Hoofdstuk 29


Vers 1

In 598 v C waren er 10.000 weggevoerd, ook Daniël en Ezechiel.


Profeten.

Jeremia schrijft tegen valse profeten.



Vers 2

Jechonia

=Jojachin



Vers 5

Leef zoals je in Kanaän zou leven en wacht op het einde vd 70 jaren.

Jeremia 25:11 De 70 jaren worden gerekend vanaf 1e jaar van Nebukadnezar. 606 v C



Vers 7

Joden weg, zegen weg.



Vers 10

70 jaren.

Daniël ging bidden toen hij dit las.

Die 70 jaren waren als straf al in Leviticus 26 aangekondigd.

70 sabbatsjaren had Israël niet gehouden. Na de wegvoering moest het land 70 jaren rusten.



Vers 11

God blijft trouw aan Zijn verbond.

Er is straf, maar God laat Zijn volk niet los.

Wel straf, maar geen vernietiging.

In Leviticus 26:44-45 beloofde God dat ook, nadat Hij vreselijke straf had bedreigd.



Vers 13

Heel uw hart

Dat slaat niet op volmaaktheid, maar is het tegengestelde van dubbelhartigheid, huichelachtigheid.


Wanneer u

Letterlijk: omdat u



Vers 14

We lezen hier dus:

  1. Eerst bekering en zoeken naar God.
  2. God brengt daarna terug naar Kanaän.



Vers 17

Jeremia 24:8

Jeremia ontneemt de ballingen door deze brief de hoop dat Jeruzalem niet zal vallen.



Vers 18

Bijbels patroon

Het is een bijbels patroon dat rampen ah oordeel vooraf gaan.



Vers 19

Niet luisteren

Niet luisteren is dus ongeloof. Daarop volgt zware straf.

Gehoorzamen is geloof. Johannes 3:36



Vers 21

Achab en Zedekia zijn valse profeten die in Babel zijn.

Ze ondergingen daar een vreselijk lot.

Ze kwamen ws in een vurige oven. Jeremia 29:22

In vers 23 worden hun zonden genoemd.



Vers 24

Semaja

Ook een valse profeet in Babel.



Vers 26

Semaja stuurt een brief naar de hogepriester.

Dit schrijft Semaja aan de (hoge)priester Zefanja.

Hij beweert dat hij in opdracht van de Heere schrijft. Hij wil dat er actie ondernomen wordt tégen Jeremia.


Wie zich voor profeet uitgeeft

Dit advies was al eerder door Pashur in praktijk gebracht.



Vers 28

Jeremia 29:5



<