Gods bevel.
Het gehoorzamen van Gods bevel zou het geloof van de landbouwer tonen.
God geeft bovendien een belofte van rijke oogst in
Als de landbouwer Gods belofte geloofde, zou hij ook kunnen gehoorzamen.
Helaas is dit gebod zelden of nooit uitgevoerd.
70 sabbatsjaren waren zo, onvervuld, voorbij gegaan. Bij de ballingschap moest het land dan ook 70 jaren rusten.
De wet voorlezen.
Elk sabbatsjaar werd op het Loofhuttenfeest de Thora voorgelezen.
Het woord werd gehoord.
Luisteren is een proces dat meer tijd kost dan lezen. Luisteren kost meer inspanning.
Sabbatsjaar en jubeljaar.
Het sabbatsjaar is het 49e jaar en het jubeljaar het 50e jaar.
Ook het jubeljaar is een rustjaar.
Dus er zijn 2 opeenvolgende jaren, waarin het land rust.
Daarom belooft God ook dat de oogst van het 6e jaar voldoende zal zijn voor 3 jaren.
Het 51e jaar is jaar 1 van de volgende serie van zeven.
Het jubeljaar is tegelijk jaar 1 van de volgende cyclus.
Sommige Joodse uitleggers en latere rabbijnen nemen dit aan. Dan blijft de cyclus steeds 49 jaar lang en valt het jubeljaar samen met het eerste jaar van de volgende zeven. Hun argument is vooral praktisch: anders zouden er twee opeenvolgende braakjaren zijn.
De tekst zegt echter nadrukkelijk:
Dat onderscheid zou vreemd zijn als het vijftigste jaar eigenlijk weer jaar 1 van de volgende telling was. Bovendien bereidt God Zijn volk juist voor op twee jaren zonder normale oogst door de belofte van de drievoudige opbrengst
Vrijheid.
Eén deel van deze tekst staat op de beroemde vrijheidsklok in Philadelphia, Pennsylvanië.
6e jaar.
Hieruit blijkt dat men ná het jubeljaar weer ging tellen. Na het jubeljaar waren 6 jaren om te zaaien. Het 7e jaar is het volgende sabbatsjaar.
Als het jubeljaar als eerste jaar van de cyclus van 7 werd geteld, dan waren er maar 5 jaren over om te zaaien.
Binnen 1 jaar.
In een stad kon je het verkochte huis binnen 1 jaar nog terugkopen.
Daarna kon het niet meer.
Ook in het jubeljaar kreeg je het niet terug.
Dat was in een dorp anders volgens vers 31.