Hoofdstuk 2


Vers 2

21e van de zevende maand.

Het is ongeveer 1 maand nadat de herbouw gestart is.

Op de vijftiende dag van deze maand begon het Loofhuttenfeest.

Haggaï sprak dus tijdens het Loofhuttenfeest.

Salomo wijdde de tempel in tijdens het Loofhuttenfeest.

In de zevende maand was het volk heel druk. Er waren 3 feesten.

  1. Bazuinenfeest (dag 1)
  2. Verzoendag (dag 10)
  3. Loofhuttenfeest (dag 15)

Van de herbouw zal nog niet zo veel terecht zijn gekomen.



Vers 4

Leeftijd van Haggaï.

Op grond van deze tekst wordt gedacht dat Haggaï een oud man was en dat hij de eerste tempel nog had gezien.

Erg zeker is dat niet, omdat Haggaï van God de vraag moet stellen over de heerlijkheid van de tempel. Het is dan de vraag of hij ooggetuige was.


Leeftijd van de oudste mensen.

In Ezra 3:12 huilden de mensen die de eerste tempel nog hadden gezien. Die waren toen 55+.

Nu is het al weer 15 jaar later. Ze moeten nu al 70+ zijn.


Dit huis...

Wij onderscheiden verschillende tempels, maar God heeft één woning op Sion.

Er wordt geen nieuwe tempel gemaakt, maar de verwoeste tempel wordt herbouwd.

Hoewel ze bij een puinhoop staan, spreekt de profeet toch over "dit huis".


Grootte.

Deze tempel, die later verfraaid werd door Herodes, was uiteindelijk 275x438m met muren van 30m hoog.



Vers 6

Verbond.

Dat sloot God bij Sinaï. Het was het huwelijksverbond tussen God en Israël.



Vers 7

Nog één ogenblik.

Het lijkt op " het is het laatste uur" in

In 2 Petrus 3:8 vergelijkt Petrus 1000 jaren als 1 dag.


Alles zal beven.

Bij de verzen 22+23 wordt duidelijk dat hier over de eindtijd wordt gesproken.

Het gaat over de tijd van de grote verdrukking.

In Openbaring worden die rampen beschreven.

Vreselijke natuurrampen, waardoor de volken zullen beven.



Vers 8

Heidenvolken beven.

Heil voor heidenen.

Na de ondergang van de antichrist en valse profeet en Gog komt het vrederijk.

De heidenen zullen dan elk jaar naar Jeruzalem opgaan.

De tempel vullen met Gods heerlijkheid.

Dat is nog onvervulde profetie. Dat gebeurt in de eindtijd in de nieuwe tempel.



Vers 10

Grotere heerlijkheid.

In deze 2e tempel zal Jezus komen, de Messias.

God zal heil en vrede geven.

Maar... de Joden verwierpen Hem en toen verschoof het rijk van vrede en gerechtigheid.

De definitieve vervulling zal daardoor pas in de eindtijd zijn, als Jezus terugkomt.


Anders.

Ook op taalkundige gronden, kunnen we beter lezen:

Wíj spreken over verschillende tempels, maar Gód spreekt over één huis.

Er werd geen nieuwe tempel gebouwd, maar de oorspronkelijke tempel werd herbouwd.

In Haggai 2:4 staat ook: de vroegere heerlijkheid van dit huis. Er staat NIET: de heerlijkheid van het vorige huis.

De derde tempel is ook een herbouwd huis van God. Daar zal de Messias zijn gedurende het vrederijk. De beschrijving van deze tempel staat in Ezechiël, vanaf hoofdstuk 40.



Vers 11

Datum.

Het is nu 3 maanden, nadat de herbouw van de tempel gestart is.



Vers 13

Onderwijs uit de wet.

Israël mag niet op dezelfde manier doorgaan als hun vaderen vóór de ballingschap.

Als hun hart onrein is, niet volkomen met God, dan is zelfs de herbouw van de tempel niet aangenaam voor God.

Onreine harten, dan ook onreine offers.


Het is hier de algemene regel.

Wat de priesters hier vertellen is de algemene regel.

Daarop waren uitzonderingen.


Bv. het zondoffer heiligde wel als iemand dat aanraakte.

Bv. het volk kan geheiligd worden door de heilige kleding van de priesters.



Vers 14

Onrein door aanraking van een dode.

Dit was een ernstige vorm van onreinheid. Die onreinheid duurde 7 dagen.



Vers 15

Onreinheid van het volk.

De onreinheid zit vooral innerlijk. Hun harten zijn onrein. Ze hebben meer liefde voor zichzelf dan voor God.

De offers op het altaar kunnen hun onreine harten NIET rein maken.

Bekering is nodig.



Vers 16

Vanaf deze dag en daarna.

Dus: vanaf nu en de komende tijd.



Vers 17

Cursief.

De woorden "koren" en "maten" ontbreken in de grondtekst.


Druiven persen.

Eén druivenpers had 2 afdelingen. Vandaar dat hier 2 verschillende woorden staan.



Vers 19

Let er aandachtig op.

Vanaf deze dag gaat de HEERE zegenen. God heeft gezien wat het volk heeft gedaan.



Vers 22

Zerubbabel en Jezus.

Zerubbabel was de nakomeling van David.

Achter Zerubbabel rijst Jezus op als de ware Zoon van David.

Zerubbabel is een type vd Messias.

Deze profetie gaat over de toekomst.



Vers 23

De koninkrijken verdwijnen.

De koninkrijken verdwijnen, maar niet door natuurrampen, maar door Jezus. Dit is precies wat Daniël aan Nebukadnezar uitlegde.

Ook Johannes beschrijft dat.

Ook de profeet Zacharia plaatst dit bij de wederkomst.

Als de tronen vallen en de koninkrijken verdwijnen, dan komt het vrederijk van de Messias.

De steen die Daniël vanaf een berg omlaag zag komen, zal de hele aarde vervullen.

God zal dit allemaal doen!

Steeds staat er "Ik". God gaat dit allemaal doen.



Vers 24

Mijn Dienaar.

Deze benaming krijgt Zerubbabel als type van de Messias.

Zegelring.

Jechonia, de overgrootvader van Zerubbabel, kon ook een zegelring zijn, volgens

Maar... hij is die bevoorrechte positie kwijtgeraakt.

Een zegelring spreekt van gezag. Men bekrachtigde er wetten mee.



<