Hoofdstuk 39


Vers 1

590 v C

Belegering

Nebukadnezar bouwde een wal buiten het bereik van katapult en blijde die Uzzia maakte. 2 Kronieken 26:15


Misschien verborg Jeremia de ark en tempelinventaris tussen de stadsmuur en deze belegeringswal.



Vers 2

Juli 588 v C kwamen er bressen in de stadsmuur, na belegering van 18 maanden.

9 Av



Vers 3

De namen staan ook op een kleitablet in Londen.

Rab-mag= overste vd magiërs.



Vers 4

De bovenstad was in handen van de Chaldeeën.



Vers 6

Zedekia was pas 32 jaar, dus de zonen waren nog erg jong.

Een van de zonen, Malkia, had een put. Daarin kwam de profeet Jeremia.



Vers 9

Ballingschap voorzegd.



Vers 11

De afvallige overlopers hadden ws over Jeremia verteld. Nebukadnezar weet van Jeremia en zijn boodschap.



Vers 14

Gedalia wordt stadhouder.

Volgens Jeremia 40:1 gingen de gevangenen eerst naar Rama. Rama ligt iets ten noorden van Jeruzalem. Daar werd Jeremia vrij gelaten.



<