Wie is Mattheüs?
Een Joodse tollenaar Levi. Hij was de zoon van Alfeüs.
Jezus riep Levi om Hem te volgen.
Zo werd hij discipel en heette hij Mattheüs.
Tijd van het schrijven.
Rond 50.
Zoon van Abraham en zoon van David.
Deze aanhef laat al zien dat Mattheüs zijn evangelie voor de Joden schreef.
Via Abraham krijgt Jezus de landbelofte.
Via David krijgt Jezus de koningsbelofte.
Deze beide beloften leiden tot het vrederijk van de Messias. (Land en koningschap over Israël)
Waarom kwam Jezus?
Geslachtsregister.
Jezus had het juiste voorgeslacht om de Messias te zijn.
Hier staat Zijn koninklijke afkomst, Davids Zoon. In Lukas 3:38 heet Hij Zoon van God.
Anders dan moderne mensen waren mensen van toen meer geïnteresseerd in de afkomst dan in de toekomst van iemand.
Het nieuwe testament.
Betrouwbaarheid van NT.
Vergeleken met antieke boeken is het NT het best bewaarde document uit de antieke wereld.
Er zijn bijna 6000 gedeeltelijke of volledige manuscripten van het NT in het Grieks. Bovendien zijn er meer dan 18.000 vroege vertalingen.
De tijd tussen het origineel en de vroegste manuscripten is 100 tot 200 jaar.
Dat is veel korter dan bv. bij
Overschrijffouten.
Geen 2 manuscripten bevatten dezelfde overschrijffout. Bovendien gaat het vooral om kleine taalkundige kenmerken die geen verschil maken voor de betekenis.
Verwekte Izak.
Letterlijk: dé Izak.
Zo staat er ook:
Zo staat het voor alle namen.
Dit benadrukt wie in het voorgeslacht van Jezus staan. Het gaat hier aanvankelijk om mensen die geen oudste zonen waren. Dat komt ook later voor: Perez, David, Salomo. Dat week hier af van de geldende regels.
Juda zou wel de stam zijn waaruit Jezus zou worden geboren, maar het eerstgeboorterecht ging naar Jozef. Hij kreeg ook 2 delen, Efraïm en Manasse.
Thamar .
Thamar is onrecht aangedaan door haar zwager Onan en ná diens dood ook door Juda doordat hij zijn zoon Sela niet aan Thamar gaf.
Thamar streefde gerechtigheid na.
Zij wilde dat voldaan werd aan het leviraatshuwelijk.
Perez en Zerah.
Letterlijk:
Beide jongens waren uit hoererij geboren. Juda was hun vader. Juda erkende ze als zonen van zijn overleden zoon Er.
Gods lijn gaat verder via Perez die ook de oudste was van de tweeling.
Een persoon weggelaten??
Nahesson is aanvoerder van Juda ttv Mozes.
Salmon ttv val van Jericho. (1400)
Boaz, zoon van Salmon, leefde rond 1200. Hij was de overgrootvader van David, die rond 1000 v C leefde.
Tussen Salmon en Boaz zal waarschijnlijk een persoon ontbreken.
Generaties weglaten.
Dat gebeurt vaker.
In Genesis 11:10-32 ontbreekt Kaïnan als vader van Selah. We vinden hem wel in Lukas 3.
Rahab en Ruth.
Letterlijk:
Dus: de ieder bekende Rachab en Ruth.
Wie was Rachab?
Wie was Ruth?
Generaties weg?
Boaz was overgrootvader van David. Boaz leefde 1200. Dan zijn er waarschijnlijk ook tussen Salmon (1400) en Boaz (1200) personen weggelaten.
David de koning.
Letterlijk:
David dé koning.
Dus David, die belangrijke koning. David die de belofte ontving, dat de Messias uit zijn geslacht zou voortkomen.
De vrouw van Uria.
Deze woorden geven groot onrecht aan. David deed haar onrecht aan.
Ingaan tegen iets wat de koning wilde, was in die tijd eigenlijk ondenkbaar.
Nergens lezen we dat Batseba David verleidde.
2 Samuel 12:24 noemt haar de vrouw van David.
Een Jodin.
De opa van Batseba was Achitofel.
In Jeruzalem geboren.
Alle koningen van Juda zijn in Jeruzalem geboren behalve:
Zij werden in Bethlehem geboren.
Moeder van Rehabeam was een Ammonitische.
Ontbrekende koningen.
Hier ontbreken 3 namen.
Joram-Ahazia-Joas-Amazia- Uzzia (=Ozias).
Deze koningen werden door Gods vloek getroffen.
Bovendien waren ze directe afstammelingen van Athalia, de duivelse dochter van Izebel, die het koningshuis van David bijna uitroeide.
Jechonia.
= Jojachin.
Hij was kleinzoon van Josia, want zijn vader was Jojakim(=Eljakim), maar die naam ontbreekt hier.
Bij Jojachin = Jechonia breekt de afstamming van de koningenrij. Dat was al voorzegd.
Een dochter van Assir,
een kleindochter van Jojachin, huwde met Neri, een nakomeling van Nathan, de zoon van Batseba en David.
Hun kind is waarschijnlijk Salathiël = Sealtiël.
Salathiël (= Sealtiël) is de kleinzoon van Assir.
Joahaz.
Hier ontbreekt Joahaz, de oudste zoon van Josia en Josia's opvolger. Hij regeerde slechts 3 maanden en werd door farao Necho afgezet.
Ook Jojakim (=Eljakim) ontbreekt hier.
Jechonia (= Jojachin) had als opvolger géén zoon, maar een oom, de derde zoon van Josia nl. Zedekia.
Jechonia (=Jojachin) was de kleinzoon van Josia, en hij was de zoon van Jojakim (=Eljakim).
Jechonia (=Jojachin) verwekte...
Hier zijn namen weg!
Jechonia stierf en werd opgevolgd door zijn oom Zedekia, de derde zoon van Josia.
Zedekia regeerde 11 jaren.
De ballingschap duurde 70 jaren. Ná de ballingschap kan Jechonia zeker niet Sealtiël verwekt hebben.
De vader van Sealtiël heet Assir.
Zerubbabel.
De Perzische vorst stelde hem aan als landvoogd in Judea.
Hiaten in de tijdslijn?
De verzen 13-15 bevatten 9 namen. De tijdsperiode is bijna 500 jaar. Dat is wel weinig.
Lukas spreekt van bijna 2x zoveel geslachten
Verwekte.
Steeds staat er "verwekte".
Opmerkelijk ontbreekt dat bij Jozef. Hij was niet de vader van Jezus.
Dit wijst naar de maagdelijke conceptie.
De man.
Letterlijk:
Dus: de wettige man.
Tot Christus zijn 14 geslachten.
Letterlijk: tot dé Christus.
Het gaat dus over de wáre Christus.
Tot de Babylonische ballingschap.
Letterlijk:
Dus de laatste, de definitieve wegvoering nadat Jeruzalem was verwoest door Nebukadnezar.
41 namen ipv 42.
We tellen 14+14+13 namen.
In serie 1 tellen we wel 14 namen, maar 13 generaties.
13 is getal van "anti-god ", van afval en opstand. Is dat omdat Jezus tot zonde gemaakt is?
Jechonia (vers 11 en 12) moet je 2x meetellen om aan 14 te komen.
De getalswaarde van David is 14.
Maar... er kan nog ook de letter jod bij staan. Dan is de getalswaarde 24.
42 geslachten.
Op de tocht van Israël uit Egypte naar Kanaän heeft Israël 42 rustplaatsen gehad.
Na de 14e stopplaats werden de verspieders uitgezonden.
42 is dus het getal dat spreekt over het gaan uit de slavernij naar de verlossing.
Joden begrijpen dit. Ze vinden het ook prima als Mattheüs daarvoor namen weglaat.
Zijn moeder.
Letterlijk:
Die "hem" is Jozef. Het slaat niet op Jezus, want een kind kreeg pas een identiteit met de geboorte.
De moeder van Jozef was degene die de ondertrouw tussen Maria en Jozef had geregeld.
VdW:
Mnésteuó =
Mnēsteutheisēs is een vrouwelijk woord. Dus de moeder van Jozef heeft het huwelijk geregeld.
"Zijn moeder" staat er.
Ondertrouwd.
Ondertrouwd gold eigenlijk al voor getrouwd, (zie "vrouw" vers 20) maar men wachtte nog op de bruiloft en het samenwonen. De dood van een ondertrouwde man maakte de bruid tot weduwe, voordat ze getrouwd was.
Ondertrouw maakte de bruid ook tot erfgename van de bruidegom.
In Openbaring 21:9 is de bruid tegelijk ook de vrouw. Dat klopt dus.
Uit de Heilige Geest.
In de grondtekst ontbreekt het lidwoord "de". Dan gaat het over de Heilige Geest als kracht.
Haar man.
Jozef was nog niet gehuwd met Maria. Toch heet hij hier "haar man". Na de ondertrouw was een stel, volgens de wet, al zo verbonden, dat vóór het huwelijk al over "man" en "vrouw" kon worden gesproken.
Ze hadden nog geen gemeenschap gehad.
Niet trouwen.
Jozef mocht eigenlijk niet trouwen met een verloofde, die niet van hem zwanger was.
Niet openbaar te schande.
Jozef wilde Maria sparen. Hij heeft vast haar zelfverdediging gehoord. Hij wil er geen rechtzaak van maken, maar haar verlaten.
Jozef, zoon van David.
In deze aanspraak wordt ook de wettelijke geslachtslijn van Jezus benadrukt.
Uw vrouw.
Een a.s. bruid gold volgens de regels al voor vrouw. Ze zou zelfs voor weduwe gehouden worden, als de bruidegom vóór het huwelijk stierf.
Ondanks de zwangerschap van Maria noemt de engel in de droom Maria nog steeds de vrouw van Józef.
In haar ontvangen.
Letterlijk:
Uit de Heilige Geest.
Wat de engel vertelt komt overeen met wat Maria waarschijnlijk ook verteld heeft.
Maria zal de woorden van Gabriël hebben weergegeven.
Een Zoon.
Geslacht en naam van het Kind worden Jozef ook bekend gemaakt. Ook de Verwekker wordt bekend gemaakt.
Jozef hoort nu van de engel hetzelfde als van Maria.
Jezus.
Hij zal zalig maken.
Het is toch God die zalig maakt en schuld vergeeft?
Dus: de engel zegt hier: Jezus is God. Hij maakt zalig.
In Lukas 1:31 had Gabriël deze naam Jezus ook tegen Maria gezegd.
Letterlijk:
Het is dus een belangrijke naam. Dat wijst naar de betekenis: Jahweh redt.
Jozef erkent Jezus als zoon.
Door de baby een naam te geven, erkent Jozef Hem als zijn zoon.
Getal 888.
Jesous = 10+8+200+70+400+200=888
8 is het grondgetal van de nieuwe mens Jezus.
De profeet.
Letterlijk:
Bijbels bewijzen.
735 jaar eerder had Jesaja dit voorzegd.
Mattheüs schrijft zijn evangelie voor Joden. Hij wil steeds uit de Bijbel bewijzen dat Jezus de beloofde Messias is.
Het Hebreeuws kent 4 manieren van uitleg:
Hier past Mattheüs "hint" toe. De naam Immanuël is eerder een verwijzing (hint) naar wie Hij is, door deze naam te gebruiken om Hem te omschrijven. Hij heet niet "God met ons", maar in Hem is God met ons.
De maagd.
Letterlijk:
Dit geeft wel aan dat Maria gezegend is onder de vrouwen.
Zijn Naam.
Onoma =
Er staat letterlijk:
Daarmee kan alléén Jahweh bedoeld worden.
Het staat hier duidelijker dan in
Gij zult Zijn naam.
Letterlijk:
De Joden zullen dat roepen als ze Jezus aan het werk zien: "God is met ons"!!! Ze zeggen "dé God is met ons", dus Jahweh.
De profetie van Jesaja 7:14 profeteerde dus niet over de naamgeving van Jezus, maar over wat volgelingen roepen over het werk van Jezus.
Jezus héét NIET Immanuël, maar Hij ís Immanuël.
Immanuël ziet dus op de bediening van Jezus.
Bijbelse bewijzen.
735 jaar eerder had Jesaja dit voorzegd.
Mattheüs schrijft zijn evangelie voor Joden. Hij wil steeds uit de Bijbel bewijzen dat Jezus de beloofde Messias is.
Extra bevestiging.
Hierná kreeg Jozef ook bevestiging dat Jezus echt de Zoon van God was: