Alfabetische psalm.
Het eerste vers begint met de eerste letter van het Hebreeuwse alfabet.
Het tweede vers begint met de tweede letter enz.
De HEERE loven.
De werken van de HEERE.
Denk aan de schepping. Wat is er veel te onderzoeken en te ontdekken.
Maar helaas, veel wetenschappers onderzoeken Gods grote werken, maar ze willen die werken niet als schepping van God erkennen. Ze ontkennen God. Zo worden deze wijzen dwaas genoemd.
Gedachtenis.
De wonderen uit het verleden blijven in herinnering. Bv. Pascha.
Door Zijn daden heeft God ook naam gemaakt. Het is beschreven in de bijbel en het wordt doorverteld. Het is overal bekend.
Genadig en barmhartig.
Naast deze twee eigenschappen noemt God zelf ook nog andere eigenschappen van zichzelf.
Voedsel voor wie Hem vrezen.
In de woestijn vreesden velen God niet. Maar in het algemeen zorgde God toch voor het hele volk.
God denkt aan Zijn verbond.
Kracht.
7 verdreven volken.
Waarheid en recht.
Gods werken laten Zijn wil en Zijn normen zien.
Op deze God kunnen we aan. Zo is Hij en zo blijft Hij.
Deze God is ónze God.
Bevelen.
= geboden.
Ze zijn goed om na te leven.
Zij worden ondersteund.
Zij = de bevelen. (vers 7)
Zijn verbond voor eeuwig.
Vrees des Heeren.
= ontzag voor God.
Dat is iets wat blijvend is.
Het heeft alles te maken met onze levenswandel.
Wat is de vrees des Heeren?