Mattheus 21:33
Mattheus 22:16-17
Sadduceeën.
Zie Mattheus 22:23.
Wát is het probleem?
Vers 24 zegt:
Dat is misschien wel het echte probleem van deze geschiedenis.
Géén nageslacht.
Een overledene kon voortleven in een door zijn broer verwekt kind.
Dat is niet nodig. Als God ons levend maakte, dan leven we eeuwig. Zo is God een God van de levenden.
Als God zegt:" Ik ben jouw God", dan heb je eeuwig leven. God is een God van levenden.
U kent de Schrift niet.
De Sadduceeën geloofden alléén de Thora. De Thora is voor hen de héle bijbel.
Jezus zegt: "Jullie kennen de Schrift niet".
Jezus dient hen van repliek vanuit de Thora.
Boek van Mozes.
De Sadduceeën vonden de Thora de héle bijbel.
Jezus komt hen tegemoet.
Hij bewijst uit de Thora.
God zegt: Ik ben de God van Abraham.
Abraham is dus nog steeds een levende.
Dus... er is leven ná de dood.
Een God van de doden.
Als je alleen maar bezig bent met discussie over belangrijke dingen, zoals bijbelvertalingen, doop, regeltjes enz. dan gaat het alleen over dít leven.
Dan ben je een Sadduceeër. Dan heb je geen zicht op leven ná de dood.
Als je dat wel ziet, heb je de God van de levenden.
Dan ken je de bijbel.
U dwaalt dus erg.
Als je niet gelooft dat je eeuwig leven hebt, ben je een Sadduceeër.
Dan dwaal je erg!
Met héél uw verstand.
God schakelt ook ons verstand in. We moeten nadenken over Hem, maar ook over de wereld om ons heen.
De Heere.
In Psalm 110:1 staat HEERE. Dat is God de Vader, JHWH.
Het 2e Heere = de Zoon van God.
Grondwoord is kurios. Zo werden ook Paulus en Silas aangesproken door de cipier.
Jezus is de eerste die ps 110 Messiaans maakt.
Dat doet Hij opnieuw vóór Kajafas.
Mattheus 23:5vv
De schatkist.
Een schatkist werd al gemaakt door koning Joas.
quadrans
De quadrans was in die tijd de kleinste munteenheid van het Romeinse Rijk.