Waarom kwam Jezus?
In die dagen.
God bestuurt. De inhoud van de geschiedenis wordt bepaald door de heilsgeschiedenis.
In die dagen van
God begint in de tempel als Hij Gabriël naar Zacharias stuurt.
God zet het voort door Gabriël naar Maria te sturen.
Keizer Augustus moet meewerken om Gods doel te bereiken.
Eerste inschrijving.
"Eerste" kan ook met "voordat" vertaald worden. De beschrijving gebeurde dan vóórdat Cyrenius stadhouder was. (6-1 v C of 6-7 n C)
Er was toen een opstand van Judas de Galileër.
Verder is bekend dat Cyrenius twee keer stadhouder was in het oosten van het Romeinse Rijk. De eerste keer was hij dat van 6 tot 1 voor Christus en de tweede keer van 6 tot 7 na Christus.
Verschillende bronnen maken melding van een eed aan de keizer. In 3 voor Christus begon de registratie hiervoor. Cyrenius had de taak om dit in Syrië te organiseren. Het ging om een belofte dat niemand aanspraak zou maken op de troon in Rome. De annalen geven aan dat keizer Augustus op 5 februari van het jaar 2 voor Christus de eed van senaat en volk heeft geaccepteerd. Hierdoor kon hij op grond van de eedregistratie zeggen dat het volk hem als ‘vader des vaderlands’ (‘pater patriae’) had begroet. De eedregistratie moet dus vóór 5 februari in het jaar 2 voor Christus zijn afgerond. Als je dat weet zal Cyrenius op zijn laatst in de zomer of herfst van het jaar 3 voor Christus de eedregistratie in de landstreken van Judea voltooid hebben. Jozef en Maria bleven nog een hele tijd in Bethlehem. Dus Jezus kan best in 2 v C geboren zijn.
Toen drie zoons Herodes na zijn dood opvolgden, lieten ze een jaartal op de munten slaan, omgerekend ‘4 voor Christus’ . Dit klopt niet met 2 v C. ( of de omrekening is fout).
Naar Bethlehem.
Een reis van 155 km.
God bestuurt, want Micha 5:1 moet vervuld worden.
Uit het geslacht van David.
Geslachtsregister van Jozef.
Ook Maria is uit het geslacht van David. Zo alleen kon de belofte aan David vervuld worden. Uit zijn geslacht zou de Christus verwekt worden. Die belofte staat ook in
Het geslachtsregister van Maria staat in
Ondertrouwde vrouw.
Een bruid had reeds dezelfde rechten als een getrouwde vrouw. Als de bruidegom stierf, vóór de bruiloft, gold de bruid als weduwe.
De ondertrouwde bruid was ook erfgename van de bruidegom, hoewel ze nog niet getrouwd was.
In Mattheus 1:24-25 lijkt het alsof Jozef en Maria reeds getrouwd zijn.
Ze hadden geen gemeenschap met elkaar totdat Jezus geboren was.
Zij baarde.
Op het concilie van Efeze in 431 werd onderstreept dat Maria "moeder Gods" genoemd moet worden.
Moeder van het vleesgeworden Woord.
Maar... Maria baarde een écht mensenkind. Hij was precies zoals wij.
Jezus, de eerstgeborene.
Broers van Jezus:
Mattheus 13:55.
Herberg.
Grieks: Kataluma.
Dat is hetzelfde woord dat Jezus gebruikt voor de opperzaal waar Hij het Pascha gaat vieren met de discipelen.
In de woonkamer of in het gastenverblijf (kataluma) was geen plaats. Daar waren al gasten. Het was immers Loofhuttenfeest.
Er waren vanuit het hele land veel mensen naar Judea gekomen.
Mattheus 2:11.
Jeremia 41:17.
Herberg.
Een herberg waar een vreemde tegen betaling mocht verblijven is aan de oudheid vreemd. Het was ook géén karavanserei, want die waren alleen in onbewoonde plaatsen.
Doeken.
Windsels.
Kribbe.
Het grondwoord heeft te maken met "eten". Het grondwoord kan ook voedselbak of broodbak betekenen.
Zo'n broodbak stond in de loofhut. Men wond het brood in een doek om het langer vers te houden.
Het Brood des levens lag in Bethlehem (broodhuis) in een broodbak. Hij is ook in doeken gewonden.
Jezus werd ook op het Loofhuttenfeest geboren.
Zie aantekeningen Lukas 1:5.
Geen plaats.
Als Jezus op het Loofhuttenfeest is geboren, dan waren er heel veel pelgrims in en rond Jeruzalem. Dus extra drukte naast de "beschrijving" in opdracht van keizer Augustus.
Heidense invloed in het kerstverhaal.
De bijbel kent geen:
Dit alles kwam terecht in het kerstverhaal door de kerstening van het heidense Mithrasfeest, het feest van de zonnegod Mithras.
De zonnegod Mithras werd op zondag, op 25 december in een grot of stal geboren. Daarom was hij zonnegod. Zijn moeder was maagd. Hij had later ook 12 discipelen. Hij stierf en werd weer levend. Hij streed tegen de duisternis.
Mithras wordt afgebeeld met een altijd groene naaldboom.
Keizer Constantijn verving dit populaire Romeinse Mithrasfeest door kerstfeest. Het eerste kerstfeest vierde men in 335. Kerstfeest is zeker géén Bijbels feest, maar moest het heidense Mithrasfeest vervangen.
We zien een vermenging van het evangelie met heidense elementen.
We moeten ons niet inlaten met iets dat naar heidendom verwijst.
God haat ónze vastgestelde tijden.
God zelf heeft feesttijden bepaald.
De Babelse afgod.
Semiramis, vrouw van Nimrod, baarde Thammuz op 25 december.
In Babel vierde men op die datum het geboortefeest van Thammuz.
Er was sfeerverlichting en men gaf elkaar een cadeau.
Men versierde ook naaldbomen.
Later, in de 4e eeuw, zijn Semiramis en Thammuz gekerstend tot Maria en het kind Jezus. Zo kwam het kerstfeest op 25 december.
Discussie in Nederland.
De feestdagendiscussie is ook Nederland niet voorbijgegaan. In 1574 besloot de Dordtse synode om de viering van de kerstdagen af te schaffen. In de kerken moest niet op 25 december maar op de zondag daarvoor aandacht besteed worden aan Jezus’ geboorte, zoals Calvijn dat ook deed.
De overheid bleef het vieren van de feestdagen in Nederland echter stimuleren. Dat zorgde ervoor dat ook de kerkgangers Kerst bleven vieren, desnoods in een rooms-katholieke eredienst.
Uiteindelijk herriep de Dordtse synode het kerstbesluit in 1578 en sprak uit dat de „onnutte en schadelijke lediggang” veranderd moest worden in een „heilige en profijtelijke oefening”. De synoden van Middelburg (1581) en ’s-Gravenhage (1586) herhaalden dat besluit.
De bekende Dordtse Synode van 1618-1619 legde het standpunt vast in de Dordtse Kerk-
orde. Kerkelijke gemeenten moesten voortaan niet alleen de zondag „onderhouden”, maar ook „Kerst, Pasen en Pinksteren, met de navolgende dag”. Daarmee werd ook de viering van de tweede feestdagen voor het eerst officieel vastgelegd.
's nachts de wacht houden.
Deze herders hoedden de offerdieren. Het was ook (bijna) Loofhuttenfeest. Ze waakten bij de toren Migdal-Eder, de schaapstoren.
In wintertijd (november t/m februari) waren er geen herders in het open veld. Dan was het veel te koud. 25 december is overgebleven van gekerstende heidense feesten.
De herders
Het waren waarschijnlijk speciale levietische herders die voor perfecte offerdieren moesten zorgen. Juist aan hen wordt verkondigd dat Het volmaakte Lam is gekomen.
De heerlijkheid van God.
De heerlijkheid van de HEERE is de sjechina.
De totale heerlijkheid van God kan een mens niet zien.
God is een verterend vuur.
Misschien was de sjechina hier toch, zoals in de tabernakel en de tempel.
Of brengen de engelen iets van die heerlijkheid mee?
Heel het volk.
In de lofzang van Simeon in Lukas 2:31 staat dezelfde grondtekst. Daar is het vertaald: alle volken
Het is dus vreugde voor
Verwijzing naar het Loofhuttenfeest.
De woorden van de engel verwijzen naar het Loofhuttenfeest:
Op het Loofhuttenfeest is Jezus waarschijnlijk geboren.
Stad van David.
Er zijn 2 steden van David:
De engel zal de herders wel de juiste richting gewezen hebben .
In doeken en in de kribbe.
Volgens vers 16 is het kenmerk "kribbe" belangrijker dan het kenmerk "doeken".
Een kribbe is een voedselbak of een broodbak.
Een broodbak (=kribbe) als wieg was wel apart.
Een kind werd altijd ingebakerd. Dat was niet bijzonder.
In het apocriefe boek Wijsheid zegt koning Salomo dat hij als baby in doeken werd gewonden. Doeken zijn dus niet speciaal een teken van armoede.
De armoede van Jezus is geen uiterlijk vertoon, maar blijkt uit het afleggen van de hemelse heerlijkheid.
"In doeken wikkelen" betekende ook dat de vader dit kind als zíjn kind erkende.
Zei
Het grondwoord wijst niet op zingen, maar op roepen, scanderen, net als een groep supporters doet.
Eer zij God.
In het Grieks staat géén wensende vorm, maar een aantonende vorm.
Dus:
Hemelen.
Dat woord "hemelen" ontbreekt in de grondtekst.
In de hoge.
De uitdrukking: "uit de hoogte" of "in de hoge" is bij de rabbijnen een gebruikelijke omschrijving van Gods Naam.
Mensen van het welbehagen.
Uit enkele oudere handschriften bleek, dat "welbehagen" in de tweede naamval stond, dus:
Het gaat over het welbehagen van God tot mensen.
God heeft welbehagen in Zijn Zoon.
Als we in Jezus geloven, heeft God ook welbehagen in ons.
Vrede op aarde.
Letterlijk:
....en op aarde is vrede in mensen waar Hij een welbehagen in heeft.
De goddelozen hebben geen vrede.
Verschillende vertalingen.
NB: Glorie aan God in de hoge, vrede daalt neer op de aarde, Hij heeft in mensen behagen.
NBV: Eer aan God in de hoogste hemel en vrede op aarde voor alle mensen die Hij liefheeft.
NBG 51: Ere zij God in de hoge, en vrede op aarde bij mensen van het welbehagen.
Luther: bei den Menschen seines Wohlgefallens.
Vrede:
Hoe kom je aan die vrede?
Vertellen wat gezegd is.
De herders vertellen niet hun eigen verhaal, maar geven de boodschap van de engel door.
Ze waren ooggetuigen en oorgetuigen.
Allen die het hoorden.
De mensen verwonderden zich wel, maar we lezen NIET dat iemand Jezus opzocht.
Verwondering is geen geloof.
Overleggen.
Maria bleef erover nadenken.
Niet gezien, toch geloofd.
Wij hebben alles wel gehoord, maar niet gezien. We zijn zalig als we geloven, zonder het te zien.
De naam Jezus.
Acht dagen.
De besnijdenis was op de achtste dag.
Op de achtste dag na de geboorte is de bloedstolling bij een mens het grootst.
Ver voordat de wetenschap dit feit van de bloedstolling ontdekte, had Mozes dit al beschreven.
Wijsheid van God is zo zichtbaar in de Thora.
De Heere voorstellen.
Zoals Jezus in de tempel aan God werd voorgesteld, zo worden nu baby's opgedragen.
Een voorganger kan het kind in de armen nemen en zegenen zoals Simeon deed.
Dagen van haar reiniging.
"Haar" staat in het meervoud.
Dus: Dagen van hun reiniging.
40 dagen bij de geboorte van een jongen.
De wijzen uit het oosten waren waarschijnlijk nog niet geweest.
Geschreven in de wet.
Offerdieren.
Ze brachten een armenoffer.
De offerdieren waren duiven, maar ze hadden ook Het Lam bij zich.
Mogelijk waren de wijzen nog niet geweest.
Simeon verwachtte.
Simeon =
De Heilige Geest leerde hem ook de tijdsbepaling van Daniel 9:25.
Er waren al 65 jaarweken voorbij. Na de 69e week zou de Messias sterven.
Simeon had een Messiaanse verwachting. Zo ook de kennissen van Anna.
Goddelijke openbaring.
Simeon kreeg onderwijs van de Heilige Geest. Mogelijk kreeg hij ook licht over
Volgens Uw woord.
Zie vers 26.
Handelingen 15:14
Voor alle volken.
In Jesaja 49:6 is de volgorde andersom.
Heidenen verlichten.
Dit Licht zal verder stralen dan alléén naar Israël. Het zal ook de heidenen bereiken.
Israël verheerlijken.
Val en opstanding.
Mensen zullen Jezus verschillend beoordelen:
Jesaja 8:14.
Een profetes.
Deze profetes spreekt geen profetie zoals Simeon, maar gaat wel profetisch werk doen door de heilsboodschap door te geven.
84 jaar.
Nacht en dag.
Anna was altijd in Gods huis te vinden. Wie zo leeft, vindt zeker Jezus.
Vasten.
Allen die de verlossing verwachtten.
Via Simeon en Anna wisten velen over Jezus' komst. Maar veel andere Joden zullen het niet geloofd hebben. Maar toen de wijzen kwamen, raakte Jeruzalem in verwarring. Herodes wist van niets. De wijzen vonden géén baby, maar een groter kind volgens de grondtekst.
De wijzen kwamen dus waarschijnlijk ná de voorstelling in de tempel.
Deze mensen zien uit naar Gods koninkrijk, naar de regering van de Messias. Hij zal hen van vijanden verlossen.
Zie Lukas 1:70-71 met de aantekeningen
Keerden terug.
Eerst was er nog een vlucht naar Egypte en wachten op de dood van Herodes.
Hun stad.
Nazareth was de stad van Jozef en Maria.
De stad van Jezus is Jeruzalem volgens vers 49.
Lukas slaat de vlucht naar Egypte over. Waarom? Hij had alles zo goed onderzocht. Het past waarschijnlijk niet in het thema van Lukas: dé mensenzoon.
Groeien in de genade.
Anderen kunnen dan iets van Jezus terugvinden in ons leven.
Naar Jeruzalem.
Exodus 23:14-17 eist het opgaan naar de tempel alleen van de mannen. Jozef en Maria leefden Jezus dus voor in de wet. Ook zij waren onder de wet.
Bar Mishwah.
= Zoon van de wet.
Dan begon het onderwijs in de Thora.
Tegenwoordig is dat voor jongens 13 jaar en voor meisjes 12 jaar.
3 dagen.
Jezus was 3 dagen zonder Zijn ouders.
Waar heeft Hij geslapen?
Waar heeft Hij gegeten?
Veel vrijheid voor Jezus.
Weet je zeker..
Weet je zeker dat Jezus met u meegaat?
Wie in Mij gelooft, heeft eeuwig leven.
Mijn zekerheid berust in wat Hij voor mij deed en zeker niet in mijn geloof.
De plaats van Jezus.
Hij zit niet tussen andere leerlingen, maar tussen de leraren. Hij luisterde en stelde vragen.
Wat moesten Jozef en Maria doen?
Wat deed Jezus?
Jezus verliest zich helemaal in de dingen van God.
Ook hierin moeten we Jezus navolgen.
Kind
Teknon: kind, maar niet in de betekenis van afstammeling, maar meer je kind waarmee je een innige relatie hebt.
Maria is de enige die "teknon" kon zeggen. Mijn Kind.
Een ander woord voor zoon is "huios"
Jezus is "huios" van David.
In Openbaring 12:5 staan beide woorden.
Jezus' levenswerk.
In deze tekst staan de enige woorden, uit de eerste 30 jaren van Jezus, die de Heilige Geest ons bekend maakte. Hij is bezig in de dingen, in de wil van Zijn Vader. Dit is tegelijk Zijn levensprogramma.
"Het is volbracht": de wil van de Vader is volbracht.
Dingen van Mijn Vader.
Het woord "dingen" staat niet in de grondtekst. Men had hier ook "wil", "huis" of "stad" of iets anders kunnen invullen.
Jezus kwam om de wil van Zijn Vader te doen. Dat was Zijn eten en drinken.
De wil van Zijn Vader deed Hij vanaf het begin van Zijn leven, totdat Hij kon zeggen: "Het is volbracht". De wil van Zijn Vader was volbracht!
Wist u niet..
Confronterend voor Jozef. Hij was slechts pleegvader.
Maria en Jozef wisten heel goed waar Jezus' Vader was.
Waar vinden wij Jezus?
In de Bijbel.