Nahum.
= Vertrooster.
Men vermoedt dat hij optrad onder de koningen Manasse, Amon, en Josia.
664-612 v C.
Dan is hij een tijdgenoot van Jesaja.
Dat is al 90 jaar na Jona. Toen bekeerde Ninevé zich, maar in de tijd van Nahum is de stad weer goddeloos.
De last.
Dat wil zeggen: een woord van God dat de profeet als een last is opgelegd.
Het is een Goddelijke opdracht.
Elkos.
Een na-ijverig God.
Naijver is goede jaloersheid.
Een man kan naijverig zijn als zijn vrouw het aanlegt met een andere man.
Alfabetisch lied.
De verzen 2 t/m 8 vormen een alfabetisch lied. 11 opeenvolgende letters worden gebruikt.
God houdt de schuldige niet onschuldig.
Ieder is zelf verantwoordelijk voor zijn houding tegenover God.
Rivieren verdrogen.
Gebergten verdrogen.
Als God in Zijn toorn de regen inhoudt, dan verdroogt alles.
De bergen beven.
Het meest vaste op aarde houdt geen stand voor Gods toorn.
Zijn plaats.
Nineve?
Vijanden.
Assyriërs.
Wat u ook bedenkt..
U=Assyrië.
Ze hebben onder Sanheribs zoon Esar-Haddon in 681 v C. Juda al 1x benauwd, ttv Manasse werd Jeruzalem ingenomen en Manasse naar Babel gebracht.
Geen 2e keer.
Dat zal, alle plannen ten spijt, niet voor een 2e keer gebeuren.
In Juda zijn ze dronken. Ze hebben geen goed zicht op de werkelijkheid. Door Sanherib is al een deel van Juda weggevoerd (701) Toen werd in 722 het 10stammen rijk weggevoerd. In 681 voerde Esar-Haddon ttv Manasse, weer een deel van Juda weg.
Uit u.
Uit Ninevé.
Een verderfelijke raadsman.
In vers 15 komt ook een "verderfelijke man" voor. Er staat: belialsman.
Dus een nietswaardig mens.
Dat is waarschijnlijk een Assyrische koning, of de engelvorst die door de koning gerepresenteerd wordt. Hij komt om. Babel maakt een eind aan de macht van Assyrië.
Juda mag blij zijn.
Al gaat het hun goed.
Dat zijn de Assyriërs.
Ze worden weggeschoren.
De Assyriërs zullen door Babel worden verslagen.
Ik heb u wel vernederd.
God heeft Juda wel vernederd. Dat gebeurde onder koning Manasse. Jeruzalem werd ingenomen en Manasse ging in de gevangenis in Babel.
Dat zal niet nog een keer gebeuren door Assyrië.
Zijn juk.
Dat is de onderdrukking door Assyrië.
Van u breken.
Juda wordt bevrijd van de Assyrische onderdrukking.
Ik zal uw graf toebereiden.
Assyrië zal ten onder gaan.
Goede boodschapper.
Deze boodschapper komt de ondergang van Assyrië verkondigen. Dat gebeurde in 609 v C.