Eeuwig koningschap.
Het was al aan David beloofd.
Dit wordt tegen Maria opnieuw gezegd door de engel Gabriël.
Eeuwig priesterschap verbonden met eeuwig koningschap.
Meer bedreiging.
Vergeleken met de 1e verschijning, in Gibeon, gaat God bij deze 2e verschijning méér bedreigingen uitspreken.
Israël uitroeien uit het land.
Die bedreiging staat ook al in
Waarom heeft de HEERE zo gedaan?
De heidenen stellen vragen: waarom?
Zo wordt Gods Naam door Israël ontheiligd. Vreselijk.
God Zelf belooft het om Zijn Naam te heiligen en Israël terug te brengen.
En.. wij zien dit vervuld worden. Waakt dan!
20 steden in Galilea.
Hier woonden vnl. heidenen. Dat gebied was ook niet in beste toestand.
Kabul.
Kebal = zo goed als niets.
Het was dus een gebied van niks.
Aan Hiram stuurde de koning Salomo 120 talenten goud.
De Millo.
De koningsburcht.
Megiddo.
Salomo verdreef daar de Kanaänieten.
Gezer.
Dit was eigenlijk één van de zes vrijsteden. Pas onder Salomo wordt Gezer een stad van Israël.
Op de Libanon.
Eén van de forten die Salomo bouwde was de "Toren van de Libanon". Die ligt dichtbij Damaskus.
In herendienst werken.
Deze volken moesten eigenlijk uitgeroeid worden. Anders zouden ze Israël tot afgoderij brengen.
Salomo roeit ze niet uit, maar hij komt wel tot afgoderij.
Eloth.
Eilath ligt aan de Golf van Akaba. Die wordt hier Schelfzee genoemd. Dat is het water waar Israël droog doortrok en farao met zijn leger verdronk.
Ezeon-Geber.
Deze plaats heet tegenwoordig Akaba. De jachthaven van Akaba heet nog steeds Ezeon-Geber.
Ofir.
De reis duurde 3 jaren.
Ofir lag waarschijnlijk in Amerika.
Anderen denken aan India of Jemen of ergens in Afrika.