Hoofdstuk 25


Vers 1

9e jaar.

Dat is het 9e regeringsjaar van Zedekia.


Datum.

Op diezelfde datum vertelde Ezechiël de gelijkenis van de kokende pot.



Vers 2

Belegering.

1½ jaar.



Vers 3

Erge hongersnood.

Men wilde de kinderen gaan opeten.



Vers 4

Ezechiël.

Hij voorspelde dit.



Vers 7



Vers 8

7e dag.



Vers 9

Het was voorspeld.

God zelf had de wegvoering en verwoesting van de tempel voorzegd tegen Salomo.



Vers 11

Wreedheden van Nebuzaradan.

Drie keer kwam het 2-stammenrijk in opstand tegen Babel.

  1. In 605 v C. Straf: Een klein aantal belangrijke Joden werd meegenomen en er moest veel schatting betaald worden.
  2. In 598-597 v C. Een belangrijk deel van prominenten ging in ballingschap.
  3. De derde opstand eindigt in ballingschap en verwoesting van Jeruzalem en de tempel.

Rabbi Joshua ben Karcha citeert een oude Jood:

Weg uit het land.

Israël ging dezelfde weg als ooit de Kanaänieten t.t.v. Jozua. Die werden uit het land verdreven. Nu treft Israël hetzelfde lot. Dat had God voorzegd.



Vers 13

Pilaren.

  1. Jachin.
  2. Boaz.



Vers 17

Hoogte van kapiteel.

In 1 Koningen 7:16 staat een hoogte van 5 ellen.



Vers 21

Weggevoerd.

3023 personen.

832 personen.

Later nog eens 745 mensen.



Vers 27

Evil-Merodach.

Zoon van Nebukadnezar.


  1. Nebukadnezar.
  2. Evil-Merodach.
  3. Onmondige zoon die vermoord werd.
  4. Nabonaïd I
  5. Nabonaïd II + Belsazar.

Jojachin.

Hij is nu 55 jaar.



<