Waarschijnlijk uit de tijd van Absaloms opstand.
Oproerige menigte.
Het gaat over een menigte, dus over véél vijanden.
Het woord "oproerig" kan ook verwijzen naar het oproer van Absalom.
Bitter woord.
Woorden vol van onheil, zoals een pijl die in gif is gedoopt, of als een scherp zwaard.
Verborgen plaatsen.
Waarschijnlijk complotten die gesmeed worden op geheime plaatsen. David is die onschuldige die beschoten wordt. De tong is een gevaarlijk wapen. Het is als een vuur.
Onverwacht zijn die aanvallen er. De aanvallers zijn voor niets en niemand bang.
God schiet met een pijl.
God schiet met pijlen en treft de vijanden die David met pijlen beschoten.
Deze pijl van God is niet het evangelie. In de bijbel is het woord van God altijd een zwaard.
Hun eigen tong.
In vs 4 is de tong van de vijanden een scherp zwaard. Hier laat hun eigen tong hen struikelen en wordt de oorzaak van hun ondergang.
De rechtvaardige.
Dat is David.
Hij vindt in God zijn schuilplaats.
Hij verheugt zich in God.
God is onze Toevlucht.
Voor ieder die tot God de toevlucht neemt, geeft God rijke beloften.
Op Gods beloften richt ons geloof zich. God maakt Zijn woorden waar.
Beroemen.
De oprechten beroemen zich dat ze in God een krachtige Helper hebben.