Hoofdstuk 24


Vers 1

Klim naar boven.

74 Mensen klimmen op de Sinaï.

Aäron, Nadab en Abihu waren officieel nog geen priesters.

Bij die 70 oudsten zijn ook Jozua en Hur.


Verbondssluiting.

  1. Verbondsteken: sabbat.
  2. De wolk was als een choepa, een baldakijn, waar onder het huwelijk bevestigd wordt bij de Joden. (Vers 15)
  3. Huwelijksakte in 2-voud, één voor God en één voor Israël, de bruid. Die akte werd ook voorgelezen. Vers 7.
  4. Verbondsmaaltijd vers 11.
  5. Verbondsoffer.



Vers 3

Dat zullen wij doen!

Dit is ahw het ja-woord van het volk aan God.

God trouwde Israël.



Vers 4

12 gedenkstenen.

Ron Wyatt vond deze gedenkstenen bij de Djebel al Laws in Saoedi-Arabië.



Vers 5

Jonge mannen.

De priesters waren nog niet officieel aangesteld. Waren dit Levieten?



Vers 6

Bloed verdeeld in 2 delen.

  1. Gesprenkeld op het altaar. (Vers 2)
  2. Gesprenkeld op het volk. (Vers 8)

Bloed bekrachtigt het verbond.

In Hebreeen 9:19 staat dat Mozes ook de boekrol, de wetsrol, besprenkelde met bloed.



Vers 7

Gehoorzamen en doen.

Israël geeft als Gods bruid aan Hem het ja-woord.

De "trouwakte", de ketoeba, werd door Mozes voorgelezen.

In Hebreeen 9:19 staat dat Mozes ook de boekrol besprenkelde met bloed.



Vers 8

Verbond maken.

Letterlijk:

Men deelde dieren in tweeën.

Er vloeide bloed, het bloed van het verbond.

Zoals in

Wie het verbond breekt, zal het vergaan als de offerdieren die in tweeën gedeeld zijn.

Rabbijnen voegen toe aan deze tekst: we hebben de traditie dat er géén besprenkeling hoort te zijn zonder rituele wassing.

Ze waren er dus zeker van dat Israël bij Sinaï de mikwéh onderging. Naderhand geborenen hoefden dat niet meer. Bij de gemeente moet ieder persoonlijk de doop ondergaan.



Vers 10

Ze zagen de God van Israël.

Letterlijk:

ĕlôhı̂ym kan ook zijn:

Ze zien iets zoals Ezechiël zag.

Mozes zag niet het aangezicht van de HEERE, maar hij zag iets van Jezus, de engel van Gods aangezicht.

Saffier

Kleur: blauw, violet, groen, geel.

Numeri 11:16

In Numeri 11:16 zijn het 70 andere mensen, of het gebeurde toch hier bij Sinaï, maar staat in Numeri chronologisch verkeerd.



Vers 11

Hij strekte Zijn hand niet uit.

Ze zagen wel iets van God, maar bleven gespaard.


Ze aten en dronken.

Ze zijn dan weer bij het volk.



Vers 13

40 dagen.

40 Dagen komt veel voor in de bijbel.

Deuteronomium 9:18. Deuteronomium 9:25.



Vers 16

Bedekte hem.

De wolk bedekte de berg Sinaï. De heerlijkheid van de HEERE was in de wolk. Israël zag dat als vuur.

7e dag.

God roept Mozes pas op de zevende dag. Mozes moest zich goed voorbereiden op deze ontmoeting met God.



Vers 17

De heerlijkheid van de HEERE.

In de wolk is de sjechina, de heerlijkheid van God.

Die is als vuur.

Zo was de wolk ook een vuurkolom.

In het vrederijk is de heerlijkheid des Heeren weer in Jeruzalem. Dan zal daar 's nachts ook licht zijn. Aldaar zal geen nacht zijn. De zon is daar zelfs niet nodig.

Verterend vuur.



<