Hoofdstuk 6


Vers 1

Verscheurd door God

10-stammenrijk en 2-stammenrijk zijn uit elkaar gescheurd door God.

God verwondde hen, maar Hij zal ook verbinden.

Dit laatste ziet op de toekomst. De oproep tot bekering heeft tot nu toe niet het gewenste gevolg gehad. De oproep heeft een helder doel: opdat Hij ons weer zal genezen.



Vers 2

Na twee dagen.

Volgens 2 Petrus 3:8 is 1 dag als 1000 jaar.

Gezien vanaf het jaar 70 zijn er bijna "2 dagen" (=2000 jaren) van verstrooiing voorbij. De derde dag , het derde millennium, zal het volk Israël herrijzen en komt het Messiaanse rijk. "Hij komt naar ons toe" zegt vers 3. Dat is de wederkomst.


VdW: "na 2 dagen zal Hij ons doen herleven. Op de derde dag zal Hij ons doen opstaan, opdat wij voor Zijn aangezicht mogen leven."


Na twee dagen.

Rabbi Rashi ziet:

Dan begint de derde dag ook als het Messiaanse rijk er komt.



Vers 3

3a hoort eigenlijk bij vers 2.


Dan zullen wij kennen.

Als Jezus wederkomt, dan zullen de Joden Hem herkennen en ook erkennen als hun Messias. Jezus heeft dat voorzegd.

Dageraad.

môwtsâ.

= plaats van opkomst.

De dageraad begint als de zon opkomt. Hier wordt bedoeld dat Jezus, de Zon van de gerechtigheid, wederkomt.

VdW :zonsopgang.

VdW:"Zo zeker als de zon opgaat, zal Zijn dageraad zijn. (Gods terugkeer in de tempel en de wederkomst van Jezus)


Als late regen.

De vroege regen was al bij de uitstorting van de Heilige Geest op de pinksterdag.

Dat zal in de eindtijd opnieuw gebeuren. Opnieuw geeft God Zijn Geest. Dat is de late regen.

Dageraad.

God keert terug in Zijn tempel, de tempel die Ezechiël beschrijft.

Aarde onderwijzen:



Vers 4

Terugblik van God.

Na deze heilsbeloften kijkt Hosea terug. Het is God zelf die terugkijkt vanuit de toekomst . Bedroefd omkijken.

VdW:" Wat moet Ik met u aan, o Efraïm? Wat moet Ik met u aan, o Juda?"...

Toch, Gods liefde blijft bestaan.



Vers 5

Ingehakt.

= klieven, scheiden.

  1. Scheiding tussen Israël en Juda.
  2. Scheiding tussen God en Zijn volk (Lo-ammi = niet Mijn volk)

"Ik heb ze gedood".

dwz. God beschermt hen niet meer. Dan grijpt satan zijn kans. Dat begint al met Assyrië dat het 10-stammenrijk wegvoert.


"De oordelen over u".

De oordelen over het volk laten licht schijnen over Gods macht en gerechtigheid.



Vers 6

Vreugde in goedertierenheid.

Juist die goedertierenheid waarvan God zo blij wordt, was er niet bij het volk.

Er moet toewijding aan God zijn met het hárt.



Vers 7

Als Adam.

NBV : in de stad Adam.

Naardense Bijbel : In Aram.


Over een werkverbond of genadeverbond met Adam spreekt de bijbel niet in Genesis. Die woorden komen in de Bijbel niet voor. De exegese van Hosea 6:7 is nogal onzeker. Hier lijkt het over een verbond met Adam te gaan, maar zeker is dat niet. Efraïm en Juda verbraken het verbond, ze overtraden, net als eens Adam deed.

Efraïm (vers 4) brak het Sinaïtische verbond.

In Dan en Beth-el, waar de gouden kalveren stonden, overtraden ze Gods verbond.



Vers 8

Gilead

Gilead is een streek in het Over-Jordaanse.

VdW:



Vers 9

Roversbenden.

VdW: zoals mensen door roversbenden in een hinderlaag opgewacht worden, zo is de leefwijze van de priesters. Ze plegen doodslag...."


Sichem.

In Sichem viel Jerobeam I ook van God af: Hij begon met de kalverendienst in Dan en Bethel.



Vers 10

Hoererij van Efraïm.

Efraïm, het 10-stammenrijk of Israël, ging de gouden kalveren dienen toen het rijk na Salomo scheurde. God noemt afgoderij hoererij.



Vers 11

God belooft een omkeer.

VdW: als Ik het lot van Mijn volk zal doen keren".

Dit is onvervulde profetie van de eindtijd.


Omkeer.

Die omkeer zien we zeker na 1948. Gods volk gaat weer wonen in Gods land.



<