7e maand.
Dat is de maand van de 3 najaarsfeesten volgens Leviticus 23.
Waterpoort.
Bij het Kedrondal.
Wetboek van Mozes.
Om de 7 jaar als men op het Loofhuttenfeest de wet voor.
Het volk stelt zich open voor Gods woord. Dat is verstandig.
Wat zijn verstand betrof..
Dat zijn kinderen die dit al kunnen begrijpen.
1e dag van de 7e maand.
Dat is de dag van de nieuwe maan, de 1e dag van het Bazuinenfeest.
Het is de nieuwjaarsdag van het burgerlijk jaar.
Tot de middag.
Hij las ongeveer 6 uren.
In de pauzes legden de Levieten alles uit.
Ezra stond.
Gods woord werd stáánde gelezen. Staan is teken van eerbied.
Zittend sprak men evt. eigen woorden.
Deze dag is heilig.
Het was de eerste dag van het Bazuinenfeest, een feest van God.
Houd de dag heilig, niet door gehuil, maar door de zonden te verlaten.
Zodra het volk de uitleg begrijpt, verheugt het zich. Ze horen ook over dierbare beloften en krijgen hoop.
Over de verzoendag lezen we niets, maar er was ook geen ark.
Ná het Loofhuttenfeest zien we bekering.
Het volk huilde.
Ezra legt Gods feesten uit.
Het is heel goed mogelijk dat de Joden onbekend waren met Gods feesten. Ze huilen als ze erover horen.
Vreugde van de HEERE.
= een verheugen in Gods goedheid en de tekenen daarvan.
Ze worden zich bewust dat deze God hún God is.
Dat is uw kracht.
Letterlijk:
Loofhuttenfeest.
Dit is het laatste van Gods feesten, 15 Tisri begint het.
Op dit feest moest men echt vrolijk zijn.
Loelav.
Met de loelav zwaait men. De loelav bestaat uit 4 onderdelen.
Het beeldt uit de hele gemeenschap van Israël.
Zo niet meer gedaan.
Het Loofhuttenfeest was zeker vroeger nog wel gevierd, maar waarschijnlijk niet zo uitbundig als nu.
Men las dag aan dag.
Om de 7 jaar las men op het Loofhuttenfeest de Thora voor.
De achtste dag.
De achtste dag is de dag van de vreugde van de wet:
Simchat Thora.