Hoofdstuk 25


Vers 1

4e jaar.

606 v Chr.

Dit was het 1e jaar van Nebukadnezar.

In Daniel 1:1 staat 3e jaar ipv 4e jaar. Dat komt omdat Daniël een Babylonische bestuurder was. Daar telde men het jaar van de troonsbestijging niet mee en in Israël wel.



Vers 3

Vanaf het 13e jaar van Josia.

Van 629-606 v C.

Jeremia predikt al 23 jaar en dat zónder vrucht. Zwaar werk.



Vers 11

Voorzegging.

Deze 70 jaren eindigen in 536 v Chr. Dat is het 1e jaar van Kores. Er is gerekend vanaf het moment dat Jeremia dit sprak en niet vanaf de eerste wegvoering in 598. Dus gerekend vanaf 1e jaar van Nebukadnezar.



Vers 12

70 jaren.

Daniël las over 70 jaren en bad tot God om de verlossing uit de ballingschap.



Vers 14

Grote koningen.

Meden en Perzen.



Vers 15

Dit laatste deel vh hoofdstuk is ook een profetie over de eindtijd, zoals beschreven in Openbaring.

Je leest dat bijzonder in

Jeremia 25:30

Jeremia 25:33

Jeremia 25:35



Vers 26

Koning van Sesach

Dat is de koning van Babel. Ditzelfde lot treft ook Babel.



Vers 29

Het oordeel begint bij het huis van God.



Vers 30

Is dit toekomstperspectief?

Waarschijnlijk wel.

God brult uit Sion.

Ook Joël noemt dat en plaatst dat in de eindtijd.

Het gaat om een geweldig oordeel en om wereldwijde slachtingen onder de goddeloze mensen. Ook dat past in de eindtijd.

God keert Zich tegen de "herders", de leiders van de volken.

Ook Zacharia noemt Gods strijd tegen de herders en plaatst dat ook in de eindtijd.



<