12 jaar ná de wegvoering van Jojachin.
Hét is dus 2 jaar na de boodschap van Ezechiel 31.
18 maanden na de val van Jeruzalem.
Egypte was een machtige en gevreesde staat.
Mijn net
God geeft Nebukadnezar het net in handen.
In Ezechiel 30:24-25 was het Gods zwaard.
Verwoesting
In Egypte wordt waarschijnlijk veel in brand gestoken. Rookwolken verduisteren alles.
Als olie
Beeld van volken die weer tot rust komen.
Dit klaaglied is 14 dagen na het 1e klaaglied.
Ezechiël moet klagen en uitbeelden dat hij Egypte gaat begraven.
Andere machtige koningen zullen farao en zijn volk verwelkomen in het dodenrijk.
Graf
Qeber
=graftombe
Kuil
Bôr = dodenrijk
Allen gesneuveld.
Helden met hun wapenrusting.
Dat zijn de gesneuvelde Chaldeeën. Ze werden met krijgsmanseer begraven met het zwaard onder hun hoofd.
Schrale troost.
Egypte troost zich dat het niet de enige is die door Nebukadnezar ten onder is gebracht.