Aanvaarden.
Reden voor aanvaarden staat in Romeinen 15:7. Christus heeft ons aanvaard.
Wie moeten elkaar aanvaarden?
Om welke onderwerpen?
De sterke in het geloof.
De zwakke in het geloof.
De een...
Dat is de sterke in het geloof.
De ander..
Dat is de zwakke in het geloof.
Een ander oordelen.
Een vreemde komt in een bedrijf van een ander. Hij ziet een werknemer die hem niet bevalt. Hij zegt: "U bent ontslagen, u deugt niet voor uw werk". Dit is vooral een belediging voor de baas van de werknemer. Waar bemoeit die vreemde zich mee!
Als wij een ander oordelen, is dat vooral een belediging voor God.
Alle dagen gelijk.
Dat is de sterke in het geloof.
Laat allen in eigen geest ten volle overtuigd zijn.
Er ontstaan verschillen.
Paulus spreekt over verschillen tussen gelovigen in gewetenszaken. In de gemeente in Rome waren er christenen uit de Joden en uit de heidenen. Daardoor ontstonden verschillen over:
De dag
De sabbat. Die persoon dient er de Heere mee.
"De dag" kan slaan op:
Die de dag niet houdt
De persoon die op alle dagen de Heere dient.
In alles wat we voor de Heere doen, moeten we de ander respecteren.
Wat is Paulus’ hoofdpunt?
Niet: alle opvattingen zijn gelijk.
Maar wel:
Iemand kan in zulke zaken oprecht God willen eren, ook als hij hierin anders handelt dan jij.
Het gaat Paulus om:
de intentie van het hart,
het geweten voor God,
en wederzijdse verdraagzaamheid in zaken waarin God geen direct gebod voor de nieuwtestamentische gemeente heeft gegeven.
Dus:
Sommigen lezen Romeinen 14:6 als bewijs dat het houden van sabbat of feestdagen niet verplicht is onder het nieuwe verbond.
Anderen zeggen: Paulus heeft het hier niet over het vierde gebod zelf, maar over Joodse feest- en vastendagen rondom de wet.
Beide uitleglijnen bestaan.
Niemand leeft voor zichzelf.
We moeten vol zijn van God. En van daaruit de andere gelovige benaderen.
Ook in een gezin is niet elke broer of zus even gemakkelijk. Maar... we hebben dezelfde vader en daarom accepteren we de lastige broer of zus als broeder en zus.
Alles voor de Heere.
De één doet dit voor de HEERE. Ik zou dat anders doen.
Maar...laat die persoon aan Zijn Heer over. Of... wil jij eigenlijk, zijn heer zijn?
Heersen over doden en levenden.
Dit is een doel van Jezus' opstanding. Hij leeft, want op Gods tijd zal Hij Koning zijn over het huis van Jakob.
Daniël profeteerde dat het koninkrijk van Jezus de héle aarde zal vervullen.
In het vrederijk zijn niet alle onderdanen gelovigen. Er zijn nog veel zondaren.
In het vrederijk heerst Jezus dus over geestelijke doden en geestelijke levenden.
Een ander doel van de opstanding.
U echter..
Rechterstoel.
= bèma.
Daarop zit de scheidsrechter. Een scheidsrechter beoordeelt en beloont of straft. Hij veroordeelt niet.
Wanneer?
We verschijnen voor de rechterstoel ná de opstanding.
We verschijnen met ons verheerlijkte lichaam.
We worden niet beoordeeld direct na ons sterven.
Dit laatste is gebaseerd op
maar "daarna" is iets anders dan "direct".
"Daarna" kan best 2000 of 1000 jaar later zijn.
Ook bij de rijke man en Lazarus lezen we niets over een oordeel ná hun sterven.
Geen aanstoot geven.
Niet irriteren.
Het goede.
De Christelijke vrijheid. Die mogen we niet misbruiken en er dan broeders en zusters verdriet mee doen.
3 kenmerken.
3 kenmerken van het huidige en toekomstige koninkrijk.
Het zijn kenmerken die het hart van de christen raken.
Hier worden vruchten van de Heilige Geest genoemd. Galaten 5:22.
Het is goed..
De sterke moet rekening houden met de zwakke.
Een zwakke, een ex-alcoholist, wil geen alcohol meer drinken. De sterke heeft geen probleem met een glas wijn, maar moet zichzelf verloochenen en géén wijn drinken bij die zwakke.
Hebt u geloof?
Hebt u de gewetensrust vd sterke?
Heb dat voor uzelf.
Je hoeft dat niet te etaleren.
Paulus bedoelt: Bent u een sterke in het geloof?
Twijfel.
De twijfelaar is zwak in het geloof.
Twijfel of het wel goed is dat men iets doet of iets eet. Hij doet het uit mensenvrees. Dat is fout.
We moeten alles toetsen aan het woord en niet doen omdat anderen dat doen of willen.