Hoofdstuk 1


Vers 1

De schrijver.

God noemde hem met 2 verschillende namen:

  1. Salomo.
  2. Jedid-Jah.

Prediker.

qôheleth.

Er zijn voor dit Hebreeuwse woord veel vertalingen voorgesteld.

Het Boek hoorde bij de Joodse canon, maar later waren er toch weer critici in sommige rabbijnse scholen.

In 90 n C is er een positieve uitspraak geweest over de canonieke status. Opnieuw in 200 n C omdat de discussie steeds oplaaide.


Opzet:

  1. Salomo zoekt voldoening te vinden in de aardse dingen.
  2. Hij verdiept zich in vragen die de meeste mensen omzeilen.
  3. Hij slaagt daarin NIET. Prediker 7:23-29.
  4. Hij leerde om de dingen van Gods kant te bezien. Prediker 11:9.
  5. Conclusie: Prediker 12:13.

Werkwijze.

De prediker gaat niet beginnen bij: "de vrees van de HEERE is het begin van de wijsheid." Dat is zijn eindpunt.

Hij gaat staan in de schoenen van een humanist, dus van iemand die in zijn denken uitgaat van zichzelf. Die persoon let op de omgeving en niet op God.



Vers 2

Het motto van dit boek.

Vluchtigheid is de optelsom van alles.

Niets is hier blijvend.

Maar...wat gedaan is uit liefde tot Jezus, dat houdt waarde en zal blijven bestaan.


Eén en al vluchtigheid.

Hier staat een superlatief: vluchtigheid der vluchtigheden.

Vgl. Heilige der Heiligen.

Het gaat dus over grote zinloosheid.


Rode en gouden draad.

Rode draad :Vluchtigheid.

Gouden draad: Godsvrees



Vers 3

Welk voordeel?

Wat baat het ons?

Onder de zon.

De prediker laat ons eerst goed rondkijken op aarde. Daar zie je de zinloosheid en vluchtigheid.

De uitdrukking " onder de zon" komt 29x voor.

Prediker bedoelt dat alles waarover hij schrijft de waarneembare wereld betreft. Prediker richt zich tot publiek welks blik beperkt is tot de horizon.

Alles verkent hij, totdat er maar 1 weg overblijft.


De christen boven de zon.

De christen is "boven de zon" geplaatst.

Zijn werk is niet zinloos.



Vers 7

De kringloop.

De kringloop van het water was Salomo al bekend.

Deze tekst beschrijft heel treffend het voortdurende rondgaan van het water. Het water wordt niet telkens opnieuw geschapen, maar circuleert.



Vers 8

Vermoeiend.

Prediker bedoelt de eindeloze en voortdurende kringlopen.



Vers 9

Onder de zon

Deze uitdrukking komt in Prediker 29x voor. Daarnaast ook nog 3x "onder de hemel".



Vers 13

Treurige bezigheid.

Het leven is als een tredmolen. We zitten erin en we moeten mee. De wereld is aan de vergankelijkheid onderworpen.

De keerzijde staat in

Geniet van wat jouw werk oplevert. God geeft het je.



Vers 17

2 kanten

Salomo onderzoekt 2 kanten:

Hij wil weten wat echt blijvend geluk brengt.

Beide brengen geen blijvend geluk, maar toch is wijsheid beter. Prediker 2:13-14



Vers 18

Echte wijsheid.

De vrees des Heeren is het begin vd wijsheid. Daar is GEEN verdriet bij.

Blijdschap hoort daarbij, de vrucht vd Geest.


Wijsheid vd wereld.

Wie wijsheid vermeerdert, vermeerdert leed.



<