Thamar .
Thamar, dochter van Maächa, dochter van Thalmaï, koning van Gesur.( enclave in over-Jordaanse in Manasse. 2 Samuel 15:8 situeert Gesur in Syrië.)
Kreeg haar lief.
Deze "liefde" is meer eigenliefde dan de liefde zoals die in 1 Corinthiërs 13 wordt beschreven.
Moeilijk om haar iets aan te doen.
Als maagd leefde Thamar afgezonderd en werd haar woning bewaakt.
Maar... echte liefde doet de naaste géén kwaad.
Jonadab.
Jonadab was Amnons neef.
Slechte raad.
Maagden werden bewaakt, dus het was voor Amnon moeilijk om bij haar te komen.
Jonadab had beter het advies kunnen geven om te strijden tegen wellust en om Gods gebod niet te overtreden.
Optie.
Amnon was de eerstgeborene.
Misschien was Jonadab meer fan van Absalom.
Dan wilde hij misschien bereiken dat Amnon door zijn slechte daad zijn positie zou verspelen. Jonadab was waarschijnlijk op de hoogte van een niet al te goede verhouding. Dat blijkt ook uit vers 32.
Hij zal mij aan u niet onthouden.
De wet verbiedt echter een huwelijk tussen half-broer en halfzus .
Thamar.
Later heeft ze ook kinderen.
Eenzaam.
Letterlijk: verwoest.
Haar leven was kapot.
Ontstak hij in woede.
Septuaginta gaat verder:
Eigenlijk eiste de wet de doodstraf voor deze daad.
Maar... David die in dezelfde zonde gevallen was, strafte niet.
Mijn broer Amnon.
Amnon, als kroonprins en plaatsvervanger van David.
Muildier.
Paarden waren er weinig in Israël. Ze waren in de oorlog ook verboden.
Gesur.
In Gesur regeerde Thalmaï, de schoonvader van David.
David verlangde ernaar..
David verlangde niet om Absalom te zien.
NBV:
David wilde tegen Absalom ten strijde trekken.
Afrikaanse bijbel:
heeft hij tegen Absalom geen oorlog gemaakt.
Anders.
Dit (Het verblijf in Gesur) verhinderde David erg om tot Absalom uit te trekken