Hoofdstuk 17


Vers 11

Manasse bezat in Issaschar en in Aser.

Manasse slaagde er niet in om de Kanaänieten te verdrijven uit het hun toegewezen gebied.

Die stam kon, volgens Jozua 17:16, wel wat extra ruimte gebruiken. Ze hadden daarom steden in bezit die eigenlijk bij de stamgebieden van Issaschar en Aser hoorden. De grenzen tussen de stamgebieden was dus wat vaag.


Megiddo.

Volgens Jozua 17:12 konden de Kanaänieten niet echt uit de steden zelf verdreven worden. In Jozua 12:21 wordt wel een koning van Megiddo gedood.

In de tijd van Salomo is Megiddo een stad van Israël.

1 Koningen 9:15.



Vers 14

Klacht over klein gebied.

In Jozua 12:9-24 worden veel steden genoemd, maar geen enkele stad uit het gebied van Efraïm. Alleen Sichem was in bezit.



Vers 15

Ruimtegebrek.

Ze moesten de bosstreken gaan ontginnen.

Ze moesten maar hoger op. In de dalen zaten nog Kanaänieten met strijdwagens. In Jozua 17:18 geeft Jozua de belofte dat ze de Kanaänieten nog zullen verdrijven.

Richteren 1:19.



Vers 16

Beth-Sean.

Volgens de Amarna-brieven was daar een Egyptisch garnizoen.

Egypte had ook strijdwagens.

Richteren 1:19 spreekt ook over de strijdwagens, die Juda belemmerden.



<