Op de troon van David
Jeremia 22:4
Jeremia 29:16
In Jeremia 17:21-24 lees je hetzelfde , maar dan gaat het over het sabbatsgebod, en niet over zorg voor weduwe en wees.
Dit huis.
= paleis.
Verdervers
=Chaldeeën van Nebukadnezar.
Sallum
= Joahaz
Die was opvolger van Josia.
Josia is de dode.
Over hem hoeft niet geweend te worden. Hij stierf godzalig.
Sallum=Joahaz werd na 3 maanden door farao Necho afgezet en meegenomen naar Egypte. Daar zal Hij sterven.
Sallum.
Dat is Jojakim.
Wee hem
Het gaat over Jojakim, een oudere broer van Joahaz. Jojakim is heel anders dan vader Josia. Jojakim is onrechtvaardig.
Jojakim wedijvert met Salomo om een mooier paleis te maken.
Neem een voorbeeld aan vader Josia.
Chonja.
= Jojachin = Jechonia, zoon van Jojakim.
Hij was de 8 jarige mederegent, de hoop van het volk.
U en uw moeder
U=Jojachin
Moeder= Nehustha
Ander land
Babel
2 Koningen 24:12
Kinderloos
Jojachin had alléén dochters. Hier brak de afstammingslijn.
Hét gaat even verder via erfdochter.
Zijn opvolger is oom Zedekia, zoon van Josia.