Hoofdstuk 21


Vers 3

Meer dan allen.



Vers 4

Heel het levensonderhoud.

Deze weduwe bracht een óffer voor God. Anderen gaven een gift.

Tijdens collectes bij huisgemeenten in China gaf men soms wat men in de zak had, maar dat was ook alles wat men op de wereld had.



Vers 5

De tempel.

In Lukas 19:44 had Jezus al gesproken over de verwoesting. Nu komt men daar ongelovig op terug.



Vers 6

Er komen dagen.

De verwoesting is al over ongeveer 37 jaren.

In het jaar 70 verwoestten de Romeinen Jeruzalem en de tempel.



Vers 7

En zij.

Markus 13:3.



Vers 8

Tekenen vd tijd.

Jezus noemt hier tekenen vd eindtijd.

In Openbaring 6 verschijnen de 4 ruiters in dezelfde volgorde als de tekenen die Jezus noemt.



Vers 11

Aardbevingen.

In 1998 kwamen er bij rampen 3x zoveel mensen om dan in 1997. (50.000)

CNN: in 1998 waren er meer rampen dan in de 10 jaren daarvoor.

Ziekten.




Vers 12

Vóór dit alles...

Nu gaat de profetie weer terug naar de periode tussen 33 en 70.

De apostelen zullen vervolging ondervinden.



Vers 15

Wijsheid geven..

Dat zien we duidelijk bij Stefanus.



Vers 16

Sommigen van u doden.



Vers 20

Legers rond Jeruzalem.

Dat gebeurde rond het jaar 70. De Romeinen verwoestten stad en tempel. Het lijkt veel op de eindtijdprofetie, maar vers 24 laat zien dat het gaat over het jaar 70.


Ook in de eindtijd gebeurt dit volgens Zacharia 14:1-4, maar dan komt Jezus terug om te verlossen.



Vers 21

Vluchten.

Voor zover bekend zijn er geen christenen omgekomen bij het beleg van Jeruzalem.

Ze gaven gehoor aan de woorden van Jezus.



Vers 24

De tijden van de heidenen.

De tijden van de heidenen begonnen toen Nebukadnezar Jeruzalem verwoestte. Sinds die tijd dateren de bijbelschrijvers ook naar de regeringsperioden van heidense overheersers.

De tijden van de heidenen duren totdat Christus koning wordt.


Door heidenen vertrapt.

Het heilige land en Jeruzalem worden vertrapt door:

Totdat...

In 360 probeerde keizer Julianus de Afvallige te bewijzen dat Jezus géén God was.

Hij riep alle Joden terug en Hij zou steun geven aan de herbouw van de tempel.

Er was een geweldige respons op deze oproep.

Maar... cement hield niet.

Stenen pasten niet.

Er kwamen, zegt men, zelfs vlammen uit de grond.

Het woord van Jezus bleek waarheid.



Vers 25

Benauwdheid.



Vers 26

Angst.

Angst in de grote verdrukking.

Alle rampen die beschreven staan van Openbaring 6 t/m Openbaring 19 zullen de aarde treffen in de grote verdrukking, vlak vóór de wederkomst.



Vers 27

Wederkomst.

Zacharia 14:4 beschrijft Jezus' komst op de Olijfberg.

In een wolk.

Reeds tijdens de woestijnreis van Israël was de wolkkolom het teken van Gods heerlijkheid.




Vers 28

Deze dingen..

Dat zijn de tekenen die in de verzen 25 en 26 beschreven staan.


Verlossing.

= opname van de gelovigen.

Levenshouding aannemen.

Richt je hoofd op. Niet met je hoofd tussen de knieën. Niet angstig en moedeloos.

Hij verlost ons van de toekomstige toorn.

Die toekomstige toorn wordt zichtbaar in de grote verdrukking.



Vers 29

4 commando's.

  1. Let op de vijgenboom. Metafoor voor Israël. Beeld van dood en leven. 2000 jaar konden we niet letten op de vijgenboom. De diaspora was de wintertijd. Vanaf 1948 kunnen we de vijgenboom zien uitlopen. Hij komt weer tot leven.
  2. Let op al de bomen. Dat zijn de volken rondom. Let op die volken. 2000 jaar hebben de omliggende volken geslapen. In 1948 worden ze opeens wakker. Hun kwaadaardigheid zal op hun eigen hoofd terecht komen. Syrië, Jordanië, Irak liggen in puin. Belangrijk is hoe de volken met de Joden omgaan. Daar zal Jezus de volken over oordelen.
  3. Zie toe op uzelf. In onze tijd is zelfdiscipline ver weg. We letten veel op de ander. We moeten op veel dingen letten.
  4. Wees waakzaam en bid. We worden door veel dingen afgeleid. Laat je in beslag nemen door de Geest. Met de dagen van Zijn komst is het treurig gesteld met intensief gebed.



Vers 31

Het koninkrijk nabij.

In Mattheus 4:17 zei Johannes de Doper ook al dat het koninkrijk dichtbij was. De Koning was er immers. Maar de Koning Jezus werd verworpen.

Het aardse koninkrijk werd uitgesteld. Het koninkrijk kreeg een geestelijke vorm.

Het gaat hier over het aardse koninkrijk dat Jezus zal oprichten bij Zijn wederkomst.



Vers 32

Dit geslacht.

Totdat alles geschied is.



Vers 34

Die dag.



Vers 35

Een strik.

Als je niet waakzaam bent, kun je zomaar in een strik trappen.

Daarom: waakt dan.



Vers 36

Gelovigen zullen deze vreselijke dingen ontvluchten.




<