Hoofdstuk 17


Vers 1

Struikelblokken.

Grondwoord: skandalon.

Dat is een krom houtje in een dierenval. Het is dus een valstrik. Als je het aanraakt, ben je een prooi van de satan.




Vers 3

Ga naar hem toe.

Mattheus 18:15-17 is uitgebreider.


stap 1:

Neem 1 of 2 getuigen mee.

Stap 2:

Stappen 3 en 4.

Die staan in Mattheus 18:17.



Vers 4

Berouw en vergeving.



Vers 5

Vermeerderen ons geloof.

In de Bijbel lezen we geen gebed: "HEERE, geef ons geloof".



Vers 6

Als een mosterdzaadje.

Er staat niet: zo klein als...

Als je geloof hebt als een mosterdzaad, dan heb je er pas nut van als je het in de grond stopt. Dit geloof moet je in God investeren. Dan gaat het groeien en vrucht dragen. Geloof is geen kracht op zichzelf, maar geloof richt zich op Iemand, op God. Als je dat doet, gebeuren er wonderen.



Vers 14

Volgorde.

  1. Jezus geeft een opdracht.
  2. De melaatsen gehoorzamen.
  3. De melaatsen genezen.



Vers 20

Wanneer komt het koninkrijk?

De Joden hadden van de profeten vooral onthouden dat de Messias hen verlossen zou van de vijanden.

Zelfs de Emmaüsgangers hadden deze hoop tot het laatste gehad.

Maar zolang de Koning op aarde is, is het koninkrijk nog binnen het bereik. Wel is dan geloof en bekering nodig.

Het koninkrijk komt niet op waarneembare wijze.

De farizeeërs willen weten wanneer de Messias als koning in Israël zal gaan regeren.

Zij zijn er echter zelf de oorzaak van dat het koninkrijk in de aardse vorm voorlopig nog niet komt.

De Koning was er al, maar zij verwierpen Hem. Ze noemden Hem Beëlzebul.

Nu wordt het eerst een geestelijk koninkrijk. Jezus begint gelijkenissen te vertellen, waarmee Hij buiten de grenzen van Israël treedt.

De zaaier strooit het zaad in de akker en die akker is de wereld.

De gemeente zal ontstaan.

En in de eindtijd zal dan toch het vrederijk er zijn en zal Jezus in Jeruzalem regeren.

Hij wordt Koning over de hele aarde.



Vers 21

Koninkrijk is binnenin u.

De Koning stond in hun midden, maar dat herkenden of erkenden ze niet.

Als de Koning er is, dan is het koninkrijk van God gekomen.



Vers 22

Er zullen dagen komen.

Het gaat over verdrukking, over vervolging.

Ze zullen verlangen naar de wederkomst van Jezus, maar dat zal nog niet zijn.



Vers 26

Dagen van Noach.

Noach in veiligheid.

Zoals Noach in veiligheid werd gebracht, zo zal God ook de gelovigen in veiligheid brengen voordat de toorn van het Lam losbarst in de grote verdrukking.



Vers 29

Op de dag waarop Lot wegging...

Op de dag dat Lot wegging, kwam de ondergang van Sodom.

God laat de rechtvaardige niet omkomen met de onrechtvaardige.

Als in de eindtijd de gelovigen zullen opstaan en alle rechtvaardigen zullen worden opgenomen, dan begint het oordeel over de goddelozen. Dan begint de grote verdrukking.

De gelovigen verdwijnen dus vóór het oordeel.



Vers 30

De Zoon geopenbaard.

Dat is op de dag van de wederkomst.

Jezus komt op de Olijfberg.



Vers 31

Op die dag.

Het is dan licht. Men kan op de akker bezig zijn.

In vers 34 is het nacht. Men slaapt.

Tegelijk dag en nacht wijst op de bolvorm van de aarde.



Vers 32

Denk aan de vrouw van Lot.

Het gaat over volharding.

Houd het doel in het oog.

Kijk niet achterom.

Volharden is moeilijk.



Vers 34

De sleutel.

De sleutel is vers 24: " zo zal ook de komst van Jezus zijn".

Noach was de gelovige, hij werd apart gezet in de ark en gered uit het oordeel. Zo ook Lot.

Zo zal de één meegenomen worden tijdens de 1e opstanding en de opname vd gelovigen en de ander zal achterblijven. Wie achterblijft komt in het oordeel van de grote verdrukking.


Wegrukken.

De opname is als wegrukken. Dat lees je van Filippus in Handelingen 8:39.

In 1 Thessalonicenzen 4:15-18 staat hetzelfde woord en daar beschrijft Paulus de opname van de gelovigen.



Vers 37

Dode lichaam.

= (ongelovige) Israël.


Gieren / arend.

Beeld vd vijand van Israël.

Zie:

Dus waar gebeurt dit?

In Israël als het volk daar weer woont.



<