Iets te ondoordacht.
Job erkent dat hij, door zijn grote verdriet, ondoordacht heeft gesproken. Hoe begrijpelijk ook, het was verkeerd.
Pijlen van de Almachtige.
Job weet nog niet dat dit leed hem door satan wordt aangedaan.
Hij ervaart dat hij met pijlen wordt beschoten. In dit geval giftige pijlen, vurige pijlen.
De verschrikkingen doden hem langzaam.
Hij hoopt dat God spoedig een eind aan zijn leven zal maken.
Dit weet Job zeker dat hij altijd de woorden van God heeft gesproken.
Job wil zijn ondoordachte woorden vergoelijken.
Job wil zijn woorden vergoelijken door te wijzen naar dieren.
Als een dier honger heeft, laat hij dat toch ook horen.
Mijn broeders hebben trouweloos gehandeld.
De broeders zijn de drie vrienden. Van vrienden mag je steun verwachten. Helaas, de vrienden zijn onbetrouwbaar, net als een beek die 's zomers uitdroogt.
Wat zijn oprechte woorden krachtig.
Job spreekt oprechte woorden. Die komen hard aan bij de vrienden. Maar wat dacht je dan van hun verwijten?
De vrienden "verkopen" hun vriend Job.