij past het ook toe op zichzelf.


Niets bedenken, dan wat in de Schrift staat.

De bijbel is leidend. Mensenwoorden moeten we aan de bijbel toetsen.

We moeten steeds zo spreken: er staat geschreven.



Vers 7

Ontvangen.

Een Christen wil van God ontvangen.


Wie maakt onderscheid?

Als je jezelf verheft boven een ander, dan kun je een ander beoordelen. Zo moet het niet. Je moet juist nederig zijn.

1 Corinthiërs 3:20.



Vers 8

Gaan regeren.

De Corinthiërs gedragen zich als heersers over anderen. Dat keurt Paulus af. Ze heersen al zonder Paulus.

Was het maar zo dat we konden regeren, want dan was het vrederijk aangebroken. Dan zullen we met Christus regeren. Naar die mede-regering ziet Paulus wel uit.


Verzadigd, rijkdom, macht.

Er is verband tussen deze drie woorden.

Wie voldoende voedsel heeft, wil rijk worden. Dan kan men voor zichzelf alles realiseren. Als men dat punt heeft bereikt, wil men macht. Met macht kan men anderen laten doen wat men wil.



Vers 9

Ter dood veroordeeld.

Jezus regeert nu nog niet. We zien nu nog niet dat alle dingen aan Hem onderworpen zijn. Jezus werd en wordt verworpen. Zo vergaat het ook Zijn volgelingen. Korinthe probeert zich daaraan te onttrekken.


Tentoongesteld.

Iemand die ter dood veroordeeld werd, kon zijn leven nog wat rekken als gladiator. Hij wordt steeds tentoongesteld totdat...



Vers 10

Zo anders.

Korinthe is zo anders dan Paulus.

Schouwspel.

Openlijk veracht. De medemens vindt er plezier in om ons te verachten, uit te jouwen of zich aan onze gewelddadige dood te vergapen.

1 Petrus 4:14-16.



Vers 13

Uitvaagsel.

Het vuil dat je uit je huis veegt.


Afschraapsel.

De viezigheid die je van je schoenen afschrapt.



Vers 16

Mijn navolgers.

Als ze Paulus volgen, dan volgen ze Jezus ook.

Dat is de juiste weg. Zo zijn ze echte discipelen.

Over dat "navolgen", dat discipelschap, spreekt Paulus vaker.

Daar hoort verdrukking bij. Ook lichamelijk lijden.

In 2 Corinthiërs 11:22-28 schrijft Paulus over het vele lijden dat hij meemaakte.



Vers 17

Timotheüs.

Hij komt naar Korinthe. Hij zal hetzelfde zeggen als wat Paulus nu schrijft.

Hij moet de gemeente aansporen om Paulus, dus ook Christus, te volgen.



Vers 20

Geen woorden, maar kracht.

"Woorden" betekent hier: mooi gepraat.

Kracht van de Geest zie je bv in het afwenden van het kwaad. Ook wordt "kracht" zichtbaar in de vrucht van de Geest.

Díe "kracht" wil Paulus graag zien. Een leven met Christus. Zo was het zichtbaar geweest in het leven van Paulus.

Het effect van de zalving met de Geest lees je ook in:



<