Hoofdstuk 5


Vers 1

Gadarenen.

Daar woonden veel heidenen. Ze dienden Zeus en offerden hem zwijnen.



Vers 2

Gradaties in gebondenheid.



Vers 7

In dit gebied waren de demonen de baas en nu komt Jezus binnen hun gebied.



Vers 8

Ga uit van deze man.

Jezus werpt de demonen uit door de Heilige Geest die Hij heeft ontvangen.

Verschillende manieren.

Jezus gebruikte verschillende manieren om demonen uit te drijven.

Hij luisterde naar de wil van de Heilige Geest.

  1. Hij drijft soms uit op grote afstand.
2. Hij spreekt de demonen soms direct aan.3. Soms legt Hij de handen op.



Vers 9

Demonen

Markus 16:9 Maria Magdalena had er 7.

Openbaring 9:4 Apollyon.

Mattheus 12:24 Beëlzebul.

2 Corinthiërs 2:7 bij Paulus

Lukas 22:31 bij Petrus



Vers 13

Steilte.

In N.O. van het meer is de enige plek met steile oevers.

Daar lag de stad Susita.

Een stad op een berg kan niet verborgen zijn.



Vers 19

Jezus laat nog een prediker achter. Hij wil hun behoud.



Vers 27

Bovenkleed. Talliet.

Talliet = gebedsmantel.

Daaraan zitten de tsitsiet, de kwastjes, op elke hoek.

In elk kwastje zit één blauwpurperen draad.

Wie de kwastjes ziet, moet aan Gods geboden denken.

Kanafim=hoeken.

In Maleachi 4:2 is het vertaald met "vleugels", vleugels van de Zon der gerechtigheid. Onder Zijn vleugels zal genezing zijn.

In Markus 5:27 gelooft een vrouw dat Jezus de " Zon der gerechtigheid " is en pakt Zijn vleugel. Ze vindt genezing.


De kleding van Jezus aanraken om daardoor gezond te worden, gebeurde vaker.



Vers 30

Jezus' vraag.

Gelukkig dat Jezus deze vraag stelt, anders zou die vrouw zich later altijd beschuldigen dat ze iets " gestolen" had. Nu kreeg ze de goedkeuring van Jezus.



Vers 34

Genezen.

In de wet wordt het reine juist onrein als ze elkaar aanraken. Bij Jezus is het altijd andersom.



Vers 39

Ze slaapt.

In Jezus' ogen is de dood van gelovigen slechts een slaap. Ze is ontslapen.

Ze is niet zo gestorven, dat ze begraven zal worden.



<