Hoofdstuk 2


Vers 2

Israël is bruid van God

God denkt aan de tijd dat Israël net uit Egypte was vertrokken. Israël mopperde toen wel, maar volgde toch Gods bevelen.



Vers 3

De eersteling.

Het 3e feest van God is de aanbieding van de eerstelingschoof aan God.

Deze eerstelingschoof is heilig en hier een beeld van Israël.


De eersteling van Zijn opbrengst.

Ná het aanbieden van de schoof werd de gerstoogst binnengehaald.

Zo is Israël temidden van de volken.



Vers 10

Kittiërs.

Bewoners van Cyprus.

Het staat ook wel voor de Romeinen.

Kedar.

Zoon van Ismaël.



Vers 11

Zijn Eer

Dat is God.

Israël verliet God en diende afgoden.



Vers 13

2 kwaden.

Het gevolg is: gebrek aan levend water.

Dat betekent: omkomen.



Vers 14

Israël was toch een vrij volk.



Vers 15

Jonge leeuwen

Vijanden. Die verwoestten veel.



Vers 16

Nof en Tachpanes.

Nof = Memfis.

Ook de Egyptenaren plunderden Israël.



Vers 18

Water van Sichor

Sichor is een bevloeiingskanaal in NO-Egypte. Een graangebied.

Wat baat het verbond met Egypte en Assyrië?



Vers 23

Net als een tochtige vrouwtjeskameel rent ze steeds heen en weer.



Vers 24

Opsnuivend

Ze wil ruiken waar de mannetjes zijn.

Afgoderij wordt hier vergeleken met onweerstaanbare drift van bronstige dieren.



Vers 25

Verhinder uw voet

Loop niet zo snel naar de afgoden. Je verliest bijna je schoenen.

Je wordt er dorstig van.


Maar het volk zegt: het is tevergeefs om ons te vermanen.



Vers 27

Zo beroven ze God van Zijn eer als Schepper.


Onheil

Als onheil hen treft roepen ze God opeens wel aan.



Vers 31

Een woestijn geweest

God bedoelt: Ik heb u toch niet laten omkomen.


We komen niet meer naar U

Israël wil eigen wegen gaan. Israël voelt zich vrij, ongebonden.



Vers 32

De bruid, de jonge vrouw

Ze denkt steeds aan de huwelijksdag en is zuinig op haar sieraden.

Maar... Israël denkt helemaal niet terug aan de verbondssluiting op Sinai.



Vers 33

De slechtste vrouwen kunnen nog veel van Israël leren.



Vers 34

Bloed in de kleding

Er zijn duidelijke bewijzen dat er veel onschuldigen zijn vermoord.



<