Hoofdstuk 12


Vers 4

De Gibeoniet.

Dit was één van de verbitterde Gibeonieten, nadat Saul zich aan de Gibeonieten had vergrepen.



Vers 8

Gadieten.

Dappere helden uit de stam van Gad voegen zich bij David.

In Gods zegen, door Jakob uitgesproken, wordt Gad al als een strijder genoemd.

Ze zijn allemaal aanvoerders over honderd of over duizend.



Vers 15

Actie van de Gadieten.

Ze trekken over de zeer volle Jordaan in de maand Abib.

Dan verslaan ze de inwoners van de laagten.



Vers 19

David met de Filistijnen tegen Saul.

Die geschiedenis staat in

Als David naar Ziklag terugkeert voegen mannen uit Manasse zich bij David. Dat waren ook legeraanvoerders over 1000.



<